Besluit van 8 november 2012, nr. 01.003470, houdende de vaststelling van het tijdstip bedoeld in artikel 104, tweede lid, van de Wet op de jeugdzorg, tot welke datum de provincie een uitkering kan ontvangen als uitvoerder van een landelijke voorziening
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, mede namens de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 2 november 2012, kenmerk DWJZ-3137011;
Gelet op artikel 104, tweede lid, van de Wet op de jeugdzorg;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Enig artikel
Het tijdstip bedoeld in artikel 104, tweede lid, van de Wet op de jeugdzorg wordt vastgesteld op 1 januari 2013.
Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en Onze Minister van Veiligheid en Justitie zijn belast met de uitvoering van dit besluit, dat met de daarbij behorende nota van toelichting in de Staatscourant zal worden geplaatst.
Den Haag, 8 november 2012
De
Staatssecretaris
De
Staatssecretaris
Inhoudsopgave
Enig artikel
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht