Let op. Deze wet is vervallen op 17 oktober 2007. U leest nu de tekst die gold op 16 oktober 2007.

Besluit gemeenschappelijke beginselen beoordeling biociden

Uitgebreide informatie
Besluit van 21 juli 2004, houdende gemeenschappelijke beginselen voor de beoordeling van biociden en houdende wijziging van het Besluit wijziging toelatingsvoorschriften bestrijdingsmiddelen, het Bestrijdingsmiddelenbesluit, het Besluit milieutoelatingseisen biociden en het Warenwetbesluit deponering informatie preparaten (Besluit gemeenschappelijke beginselen beoordeling biociden)
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 26 april 2004, VGB/P&L 2334001, gedaan in overeenstemming met Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, Onze Minister van Economische Zaken en de Staatssecretarissen van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
Gelet op richtlijn nr. 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 16 februari 1998 betreffende het op de markt brengen van biociden (PbEG L 123) en richtlijn nr. 1999/45/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 31 mei 1999 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten inzake de indeling, de verpakking en het kenmerken van gevaarlijke preparaten (PbEG L 200), de artikelen 3a, eerste lid, 5, vijfde lid en 15, eerste en tweede lid, van de Bestrijdingsmiddelenwet 1962 en de artikelen 5, eerste lid onder c, en 13 van de Warenwet;
De Raad van State gehoord (advies van 1 juni 2004, nummer W13.04.0165/III);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 12 juli 2004, VGB/P&L 2492554, uitgebracht in overeenstemming met Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, Onze Minister van Economische Zaken en de Staatssecretarissen van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel 1
In dit besluit en de daarop rustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. wet: Bestrijdingsmiddelenwet 1962 ;
b. richtlijn: richtlijn nr. 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 1998 betreffende het op de markt brengen van biociden (PbEG L 123).
1.
Met betrekking tot de toelatingscriteria, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel a, van de wet worden voor biociden als nadere regelen en als beginselen voor de beoordeling vastgesteld de gemeenschappelijke beginselen van bijlage VI bij de richtlijn, voorzover die biociden:
a. werkzame stoffen bevatten die zijn opgenomen in bijlage I of IA bij de richtlijn, of
b. werkzame stoffen bevatten, die niet eerder zijn toegepast in biociden welke zijn toegelaten op het moment van inwerkingtreding van dit besluit.
2.
Op een wijziging van Bijlage VI bij de richtlijn is artikel 1, zesde lid, van de wet van overeenkomstige toepassing.
1.
Bij regeling van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid of Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit worden voor de uitvoering van dit besluit nadere regels gesteld die onder meer betrekking kunnen hebben op:
a. de omschrijving van begrippen;
b. de bepaling van berekeningsmethoden;
c. de bepaling van waarden of effecten;
d. de toetsing van uitkomsten aan waarden of gestelde normen; en
e. te verrichten proeven.
2.
De regeling wordt vastgesteld overeenkomstig de in artikel 3a, tweede lid, onderdelen a tot en met d, van de wet aangegeven wijze.
Artikel 4
[Wijzigt het Besluit wijziging toelatingsvoorschriften bestrijdingsmiddelen.]
Artikel 5
[Wijzigt het Bestrijdingsmiddelenbesluit.]
Artikel 6
[Wijzigt het Besluit milieutoelatingseisen biociden.]
Artikel 7
[Wijzigt het Warenwetbesluit deponering informatie preparaten.]
Artikel 8
Biociden, als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder b, waarvoor een volledige aanvraag tot toelating is ingediend op het moment van inwerkingtreding van dit besluit, worden, voor zover de werkzame stoffen daarvan niet zijn opgenomen in bijlage I of IA van de richtlijn, in afwijking van artikel 2, eerste lid, beoordeeld volgens het Besluit milieutoelatingseisen biociden .
Artikel 9
Het Warenwetbesluit deponering informatie preparaten treedt, voor zover nog niet in werking getreden, in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst.
Artikel 10
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.
Artikel 11
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit gemeenschappelijke beginselen beoordeling biociden.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
's-Gravenhage, 21 juli 2004
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport ,
Uitgegeven de dertigste augustus 2004
De Minister van Justitie ,
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
+ Hoofdstuk 2. Wijziging van andere besluiten
+ Hoofdstuk 3. Overgangs- en slotbepalingen
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht