Briefwisseling tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Franse Regering inzake de financiering van een project voor zoutopslag
(authentiek: fr)
Bonn, le 3 décembre 1976
Monsieur le Ministre,
A là suite des négociations sur la Convention relative à la Protection du Rhin contre la Pollution par les Chlorures signée ce jour, et conscient de ce que les procédures constitutionnelles propres à l'entrée en vigueur de la dite Convention sont encore à accomplir, compte tenu par ailleurs du fait que les Parties contractantes ont estimé nécessaire de commencer dans les meilleurs délais les travaux de construction de l'installation d'injection d'ions-chlore dans le soussol alsacien et donc d'envisager dès que possible leur financement, j'ai l'honneur de vous proposer ce qui suit:
en vue de faire réaliser dès que possible l'installation d'injection d'ions-chlore prévue à l'article 2 paragraphe 2 de la Convention mentionnée ci-dessus, le Gouvernement (du Royaume des Pays-Bas) versera au compte 440-09/ligne 1, ouvert auprès de l'Agence Comptable Centrale du Trésor Français, sa contribution forfaitaire définitive aux coûts totaux de la première phase de réduction des rejets de sel dans le Rhin (article 7 paragraphe 2 de la Convention), soit:
44,88 millions de francs français le 15 décembre 1976.
Le Gouvernement français avisera de la réception de la dite somme le Gouvernement du Royaume des Pays-Bas et en informera les autres Parties signataires de la Convention.
Le Gouvernement français fera en sorte que les travaux de construction de l'installation soient terminés pour le 31 décembre 1978.
Si cette proposition rencontre l'agrément de votre Gouvernement, j'ai l'honneur de vous proposer que la présente lettre et votre réponse constituent un accord entre nos deux Gouvernements qui entrera en vigueur à la date de votre acceptation.
Veuillez agréer, Monsieur le Ministre, des assurances de ma très haute considération,
(s.) T. E. WESTERTERP
T. E. Westerterp
Ministre des Transports et des
Travaux Publics.
Monsieur le Ministre
de la qualité de la vie
de la République Française
Vincent Ansquer
Paris
LE MINISTRE DE LA QUALITÉ DE LA VIE
Paris, le 3 décembre 1976
Monsieur le Ministre,
J'ai l'honneur d'accuser réception de votre lettre du 3 décembre 1976 dont la teneur est la suivante:
[Red: (zoals in Nr. I)]
J'ai l'honneur de vous faire savoir que les propositions contenues dans votre lettre rencontrent l'agrément du Gouvernement de la République Française et constituent un accord entre nos deux Gouvernements.
Je vous prie de bien vouloir agréer, Monsieur le Ministre, les assurances de ma très haute considération.
(s.) V. ANSQUER
Monsieur Westerterp
Ministre des Transports et du
Waterstaat
La Haye
(vertaling: nl)
Bonn, 3 december 1976
Mijnheer de Minister,
In aansluiting op de onderhandelingen over de heden ondertekende Overeenkomst inzake de bescherming van de Rijn tegen verontreiniging door chloriden en in de wetenschap dat aan de voor de inwerkingtreding van genoemde Overeenkomst vereiste constitutionele procedures nog moet worden voldaan, rekening houdend met het feit dat de Overeenkomstsluitende Partijen het noodzakelijk hebben geacht zo spoedig mogelijk een aanvang te maken met de bouw van de installatie voor injectie in de diepe bodemlaag van de Elzas en dientengevolge zo snel mogelijk de financiering van deze werkzaamheden te overwegen, heb ik de eer U het volgende voor te stellen.
Teneinde op zo kort mogelijke termijn de bouw van de in artikel 2, tweede lid, van bovengenoemde Overeenkomst bedoelde installatie voor de injectie van chloriden te verwezenlijken, zal de Regering (van het Koninkrijk der Nederlanden) op 15 december 1976 op rekening nummer 440.09 „Ligne 1” bij de „Agence comptable centrale du Trésor francais” haar definitieve forfaitaire bijdrage in de totale kosten van de eerste fase ter zake van de vermindering van de zoutlozingen in de Rijn (artikel 7, tweede lid, van de Overeenkomst) - zijnde 44,88 miljoen Franse francs - storten.
De Franse Regering zal de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden de ontvangst van dit bedrag bevestigen en de andere ondertekenende Partijen daaromtrent in kennis stellen.
De Franse Regering zal het erop toeleggen, dat de bouw van de installatie voor 31 december 1978 zal zijn voltooid.
Indien Uw Regering zich met dit voorstel kan verenigen, heb ik de eer U voor te stellen dat deze brief en Uw antwoord een overeenkomst vormen tussen onze beide Regeringen, die in werking zal treden op de datum van Uw aanvaarding.
Gelief, Mijnheer de Minister, de verzekering van mijn zeer bijzondere hoogachting wel te willen aanvaarden.
(w.g.) T. E. WESTERTERP
T. E. Westerterp
Minister van Verkeer en Waterstaat
Aan de Minister van Milieuhygiëne
van de Franse Republiek
Vincent Ansquer
Parijs
MINISTER VAN MILIEUHYGIËNE
Parijs, 3 december 1976
Ik heb de eer de ontvangst te bevestigen van Uw brief van 3 december 1976, waarvan de inhoud als volgt luidt:
[Red: (zoals in Nr. I)]
Ik heb de eer U mede te delen dat de Franse Regering instemt met de voorstellen vervat in Uw brief en dat zij een overeenkomst vormen tussen onze beide Regeringen.
Gelief, Mijnheer de Minister, de verzekering van mijn zeer bijzondere hoogachting wel te willen aanvaarden.
(w.g.) V. ANSQUER
De Heer Westerterp
Minister van Verkeer en Waterstaat
's-Gravenhage
Inhoudsopgave
Nr. I
Nr. II
Nr. I
Nr. II.
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht