Akte betreffende de verkiezing van de vertegenwoordigers in het Europees Parlement door middel van rechtstreekse algemene verkiezingen
(authentiek: nl)
1.
In alle lidstaten worden de leden van het Europees Parlement volgens een stelsel van evenredige vertegenwoordiging, hetzij volgens het lijstenstelsel, hetzij volgens het stelsel van één overdraagbare stem, gekozen.
2.
De lidstaten kunnen het uitbrengen van voorkeurstemmen toestaan, overeenkomstig de bepalingen die zij vastleggen.
3.
De leden van het Europees Parlement worden gekozen door middel van rechtstreekse, algemene, vrije en geheime verkiezingen.
Artikel 2
Afhankelijk van de specifieke nationale kenmerken kunnen de lidstaten kiesdistricten voor de verkiezing van het Europees Parlement instellen of voorzien in andere kiesindelingen, evenwel zonder dat over het geheel genomen afbreuk wordt gedaan aan het beginsel van evenredige vertegenwoordiging.
Artikel 3
De lidstaten kunnen bepalen dat er een minimumdrempel voor de verdeling van de zetels wordt vastgesteld. Die drempel mag niet hoger dan 5 % van de op nationaal niveau uitgebrachte stemmen zijn.
Artikel 4
Elke lidstaat kan een maximum vaststellen voor de uitgaven van de kandidaten in verband met de verkiezingscampagne.
1.
De vertegenwoordigers worden gekozen voor een periode van vijf jaar.
2.
Deze periode van vijf jaar begint bij de opening van de eerste zitting na iedere verkiezing.
Zij wordt uitgebreid of bekort overeenkomstig artikel 10, lid 2, tweede alinea.
3.
Het mandaat van iedere vertegenwoordiger begint en eindigt tegelijk met de in lid 2 bedoelde periode.
1.
De vertegenwoordigers brengen hun stem individueel en persoonlijk uit. Zij mogen niet gebonden zijn door instructies en geen bindend mandaat aanvaarden.
2.
De vertegenwoordigers genieten de voorrechten en immuniteiten die de leden van de Vergadering genieten uit hoofde van het Protocol betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Gemeenschappen dat is gehecht aan het Verdrag tot instelling van één Raad en één Commissie welke de Europese Gemeenschappen gemeen hebben.
1.
De hoedanigheid van vertegenwoordiger in de Vergadering is onverenigbaar met die van:
- lid van de Regering van een Lid-Staat;
- lid van de Commissie van de Europese Gemeenschappen;
- rechter in, griffier van of advocaat-generaal bij het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen;
- lid van de Rekenkamer van de Europese Gemeenschappen;
- lid van het Raadgevend Comité van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal of lid van het Economisch en Sociaal Comité van de Europese Economische Gemeenschap en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie;
- lid van het Comité van de Regio’s;
- lid van comités of lichamen die krachtens de Verdragen tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal, de Europese Economische Gemeenschap en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie zijn ingesteld met het oog op het beheer van middelen der Gemeenschappen of ter vervulling van een duurzame taak van rechtstreeks administratief beheer;
- lid van de Raad van Bewind, van de directie of beambte van de Europese Investeringsbank;
- ambtenaar of ander personeelslid in actieve dienst van de Instellingen der Europese Gemeenschappen of van de daaraan verbonden gespecialiseerde lichamen.
2.
Bovendien kan iedere Lid-Staat onder de in artikel 7, lid 2, vastgestelde voorwaarden de incompatibiliteiten vaststellen die op nationaal niveau van toepassing zijn.
3.
De vertegenwoordigers in de Vergadering waarop tijdens de in artikel 3 bedoelde periode van vijf jaar de leden 1 en 2 van toepassing zijn, worden vervangen overeenkomstig artikel 12.
1.
Overeenkomstig artikel 21, lid 3, van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal, artikel 138, lid 3, van het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap en artikel 108, lid 3, van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie stelt de Vergadering een ontwerp voor een eenvormige verkiezingsprocedure op.
2.
Tot de inwerkingtreding van een eenvormige verkiezingsprocedure of van een procedure gebaseerd op beginselen die alle lidstaten gemeen hebben en behoudens de overige bepalingen van deze akte gelden voor de verkiezingsprocedure in elke lidstaat de nationale bepalingen.
Artikel 9
Bij de verkiezing van de vertegenwoordigers in de Vergadering mag niemand meer dan eenmaal zijn stem uitbrengen.
1.
De verkiezingen voor de Vergadering vinden plaats op de door elke Lid-Staat vastgestelde datum, die voor alle Lid-Staten gelegen moet zijn binnen een zelfde periode die aanvangt op donderdagochtend en afloopt op de daaropvolgende zondag.
2.
Met de telling van de stemmen mag pas een begin gemaakt worden na sluiting van de stembussen in de Lid-Staat waar de kiezers het laatst hun stem uitbrengen tijdens de in lid 1 bedoelde periode.
3.
Mocht een Lid-Staat de voorkeur geven aan verkiezingen voor de Vergadering in twee ronden, dan moet de eerste van deze ronden plaatsvinden in de in lid 1 bedoelde periode.
1.
De in artikel 9, lid 1, bedoelde periode wordt voor de eerste verkiezingen nader bepaald door de Raad die, na raadpleging van de Vergadering, met eenparigheid van stemmen besluit.
2.
De latere verkiezingen vinden plaats in de overeenkomstige periode van het laatste jaar van de in artikel 3 bedoelde periode van vijf jaar.
Indien het onmogelijk blijkt de verkiezingen in de Gemeenschap in die periode te houden, stelt de Raad, met eenparigheid van stemmen, na raadpleging van de Vergadering een andere periode vast, die ten vroegste een maand vóór en uiterlijk een maand na de periode valt welke voortvloeit uit het bepaalde in de vorige alinea.
3.
Onverminderd artikel 22 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal, artikel 139 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap en artikel 109 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie komt de Vergadering van rechtswege bijeen op de eerste dinsdag na het verstrijken van een termijn van een maand, te rekenen vanaf het einde van de in artikel 9, lid 1, bedoelde periode.
4.
De aftredende Vergadering is niet meer in functie zodra de nieuwe Vergadering voor het eerst bijeenkomt.
Artikel 12
Tot de inwerkingtreding van de in artikel 7 bedoelde eenvormige procedure of procedure gebaseerd op beginselen die alle lidstaten gemeen hebben, onderzoekt het Europees Parlement de geloofsbrieven van de vertegenwoordigers. Hiertoe neemt het Europees Parlement nota van de officieel door de lidstaten bekendgemaakte uitslagen en beslist het over de bezwaren die eventueel kunnen worden ingebracht op grond van de bepalingen van deze akte met uitsluiting van de nationale bepalingen waarnaar deze akte verwijst.
1.
Tot de inwerkingtreding van de in artikel 7 bedoelde eenvormige procedure of procedure gebaseerd op beginselen die alle lidstaten gemeen hebben en behoudens de overige bepalingen van deze akte, voorziet iedere lidstaat in passende procedures om de zetels die tijdens de in artikel 3 bedoelde periode van vijf jaar zijn opengevallen, voor het resterende tijdvak te doen bezetten.
2.
Wanneer een zetel vacant is geworden op grond van de in een Lid-Staat toepasselijke nationale bepalingen, brengt deze Lid-Staat dit ter kennis van de Vergadering, die hiervan akte neemt.
In alle andere gevallen constateert de Vergadering dat een zetel vacant is en brengt zij de betrokken Lid-Staat daarvan op de hoogte.
Artikel 14
Indien het noodzakelijk blijkt maatregelen ter uitvoering van deze akte te nemen, stelt de Raad op voorstel van de Vergadering en na raadpleging van de Commissie deze maatregelen met eenparigheid van stemmen vast, na een akkoord met de Vergadering te hebben nagestreefd in een overlegcommissie waarin de Raad en vertegenwoordigers van de Vergadering zitting hebben.
Artikel 15
Deze akte is opgesteld in de Deense, de Duitse, de Engelse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Ierse, de Italiaanse, de Nederlandse, de Portugese, de Spaanse en de Zweedse taal, zijnde alle teksten gelijkelijk authentiek.
De bijlagen II en III vormen een integrerend bestanddeel van deze akte.
Artikel 16
De bepalingen van deze akte treden in werking op de eerste dag van de maand die volgt op de ontvangst van de laatste van de in het besluit bedoelde kennisgevingen.
GEDAAN te Brussel, de twintigste september negentienhonderdzesenzeventig.
Inhoudsopgave
Akte betreffende de verkiezing van de vertegenwoordigers in de Vergadering door middel van rechtstreekse algemene verkiezingen
Artikel 1
Artikel 2
Artikel 3
Artikel 4
Artikel 5
Artikel 6
Artikel 7
Artikel 8
Artikel 9
Artikel 10
Artikel 11
Artikel 12
Artikel 13
Artikel 14
Artikel 15
Artikel 16
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht