Let op. Deze wet is vervallen op 1 augustus 2009. U leest nu de tekst die gold op 31 juli 2009.

Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar CJIB 2004

Uitgebreide informatie
Besluit van de Minister van Justitie d.d. 21 juli 2004, nr. 5298914/504/CBK, strekkende tot aanwijzing van medewerkers van het Centraal Justitieel Incassobureau tot buitengewoon opsporingsambtenaar
De Minister van Justitie,
Gelet op artikel 142, eerste lid, onder b, van het Wetboek van Strafvordering en op het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar,
Besluit:
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
a.  buitengewoon opsporingsambtenaar: de opsporingsambtenaar als omschreven in artikel 2;
b.  CJIB: het Centraal Justitieel Incassobureau, gevestigd te Leeuwarden.
Artikel 2
Maximaal 65 personen, werkzaam bij de Afdeling Transacties van het CJIB en belast met de opsporing van strafbare feiten, zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar.
1.
De opsporingsbevoegdheid van de buitengewoon opsporingsambtenaar beperkt zich tot de strafbare feiten die zijn genoemd in het Transactiebesluit 1994 .
2.
De opsporingsbevoegdheid geldt voor het grondgebied van Nederland.
1.
Als direct toezichthouder voor de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de korpschef van het regionaal politiekorps Friesland.
2.
Als toezichthouder voor de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de hoofdofficier van justitie van het arrondissementsparket te Leeuwarden.
Artikel 5
De directeur van het CJIB brengt jaarlijks, doch uiterlijk per 1 april, aan de Minister van Justitie verslag uit over het voorafgaande jaar en vermeldt in dit verslag in ieder geval:
a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren bij de Afdeling Transacties van het CJIB;
b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten;
c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van de buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen in dat jaar voor het examen zijn geslaagd.
Artikel 6
Ingetrokken wordt: het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar CJIB 1999.
Artikel 7
De op naam gestelde akten van opsporingsbevoegdheid en beëdiging en de overige benoemingsbescheiden, afgegeven mede op basis van het in artikel 6 genoemde besluit, alsmede de individuele akten van opsporingsbevoegdheid en beëdiging en de overige benoemingsbescheiden van de buitengewoon opsporingsambtenaren die in dienst zijn van de Afdeling Transacties van het CJIB, worden voor de duur van hun geldigheid of tot daarover nader zal zijn beslist, geacht te zijn akten en overige benoemingsbescheiden afgegeven op basis van het onderhavige besluit.
Artikel 8
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 augustus 2004 en vervalt met ingang van 1 augustus 2009.
Artikel 9
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar CJIB 2004.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Den Haag, 21 juli 2004
De van Justitie ,
Minister
namens deze:
Hoofd Bureau Juridische en Beleidsondersteunende Aangelegenheden
Inhoudsopgave
Artikel 1
Artikel 2
Artikel 3
Artikel 4
Artikel 5
Artikel 6
Artikel 7
Artikel 8
Artikel 9
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht