Let op. Deze wet is vervallen op 1 juni 2006. U leest nu de tekst die gold op 31 mei 2006.

Besluit vaste beloning tijdelijke adviescommissie OCW bezwaarschriften Awb

Uitgebreide informatie
Besluit van 23 juli 2005, houdende de toekenning van een vaste beloning aan de (plaatsvervangend) voorzitter(s) en de niet-ambtelijke leden van de tijdelijke adviescommissie OCW bezwaarschriften Awb, bedoeld in artikel 9 van de Regeling adviescommissies OCW bezwaarschriften Awb (Besluit vaste beloning tijdelijke adviescommissie OCW bezwaarschriften Awb)
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, van 14 juli 2005, nr. WJZ/2005/28097 (8172), directie Wetgeving en Juridische Zaken;
Gelet op artikel 3 van het Vacatiegeldenbesluit 1988;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel 1
Aan de voorzitter van de tijdelijke adviescommissie OCW bezwaarschriften Awb wordt in plaats van een vacatiegeld een vaste beloning ten bedrage van € 21.000,– zijnde 22,5% van de jaarwedde, bedoeld in artikel 3, tweede lid, van het Vacatiegeldenbesluit 1988, voor 10 maanden toegekend.
Artikel 2
Aan de plaatsvervangend voorzitters van de adviescommissie, genoemd in artikel 1, wordt in plaats van een vacatiegeld een vaste beloning ten bedrage van € 16.000,– zijnde 17,1% van de jaarwedde, bedoeld in artikel 3, tweede lid, van het Vacatiegeldenbesluit 1988, voor 10 maanden toegekend.
Artikel 3
Aan de leden van de adviescommissie, genoemd in artikel 1, wordt in plaats van een vacatiegeld een vaste beloning ten bedrage van € 13.200,– zijnde 14,1% van de jaarwedde, bedoeld in artikel 3, tweede lid, van het Vacatiegeldenbesluit 1988, voor 10 maanden toegekend.
Artikel 4
Indien de voorzitter, een plaatsvervangende voorzitter of een lid van de adviescommissie, bedoeld in artikel 1, niet gedurende 10 maanden de functie van voorzitter, plaatsvervangend voorzitter of lid bekleedt, wordt zijn beloning, genoemd in respectievelijk artikel 1, 2 en 3, naar evenredigheid vastgesteld.
Artikel 5
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 augustus 2005 en vervalt met ingang van 1 juni 2006.
Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap is belast met de uitvoering van dit besluit dat met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
Tavarnelle, 23 juli 2005
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap a.i.,
Uitgegeven de achtentwintigste juli 2005
De Minister van Justitie a.i. ,
Inhoudsopgave
Artikel 1
Artikel 2
Artikel 3
Artikel 4
Artikel 5
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht