1.
In het veiligheidsgebied is een obstakel niet toegestaan, tenzij dit breekbaar en licht van constructie is en gelden eisen ten aanzien van de vlakheid van het terrein.
2.
Het eerste lid geldt niet indien:
a. het obstakel of de helling is opgericht, geplaatst of aangelegd overeenkomstig een bouwvergunning of een aanlegvergunning, of
b. voor het obstakel of de helling vóór de inwerkingtreding van het luchthavenbesluit een bouwvergunning of aanlegvergunning is verleend.
3.
In het gebied, bedoeld in het eerste lid, is het verboden zonder of in afwijking van een aanlegvergunning een werk, geen bouwwerk zijnde, of een werkzaamheid uit te voeren voor zover dit werk of deze werkzaamheid niet voldoet aan de eisen met betrekking tot de vlakheid van het terrein.
4.
Bij ministeriële regeling wordt bepaald op welke wijze de omvang van het gebied wordt vastgesteld en worden nadere regels gesteld over de constructie van obstakels en de vlakheid van het terrein.
1.
In het gebied met hoogtebeperkingen in verband met de vliegveiligheid is geen object toegestaan dat hoger is dan de bij ministeriële regeling vastgestelde waarden.
2.
Artikel 13, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
3.
Bij ministeriële regeling wordt bepaald op welke wijze het gebied wordt vastgesteld.
1.
In het gebied met hoogtebeperkingen in verband met de goede werking van de apparatuur voor luchtverkeerscommunicatie, -navigatie of -begeleiding is geen object toegestaan dat hoger is dan de bij ministeriële regeling vastgestelde waarden.
2.
Artikel 13, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
3.
Bij ministeriële regeling wordt bepaald op welke wijze het gebied wordt vastgesteld.
1.
In het gebied in de omtrek van 6 kilometer rond het luchthavengebied van een luchthaven met een instrumentbaan categorie I, II, of III is een grondgebruik of een bestemming binnen de volgende categorieën niet toegestaan:
a. industrie in de voedingsopslag met extramurale opslag of overslag;
b. viskwekerij met extramurale opslag;
c. opslag of verwerking van afvalstoffen met extramurale opslag of verwerking;
d. natuurgebied of vogelgebied;
e. moerasgebied of oppervlaktewater of een combinatie daarvan groter dan 3 hectare dan wel waarvan het totaal van de opgesplitste delen groter is dan 3 hectare.
2.
Het eerste lid geldt niet voor zover het gebruik of de bestemming rechtmatig was op de dag vóór inwerkingtreding van het luchthavenbesluit.
1.
In het laserstraalvrije gebied is het gebruik van een laserstraal die de vliegveiligheid kan verstoren niet toegestaan.
2.
Artikel 16, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
3.
Bij ministeriële regeling wordt bepaald op welke wijze het gebied wordt vastgesteld.
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
+ Hoofdstuk 2. Burgerluchthavens van regionale betekenis en burgerluchthavens van nationale betekenis
- Hoofdstuk 3. Burgerluchthavens van regionale betekenis
+ Hoofdstuk 4. Aanwijzing luchtvaartuigen die mogen opstijgen of landen van een terrein niet zijnde een luchthaven
+ Hoofdstuk 5. Geluidsheffing burgerluchtvaart
+ Hoofdstuk 6. Overige besluiten
+ Hoofdstuk 7. Slotbepalingen
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht
Jurisprudentie
Voorbeelden van het gebruik van deze artikel(en) in rechterlijke uitspraken