Let op. Deze wet is vervallen op 7 november 2014. U leest nu de tekst die gold op 6 november 2014.

Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar Openbare Ruimte, gemeente Den Haag 2010

Uitgebreide informatie
Besluit van de Minister van Veiligheid en Justitie van 27 oktober 2010, nr. 5671138/Justis/10, strekkende tot aanwijzing van buitengewoon opsporingsambtenaren bij de Dienst Stadsbeheer van de gemeente Den Haag in het domein Openbare Ruimte
De Minister van Veiligheid en Justitie,
Gelezen het verzoek van het hoofd van de afdeling Leefbaarheid & Toezicht van de Dienst Stadsbeheer van de gemeente Den Haag van 29 september 2010 en de daaropvolgende adviezen van de korpschef van de regiopolitie Haaglanden en van de hoofdofficier van justitie te Den Haag;
Gelet op:
artikel 142, eerste lid, aanhef en onder b (en derde lid), van het Wetboek van Strafvordering;
artikel 8, zevende lid, van de Politiewet 1993;
artikel 36, eerste lid, en artikel 41, tweede lid, van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar;
artikel 17, eerste lid, aanhef en onder 2°, van de Wet op de economische delicten.
Besluit:
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder buitengewoon opsporingsambtenaar: de persoon als bedoeld in artikel 2.
Artikel 2
De personen, werkzaam in de functie van gemeentelijk opsporingsambtenaar (junior/medior/senior), in dienst van de afdeling Leefbaarheid & Toezicht van de Dienst Stadsbeheer van de gemeente Den Haag, zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar.
1.
De buitengewoon opsporingsambtenaar is bevoegd tot het opsporen van de strafbare feiten behorend tot het domein I Openbare Ruimte, van bijlage A-I van de Circulaire Buitengewoon opsporingsambtenaar .
2.
De opsporingsbevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, geldt voor het grondgebied van Nederland, voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken.
3.
De buitengewoon opsporingsambtenaar vermeldt in zijn processen-verbaal en schriftelijke verslagleggingen het in het eerste lid genoemde domein.
Artikel 4
Op grond van dit besluit kunnen maximaal 140 personen als buitengewoon opsporingsambtenaar worden beëdigd.
Artikel 5
De buitengewoon opsporingsambtenaar kan de in artikel 7, eerste en derde lid, van de Politiewet 2012 omschreven bevoegdheden uitoefenen en daarbij gebruikmaken van handboeien.
1.
Als toezichthouder als bedoeld in artikel 36 van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de hoofdofficier van justitie bij het Arrondissementsparket te Den Haag.
2.
Als direct toezichthouder als bedoeld in artikel 36 van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de korpschef, bedoeld in artikel 27 van de Politiewet 2012.
1.
Het hoofd van de afdeling Leefbaarheid & Toezicht van de Dienst Stadsbeheer van de de gemeente Den Haag brengt jaarlijks, voor 1 april, verslag uit over:
a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren werkzaam in de in artikel 2 genoemde functie;
b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten;
c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen in dat jaar voor dat examen zijn geslaagd.
2.
Dit verslag wordt toegezonden aan in artikel 5 bedoelde toezichthouder en aan het Ministerie van Veiligheid en Justitie, dienst Justis, afdeling BTR, postbus 20300, 2500 EH Den Haag.
Artikel 8
Het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar controleurs openbaar ruimte van de Dienst Stadsbeheer van de gemeente Den Haag 2010 van 25 maart 2010, nr. 5647289/Justis/10 en het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar gemeente Den Haag, inspecteur openbare ruimte, 2005 van 22 december 2005, nr. 5394035/Justis/05 wordt ingetrokken.
Artikel 9
De op naam gestelde akten van beëdiging en de overige benoemingsbescheiden afgegeven mede op basis van het in artikel 8 genoemde besluit, worden geacht mede te zijn afgegeven op basis van dit besluit.
Artikel 10
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt vijf jaar na het tijdstip van inwerkingtreding.
Artikel 11
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar Openbare Ruimte, gemeente Den Haag 2010.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Den Haag, 27 oktober 2010
De
Minister
teammanager BTR.
Inhoudsopgave
Artikel 1
Artikel 2
Artikel 3
Artikel 4
Artikel 5
Artikel 6
Artikel 7
Artikel 8
Artikel 9
Artikel 10
Artikel 11
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht