Let op. Deze wet is vervallen op 4 mei 2011. U leest nu de tekst die gold op 3 mei 2011.

Artikel 2 Besluit biobrandstoffen wegverkeer 2007

Uitgebreide informatie
1.
Iedere vergunninghouder levert per kalenderjaar ten minste 4,00% van de door hem uitgeslagen hoeveelheid ongelode lichte olie en gasolie aan als biobrandstof, waarbij zowel bij de ongelode lichte olie als bij de gasolie ten minste 3,5% bestaat uit biobrandstoffen. Bij de berekening van het percentage kan op bij ministeriƫle regeling aan te wijzen biobrandstoffen een bij die regeling vast te stellen wegingsfactor worden toegepast. Bij die regeling kan worden bepaald dat de vergunninghouder in bepaalde gevallen aantoont dat een biobrandstof voldoet aan het in die regeling gestelde en op welke wijze dit aangetoond kan worden.
2.
Biobrandstoffen die in aanmerking komen voor een accijnsverlaging of accijnsvrijstelling blijven buiten beschouwing bij de vaststelling van het percentage, bedoeld in het eerste lid.
3.
De biobrandstof die ingevolge het eerste lid wordt geleverd in verband met de uitgeslagen hoeveelheid ongelode lichte olie bestaat uit een of meer van de volgende producten:
a. bio-ethanol;
b. biomethanol;
c. bioETBE;
d. bioMTBE;
e. synthetische biobenzine;
f. biowaterstof;
g. andere producten die als toegestane componenten zijn gewaarmerkt in EN 228 en in overeenstemming zijn met artikel 2, eerste lid, onder a, van richtlijn 2003/30/EG.
4.
De biobrandstof die ingevolge het eerste lid wordt geleverd in verband met de uitgeslagen hoeveelheid gasolie bestaat uit een of meer van de volgende producten:
a. biodiesel;
b. biodimethylether;
c. biogas;
d. onvermengde plantaardige olie;
e. synthetische biodiesel;
f. andere producten die als toegestane componenten zijn gewaarmerkt in EN 590 en in overeenstemming zijn met artikel 2, eerste lid, onder a, van richtlijn 2003/30/EG.
5.
Het in het eerste lid genoemde percentage wordt als volgt berekend:
energiepercentage biobrandstof = hoeveelheid biobrandstof x onderste verbrandingswaarde biobrandstof / (de totale in een kalenderjaar uitgeslagen hoeveelheid ongelode lichte olie respectievelijk gasolie x de onderste verbrandingswaarde ongelode lichte olie respectievelijk gasolie).
Indien zich in ongelode lichte olie of gasolie biobrandstoffen bevinden, dan wordt de onderste verbrandingswaarde hiervoor gecorrigeerd.
6.
De biobrandstoffen die niet specifiek dienen ter vervanging van ongelode lichte olie en gasolie als bedoeld in de laatste zinsnede van de eerste volzin van het eerste lid, kunnen andere zijn dan die, genoemd in het derde en vierde lid.
Inhoudsopgave
Artikel 1
Artikel 2
Artikel 3
Artikel 4
Artikel 5
Artikel 5a
Artikel 6
Artikel 7
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht