Let op. Deze wet is vervallen op 1 januari 2009. U leest nu de tekst die gold op -.

Artikel 10 Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst 1998

Uitgebreide informatie
§ 10. Straftoemeting
Bij het opleggen van een boete gaat de inspecteur uit van de percentages of bedragen, vermeld in de hoofdstukken III, IV en V van dit besluit. Aangezien het opleggen van een boete een vorm van straftoemeting is, houdt de inspecteur vervolgens in voorkomende gevallen rekening met omstandigheden die aanleiding geven tot een hogere of een lagere boete dan op grond van deze hoofdstukken kan worden opgelegd (zie hoofdstuk VI van dit besluit).
Toelichting
Om de gewenste uniformiteit te bereiken bij het opleggen en verminderen van boeten wijkt de inspecteur niet af van de percentages of bedragen, vermeld in de hoofdstukken III, IV en V van het besluit, tenzij hij van oordeel is dat een hogere of lagere boete, gelet op alle relevante feiten en omstandigheden, passend en geboden is. De strafverminderende gevolgen van het overschrijden van de redelijke termijn en van het overlijden van belanghebbende, worden behandeld in de paragrafen 11 en 18 van het besluit. In hoofdstuk VI staan bijzondere omstandigheden vermeld waarmee de inspecteur rekening moet houden in het kader van de straftoemeting.
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk I. Algemene bepalingen
- Hoofdstuk II
+ Hoofdstuk III. Verzuimboeten
+ Hoofdstuk IV. Vergrijpboeten
+ Hoofdstuk V. Bijzondere boeten
+ Hoofdstuk VI. Bijzondere omstandigheden
+ Hoofdstuk VII. Overgangs- en slotbepaling
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht