Let op. Deze wet is vervallen op 11 juni 2004. U leest nu de tekst die gold op 10 juni 2004.

Besluit instelling tijdelijke commissie biotechnologie en voedsel

Uitgebreide informatie
Besluit instelling tijdelijke commissie biotechnologie en voedsel
De Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,
Handelende in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad;
Besluit:
1.
Er is een Tijdelijke commissie biotechnologie en voedsel, hier na te noemen commissie, die tot taak heeft het doen organiseren en regisseren van een publiek debat over de ethische en maatschappelijke aspecten van biotechnologie en voedsel, welk debat in 2001 zal plaatsvinden.
2.
Ten behoeve van de in het eerste lid omschreven taak is de commissie belast met de volgende concrete activiteiten:
a. het vergroten en uitwisselen van informatie over biotechnologie en voedsel onder een zo breed mogelijk publiek;
b. het bieden van mogelijkheden tot discussie en tot vorming van meningen en standpunten over het gebruik van moderne technologie bij voedsel en over de randvoorwaarden en grenzen die daaraan volgens de betrokken partijen moeten worden gesteld;
c. het vastleggen van de uitkomsten van het publieke debat, waarbij de commissie desgewenst eigen aanbevelingen kan doen.
Artikel 2
Bij de inrichting van het publieke debat besteedt de commissie in ieder geval aandacht aan de randvoorwaarden voor:
a. voedselveiligheid;
b. voedsel en gezondheid;
c. het voedselvraagstuk op mondiaal niveau;
d. milieu en ecologie;
e. belangen van burgers en consumenten, waaronder in ieder geval worden begrepen ethische vraagstukken, etikettering en keuzevrijheid,
zulks mede in het licht van de rol van de overheid en de Europese en internationale dimensie.
Artikel 3
De commissie brengt de uitkomsten van het debat vóór 1 februari 2002 schriftelijk uit aan de minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.
1.
De minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij benoemt, schorst en ontslaat de leden van de commissie.
2.
Te rekenen vanaf 12 januari 2001 bestaat de commissie uit de volgende leden:
a. de heer dr. J.C. Terlouw, voorzitter;
b. de heer ir. H.C. Scheffer;
c. de heer prof. dr. E.R. Seydel;
d. mevrouw R.M. Dorrestein;
e. de heer prof. dr. ir. F.J. Kok;
f. mevrouw M.D.A.M. Veraart;
g. de heer prof. dr. H. Galjaard;
h. mevrouw dr. H.M. de Boois;
i. de heer prof. dr. L. de la Rive Box.
Artikel 5
De commissie wordt ondersteund door een ambtelijk secretaris, die ter beschikking wordt gesteld door het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.
1.
De uitvoering van de concrete activiteiten voor het organiseren van het publieke debat vindt plaats door een projectorganisatie onder verantwoordelijkheid van de commissie.
2.
Aan de projectorganisatie wordt deelgenomen door de Stichting Voedingscentrum Nederland, de Stichting Consument en Biotechnologie en de Stichting Weten.
1.
De commissie rapporteert tweemaandelijks over de inhoud en voortgang van haar werkzaamheden aan een ambtelijke stuurgroep, bestaande uit vertegenwoordigers van de ministeries van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Economische Zaken, Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen alsmede van het Directoraat-Generaal Internationale Samenwerking.
2.
De commissie verstrekt aan de minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij de voor de uitoefening van zijn taak benodigde inlichtingen. De minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij kan inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden, voorzover dat voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijs noodzakelijk is.
1.
De kosten van de commissie komen voor rekening van de minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, overeenkomstig een door deze goedgekeurd projectplan met bijbehorende begroting.
2.
Na afloop van de werkzaamheden zal de commissie financiële verantwoording in de vorm van een eindafrekening aan de minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij sturen.
3.
Het Vacatiegeldenbesluit 1988 en het Reisbesluit binnenland zijn van toepassing.
Artikel 9
De archiefbescheiden van de commissie worden na opheffing of, indien de omstandigheden daartoe aanleiding geven, zoveel eerder, opgeborgen in het archief van het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.
1.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 12 januari 2001.
2.
Dit besluit vervalt drie maanden na de datum waarop de commissie de uitkomsten van het debat aan de minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij heeft uitgebracht.
Artikel 11
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit instelling tijdelijke commissie biotechnologie en voedsel.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
's-Gravenhage, 6 februari 2001
De
Minister
Inhoudsopgave
Artikel 1
Artikel 2
Artikel 3
Artikel 4
Artikel 5
Artikel 6
Artikel 7
Artikel 8
Artikel 9
Artikel 10
Artikel 11
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht