Briefwisseling tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek Tunesië houdende een overeenkomst inzake wederkerigheid bij aanspraken op het Waarborgfonds Motorverkeer
(authentiek: fr)
No. 1587
Tunis, le 10 juin 1987
Monsieur le Ministre,
En me référant à ma lettre du 25 février 1986 à votre prédécesseur, j'ai l'honneur de vous rappeler qu'au cours de concertations officielles entre les services compétents de nos deux pays, il a été convenu de conclure un accord de réciprocité entre nos Gouvernements sur les recours aux Fonds de Garantie Automobile.
Aussi ai-je l'honneur de vous proposer au nom de mon Gouvernement les dispositions suivantes:
1. Sont seuls pris en considération les accidents causés par des véhicules automobiles circulant sur le sol, y compris les cycles à moteur, ainsi que par les remorques ou semi-remorques de ces véhicules à l'exclusion des chemins de fer et des tramways.
2. Les ressortissants du Royaume des Pays-Bas qui ont leur résidence habituelle dans le territoire du Royaume en Europe, bénéficient à l'égard du Fonds de Garantie Automobile tunisien des mêmes droits que les ressortissants tunisiens; les ressortissants tunisiens bénéficient à l'égard du Fonds de Garantie néerlandais des mêmes droits que les ressortissants néerlandais.
3. Il ne sera mis aucun obstacle au libre transfert des indemnités dûes par le Fonds de Garantie tunisien à des ressortissants néerlandais ne résidant pas sur le territoire de la République Tunisienne, ni au libre transfert des indemnités dûes par le Fonds de Garantie néerlandais à des ressortissants tunisiens ne résidant pas sur le territoire du Royaume des Pays-Bas en Europe.
4. Les dispositions figurant aux points 1, 2 et 3 ci-dessus s'appliqueront:
Si ces propositions rencontrent l'approbation du Gouvernement de la République Tunisienne, la présente lettre et celle par laquelle Votre Excellence voudra bien confirmer la réponse affirmative de votre Gouvernement sur ce qui précède, constitueront un accord de réciprocité entre le Gouvernement du Royaume des Pays-Bas et le Gouvernement de la République Tunisienne sur les recours au Fonds de Garantie Automobile entre les deux parties.
Le présent Accord prendra effet le premier jour du deuxième mois suivant la date à laquelle le Gouvernement du Royaume des Pays-Bas et le Gouvernement de la République Tunisienne se seront notifiés l'un à l'autre que les conditions constitutionnellement requises à cet effet auront été remplies.
Je vous prie d'agréer, Monsieur le Ministre, les assurances de ma très haute considération distinguée.
(s.) P. H. HOUBEN
Piet-Hein Houben
Ambassadeur des Pays-Bas
Son Excellence
Monsieur Hédi Mabrouk
Ministre des Affaires Etrangères
de la République Tunisienne
à Tunis
a) du côté néerlandais, pour les accidents survenus aux ressortissants tunisiens sur le territoire du Royaume des Pays-Bas en Europe,
b) du côté tunisien, pour les accidents corporels survenus aux ressortissants néerlandais sur le territoire de la République Tunisienne.
REPUBLIQUE TUNISIENNE MINISTERE DES AFFAIRES ETRANGERES
No. 502445 (A.E.)
Tunis, le 25 juin 1987
Monsieur l'Ambassadeur,
J'ai l'honneur d'accuser réception de votre lettre en date du 10 juin 1987 libellée dans les termes suivants:
[Red: (zoals in Nr. I)]
Je suis en mesure de confirmer à Votre Excellence l'accord de mon gouvernement sur ce qui précède.
Veuillez agréer, Monsieur l'Ambassadeur, les assurances de ma haute considération.
le Secrétaire d'Etat
(s.) TAIEB SAHBANI
Son Excellence
Monsieur Piet-Hein Houben
Ambassadeur des Pays-Bas
Tunis
(vertaling: nl)
No. 1587
Tunis, 10 juni 1987
Excellentie,
Met verwijzing naar mijn brief van 25 februari 1986 aan Uw ambtsvoorganger heb ik de eer U in herinnering te brengen dat tijdens officiële besprekingen die onlangs zijn gehouden tussen de bevoegde diensten van onze beide landen, is overeengekomen een wederkerigheidsovereenkomst te sluiten tussen onze Regeringen betreffende het beroep op de waarborgfondsen voor motorvoertuigen.
Ik heb dan ook de eer U namens mijn Regering de volgende bepalingen voor te stellen.
1. Alleen worden in aanmerking genomen de ongevallen die zijn veroorzaakt door motorvoertuigen die zich over land bewegen, met inbegrip van motorrijwielen en bromfietsen, alsmede de aanhangwagens of opleggers van deze voertuigen, doch met uitzondering van spoorwegmaterieel en trams.
2. Staatsburgers van het Koninkrijk der Nederlanden die hun woonplaats hebben op het grondgebied van het Koninkrijk in Europa, genieten, ten aanzien van het Tunesische waarborgfonds voor motorvoertuigen, dezelfde rechten als Tunesische staatsburgers, terwijl Tunesische staatsburgers, ten aanzien van het Nederlandse waarborgfonds, dezelfde rechten genieten als Nederlandse staatsburgers.
3. De vrije overmaking van vergoedingen die het Tunesische waarborgfonds verschuldigd is aan Nederlandse staatsburgers die niet op het grondgebied van de Republiek Tunesië wonen, wordt niet belemmerd, evenmin als de vrije overmaking van vergoedingen die het Nederlandse waarborgfonds verschuldigd is aan Tunesische staatsburgers die niet op het grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden in Europa wonen.
4. Het bepaalde onder de punten 1, 2 en 3 hierboven geldt:
Indien het voorgestelde de instemming heeft van de Regering van de Republiek Tunesië, vormen deze brief en Uwer Excellenties bevestigend antwoord namens Uw Regering, een wederkerigheidsovereenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek Tunesië betreffende het beroep op het Waarborgfonds voor motorvoertuigen tussen de twee partijen.
Deze Overeenkomst wordt van kracht op de eerste dag van de tweede maand volgende op de datum waarop de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek Tunesië elkaar hebben medegedeeld dat aan de daartoe constitutioneel vereiste voorwaarden is voldaan.
Gelief, Excellentie, de verzekering van mijn zeer bijzondere hoogachting wel te willen aanvaarden.
(w.g.) P. H. HOUBEN
Piet-Hein Houben
Ambassadeur der Nederlanden
Zijner Excellentie
de heer Hedi Mabrouk
Minister van Buitenlandse Zaken
van de Republiek Tunesië
te Tunis
a) wat Nederland betreft, voor ongevallen waarbij Tunesische staatsburgers het slachtoffer zijn geworden op het grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden in Europa;
b) wat Tunesië betreft, voor ongevallen waarbij Nederlandse staatsburgers lichamelijk letsel hebben opgelopen op het grondgebied van de Republiek Tunesië.
REPUBLIEK TUNESIË MINISTERIE VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Tunis, 25 juni 1987
No. 502445 (AE)
Excellentie,
Hierbij heb ik de eer de ontvangst te bevestigen van Uw brief van 10 juni 1987, welke als volgt luidt:
[Red: (zoals in Nr. I)]
Ik kan Uwe Excellentie de instemming van mijn regering met het voorgaande bevestigen.
Gelief, Excellentie, de verzekering van mijn bijzondere hoogachting wel te willen aanvaarden.
De Staatssecretaris
(w.g.) TAIEB SAHBANI
Zijner Excellentie
de heer Piet-Hein Houben
Ambassadeur der Nederlanden
Tunis.
Inhoudsopgave
Nr. I
Nr. II
Nr. I
Nr. II
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht