Let op. Deze wet is vervallen op 13 februari 2009. U leest nu de tekst die gold op 12 februari 2009.

Besluit vaststelling van de regeling betreffende de uitkering die na het overlijden zal worden uitgekeerd

Uitgebreide informatie
Besluit van 28 april 1982, houdende vaststelling van de regeling betreffende de uitkering die na het overlijden van Ministers, Commissarissen des Konings, krachtens Grondwet of wet voor hun leven aangestelde ambtenaren, de Nationale ombudsman en substituut-ombudsmannen zal worden uitgekeerd
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken a.i. van 30 december 1981, nr. AB81/U2356, Directoraat-Generaal voor Overheidspersoneelsbeleid, Directie Overheidspersoneelszaken, Afdeling Algemene en Juridische Zaken;
Overwegende dat het wenselijk is dat regelen worden gesteld betreffende de uitkering die na het overlijden van Ministers, Commissarissen des Konings, krachtens Grondwet of wet voor hun leven aangestelde ambtenaren, de Nationale ombudsman en substituut-ombudsmannen zal worden uitgekeerd;
Gelet op artikel 57 van de Grondwet;
De Raad van State gehoord (advies van 1 april 1982, nr. 2012/12/8212);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken van 19 april 1982, nr. AB82/729, Directoraat-Generaal voor Overheidspersoneelsbeleid, Directie Overheidspersoneelszaken, Afdeling Algemene en Juridische Zaken;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel 1
Ten aanzien van, krachtens Grondwet of wet voor hun leven aangestelde ambtenaren, de Nationale ombudsman en substituut-ombudsmannen vindt het bepaalde in artikel 102 van het Algemeen Rijksambtenarenreglement ( Stb. 1931, 248) overeenkomstige toepassing.
Artikel 2
Het besluit van 26 augustus 1931 ( Stb. 384) wordt ingetrokken.
Artikel 3
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad , waarin het wordt geplaatst, en werkt terug tot 1 januari 1982.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
's-Gravenhage, 28 april 1982
De Minister van Binnenlandse Zaken,
Uitgegeven de tiende juni 1982
De Minister van Justitie,
Inhoudsopgave
Artikel 1
Artikel 2
Artikel 3
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht