Artikel 12
De uitvoerder taakstraffen oefent toezicht uit op de verrichtingen van de taakgestrafte en de omstandigheden waaronder deze plaatsvinden. Het toezicht omvat ook de veiligheid, de gezondheid en arbeidsomstandigheden op de projectplaats en de redelijkheid van de opgedragen werkzaamheden of opgelegde verplichtingen.
1.
Een verzoek om medewerking of een opdracht als bedoeld in artikel 22e, tweede volzin en 77o, eerste lid, van de wet juncto artikel 147 van het Wetboek van Strafvordering kan mede inhouden dat de uitvoerder taakstraffen de volgende beslissingen kan nemen:
a. de beslissing om in bijzondere gevallen de projectplaats of de aard van de werkzaamheden te wijzigen;
b. de beslissing, bedoeld in artikel 15, tot het geven van een waarschuwing indien de taakstraf niet naar behoren wordt uitgevoerd;
c. de beslissing, bedoeld in artikel 16, tot opschorting van de tenuitvoerlegging van de taakstraf, met advies aan de officier van justitie tot het voortijdig beëindigen van de tenuitvoerlegging van de taakstraf.
2.
Alvorens een beslissing wordt genomen wordt de taakgestrafte, zo mogelijk, door de uitvoerder taakstraffen gehoord.
3.
De beslissing wordt schriftelijk vastgelegd, gedagtekend en gemotiveerd. Bij de rapportage aan de officier van justitie wordt de op schrift gestelde beslissing en, indien kenbaar gemaakt, het standpunt van de taakgestrafte gevoegd. De uitvoerder taakstraffen rapporteert zo spoedig mogelijk aan het openbaar ministerie. Een afschrift van de rapportage en de bijbehorende stukken wordt aan de taakgestrafte ter beschikking gesteld.
Artikel 14
Bijzondere gevallen, als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onder a, kunnen zijn: onvoldoende beschikbaarheid van werk, een onoplosbaar conflict op de projectplaats, ongeschiktheid van de taakgestrafte voor het werk of het niet aansluiten van verplichtingen bij de specifieke omstandigheden van de taakgestrafte.
Artikel 15
De uitvoerder taakstraffen geeft ten hoogste eenmaal een waarschuwing aan de taakgestrafte wegens het niet naar behoren verrichten van de taakstraf.
1.
De uitvoerder taakstraffen kan de tenuitvoerlegging van de taakstraf opschorten indien na een waarschuwing de taakgestrafte de taakstraf wederom niet naar behoren verricht of na een ernstige misdraging van de zijde van de taakgestrafte. De uitvoerder taakstraffen stelt de officier van justitie onverwijld van deze beslissing op de hoogte, met het advies de tenuitvoerlegging van de taakstraf te beëindigen.
2.
Het openbaar ministerie neemt zo spoedig mogelijk na de onvangst van het advies een beslissing als bedoeld in de artikel 22f of  22g van de wet.
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk I. Begripsbepalingen
+ Hoofdstuk II. De inhoud van de taakstraf
+ Hoofdstuk III. De plaatsing
- Hoofdstuk IV. De uitvoerder taakstraffen
+ Hoofdstuk V. De taakgestrafte
+ Hoofdstuk VI. Klachten
+ Hoofdstuk VII. Het Centraal Justitieel Incassobureau
+ Hoofdstuk VIII. Overige bepalingen
+ Hoofdstuk IX. Slotbepalingen
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht
Jurisprudentie
Voorbeelden van het gebruik van deze artikel(en) in rechterlijke uitspraken