Let op. Deze wet is vervallen op 1 juli 2012. U leest nu de tekst die gold op 30 juni 2012.

Bouwbesluit 2003

Uitgebreide informatie
Besluit van 7 augustus 2001, houdende vaststelling van voorschriften met betrekking tot het bouwen van bouwwerken uit het oogpunt van veiligheid, gezondheid, bruikbaarheid, energiezuinigheid en milieu (Bouwbesluit)
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 18 december 2000, nr. MJZ2000153138, Centrale Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving;
Gelet op artikel 2 van de Woningwet;
De Raad van State gehoord (advies van 27 april 2001, nr. W08.00.0616/V);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 13 juli 2001, nr. MJZ2001078982, Centrale Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel 5.11
Tabel 5.11 5.12 5.13 5.14
gebruiksfunctie leden van toepassing grenswaarde
      energieprestatiecoëfficiënt bepalingsmethode   verbouw energieprestatiecoëfficiënt
    artikel 5.12
    lid 1 2 3 1 2 1 2 1 + 2
                  [–]
1 Woonfunctie                
  a woonfunctie van een woonwagen 1 3 1 1,3
  b woonfunctie gelegen in een woongebouw 2 3 1 1 2 0,6
  c andere woonfunctie 1 3 1 1 2 0,6
2 Bijeenkomstfunctie 1 3 2 1 2 2
3 Celfunctie                
  a celfunctie niet gelegen in een cellengebouw 1 3 2 1 2 1,8
  b celfunctie gelegen in een cellengebouw 2 3 2 1 2 1,8
4 Gezondheidszorgfunctie                
  a gezondheidszorgfunctie voor aan bed gebonden patiënten 1 3 2 1 2 2,6
  b andere gezondheidszorgfunctie 1 3 2 1 2 1
5 Industriefunctie
6 Kantoorfunctie 1 3 2 1 2 1,1
7 Logiesfunctie                
  a onverwarmde logiesfunctie niet gelegen in een logiesgebouw
  b verwarmde logiesfunctie niet gelegen in een logiesgebouw 1 3 1 1 2 1,4
  c logiesfunctie gelegen in een logiesgebouw 2 3 2 1 2 1,8
8 Onderwijsfunctie 1 3 2 1 2 1,3
9 Sportfunctie 1 3 2 1 2 1,8
10 Winkelfunctie 1 3 2 1 2 2,6
11 Overige gebruiksfunctie
12 Bouwwerk geen gebouw zijnde
1.
Een te bouwen bouwwerk is voldoende energiezuinig.
2.
Voorzover voor een gebruiksfunctie in tabel 5.11 voorschriften zijn aangewezen, wordt voor die gebruiksfunctie aan de in het eerste lid gestelde eis voldaan door toepassing van die voorschriften.
3.
Het eerste lid is niet van toepassing op de gebruiksfuncties waarvoor in tabel 5.11 geen voorschrift is aangewezen.
1.
Een gebruiksfunctie heeft een energieprestatiecoëfficiënt van ten hoogste de in tabel 5.11 aangegeven grenswaarde.
2.
Indien in een gebouw of een gedeelte van een gebouw uitsluitend gebruiksfuncties van dezelfde soort liggen, die zijn aangewezen op een gemeenschappelijke verkeersruimte waarop geen andere gebruiksfuncties zijn aangewezen, heeft dat gebouw of gedeelte van het gebouw een energieprestatiecoëfficiënt van ten hoogste de in tabel 5.11 aangegeven grenswaarde.
3.
Indien in een gebouw of een gedeelte van een gebouw meerdere gebruiksfuncties of gedeelten liggen, waarvoor volgens het eerste of tweede lid een energieprestatiecoëfficiënt geldt, en dit gebouw of gedeelte van een gebouw op niet meer dan een perceel ligt, geldt, in afwijking van het eerste en het tweede lid, dat het totale volgens NEN 2916 bepaalde karakteristieke energiegebruik niet hoger is dan het totale volgens NEN 2916 bepaalde toelaatbare energiegebruik. Bij het bepalen van het totale toelaatbare energiegebruik zijn de grenswaarden voor de energieprestatiecoëfficiënten volgens het eerste en tweede lid aangehouden.
1.
Een energieprestatiecoëfficiënt als bedoeld in artikel 5.12, wordt bepaald volgens NEN 5128. Bij het bepalen van de energieprestatiecoëfficiënt van een woonfunctie mogen een toiletruimte, een badruimte, een meterruimte, een opstelplaats voor een warmwatertoestel en een opstelplaats voor een stooktoestel buiten beschouwing blijven.
2.
Een energieprestatiecoëfficiënt als bedoeld in artikel 5.12, wordt bepaald volgens NEN 2916. Bij het bepalen van de energieprestatiecoëfficiënt van de gebruiksfunctie is voor de coëfficiënt voor koeling de waarde 4 aangehouden en voor de factor waarmee compensatie voor toelaatbaar energiegebruik voor ventilatie wordt gerealiseerd, de waarde 135. Bij het bepalen van de energieprestatiecoëfficiënt mogen een toiletruimte, een badruimte, een meterruimte, een opstelplaats voor een warmwatertoestel en een opstelplaats voor een stooktoestel buiten beschouwing blijven.
1.
Het bevoegd gezag wijkt bij een omgevingsvergunning die betrekking heeft op het geheel vernieuwen van een bouwwerk niet af van de artikelen 5.12 en 5.13.
2.
Bij het gedeeltelijk vernieuwen of veranderen of het vergroten van een bouwwerk zijn de artikelen 5.12 en 5.13 niet van toepassing.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
's-Gravenhage, 7 augustus 2001
De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,
Uitgegeven de achttiende september 2001
De Minister van Justitie,
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1
+ Hoofdstuk 2
+ Hoofdstuk 3
+ Hoofdstuk 4
+ Hoofdstuk 5. Voorschriften uit het oogpunt van energiezuinigheid
Hoofdstuk 6
+ Hoofdstuk 7
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht