Let op. Deze wet is vervallen op 1 januari 2007. U leest nu de tekst die gold op -.

Besluit toezicht beleggingsinstellingen 2005

Uitgebreide informatie
1.
Onze Minister kan, ter uitvoering van artikel 17c, eerste lid, van de wet, een staat aanwijzen als staat waar het toezicht in voldoende mate waarborgen biedt ten aanzien van de belangen die de wet beoogt te beschermen indien:
a. de in die staat geldende regels voor het aanbieden van rechten van deelneming in een beleggingsinstelling en het toezicht op de naleving daarvan gelijkwaardig zijn aan het bij of krachtens de wet bepaalde, met betrekking tot:
1°. deskundigheid en betrouwbaarheid;
2°. financiële waarborgen;
3°. bedrijfsvoering, waaronder maatregelen gericht op het bevorderen en handhaven van een integere bedrijfsvoering;
4°. aan de deelnemers in de beleggingsinstelling, de toezichthouder en aan het publiek te verstrekken informatie; en
5°. waarborgen voor een adequaat toezicht op de naleving van de in die staat gestelde regels;
b. de samenwerking tussen de toezichthouder en het bevoegde gezag in die staat is gewaarborgd; en
c. voor het bevoegde gezag in die staat regels gelden die gelijkwaardig zijn aan die in de artikelen 26 tot en met 27d van de wet.
2.
Indien Onze Minister een verzoek van een staat, om te beoordelen of in die staat in voldoende mate waarborgen worden geboden ten aanzien van de belangen die de wet beoogt te beschermen in behandeling neemt, vraagt Onze Minister advies aan de toezichthouder alvorens een besluit te nemen over het verzoek.
3.
Het advies aan Onze Minister heeft betrekking op de vraag of de regels in de betrokken staat en het toezicht dat op de naleving daarvan wordt uitgeoefend in de betrokken staat gelijkwaardig zijn aan het bij en krachtens de artikelen 5 en 12 van de wet bepaalde.
4.
Onze Minister verschaft de toezichthouder alle informatie en middelen die nodig zijn om een advies te geven over het verzoek van de desbetreffende staat.
5.
Onze Minister stelt als voorwaarde bij het toewijzen van het verzoek dat de betrokken staat Onze Minister in kennis stelt van wijzigingen in de regels en in het toezicht op de naleving van de regels, bedoeld in het eerste lid.
6.
Onze Minister verzoekt de toezichthouder in voorkomend geval om aanvullend advies.
7.
Onze Minister kan indien daartoe aanleiding is de aanwijzing tot staat waar het toezicht in voldoende mate waarborgen biedt intrekken.
Artikel 82
De artikelen 36 en 39 tot en met 49 zijn van overeenkomstige toepassing op beleggingsinstellingen als bedoeld in artikel 17c, eerste lid, van de wet.
Inhoudsopgave
+ § I. Inleidende bepalingen
+ § II. Bepalingen ter uitvoering van de artikelen 5, eerste lid, en 9, tweede lid, van de wet
+ § III. Bepalingen ter uitvoering van artikel 6, eerste en zesde lid, van de wet
+ § IV. Bepalingen ter uitvoering van artikel 12, eerste, tweede en zevende lid, van de wet
+ § V. Bepalingen ter uitvoering van de artikelen 6, vijfde lid, en 12, derde lid, van de wet
+ § VI. Bepaling ter uitvoering van artikel 17a, zevende lid, van de wet
- § VII. Bepalingen ter uitvoering van artikel 17c van de wet
+ § VIII. Bepaling ter uitvoering van artikel 33d, eerste lid, van de wet
+ § IX. Wijziging van de bijlage, bedoeld in artikel 33d, eerste lid, van de wet en van andere besluiten
+ § X. Overgangs- en slotbepalingen
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht