Briefwisseling tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Verenigde Staten van Amerika houdende een overeenkomst ter beëindiging van de overeenkomst van 4 november 1985 inzake de stationering van een eenheid vanaf de grond te lanceren kruisvluchtwapens van de luchtmacht van de Verenigde Staten
(authentiek: en)
Treaties Department
DVE/W-N/10090
The Hague, 18 December 1987
Excellency,
I have the honor to refer to the agreement between the Government of the Kingdom of the Netherlands and the Government of the United States of America on the stationing of a U.S. Air Force Ground Launched Cruise Missile (GLCM) Wing at Woensdrecht Air Base, which agreement was embodied in the notes exchanged on 4 November 1985 and which entered into force on 2 April 1986.
I wish further to refer to the Treaty between the United States of America and the Union of Soviet Socialist Republics on the elimination of their intermediate-range and shorter-range missiles, signed at Washington on December 8, 1987.
In the light of paragraph 13 of the agreement of 4 November 1985, I have the honor to propose that said agreement be terminated by mutual consent.
Notwithstanding such termination, however, the provisions of said agreement shall continue to apply to the extent deemed necessary by the parties through prompt consultations and agreement to bring to an orderly conclusion activities related to the stationing of the U.S. Air Force GLCM Wing at Woensdrecht Air Base and to complete the withdrawal from the Netherlands of the personnel and property of the GLCM Wing. Pending such agreement the provisions of the 4 November 1985 agreement applicable to the presence and activities of the GLCM Wing shall remain in effect on an interim basis as from the date of entry into force of this agreement.
If this proposal is acceptable to your Government, I have the honor to propose, that this note and your reply thereto shall constitute an agreement between our two Governments on the termination of the agreement of 4 November 1985. The Government of the Kingdom of the Netherlands shall notify the Government of the United States of America when the procedures constitutionally required in the Kingdom for approval of this agreement have been fulfilled. Following this notification, this agreement shall enter into force and the agreement of 4 November 1985 shall be terminated effective simultaneously with the entry into force of the said Treaty between the United States and the Soviet Union.
Please accept, Excellency, the assurances of my highest consideration.
Minister for Foreign Affairs of
the Kingdom of the Netherlands
To His Excellency
Mr. J. S. R. Shad
Ambassador of the United
States of America
No.107
The Hague, December 18, 1987.
Excellency:
I have the honor to confirm the receipt of your Note of December 18, 1987, which reads as follows:
[Red: (Zoals in Nr. I)]
I have the honor to confirm that the proposal contained in your Note is acceptable to my Government. Accordingly, this Note and Your Excellency's Note constitute an agreement between our two Governments on the termination of the agreement of 4 November 1985 effective in the manner stated in Your Excellency's Note.
Accept, Excellency, the renewed assurances of my highest consideration.
(sd.) JOHN S. R. SHAD
His Excellency
Hans van den Broek,
Minister for Foreign Affairs,
The Hague.
(vertaling: nl)
Directie Verdragen
DVE/W-N/10090
's-Gravenhage, 18 december 1987
Excellentie,
Ik heb de eer te verwijzen naar de overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Verenigde Staten van Amerika over de plaatsing van een eenheid kruisvluchtwapens van de Amerikaanse Luchtmacht op de Vliegbasis Woensdrecht, welke overeenkomst is vervat in de brieven die wij op 4 november 1985 hebben gewisseld, en in werking is getreden op 2 april 1986.
Ik verwijs voorts naar het Verdrag tussen de Verenigde Staten van Amerika en de Unie van Socialistische Sovjetrepublieken inzake de verwijdering van hun middellange- en kortere-afstandsraketten, dat op 8 december 1987 te Washington D.C. werd ondertekend.
Gezien het bepaalde in punt 13 van de overeenkomst heb ik de eer namens mijn Regering voor te stellen de genoemde overeenkomst met wederzijdse instemming te beëindigen.
Niettegenstaande deze beëindiging blijven de bepalingen van bedoelde overeenkomst evenwel van toepassing naar de mate waarin de Partijen zulks, door onverwijld overleg te plegen en een overeenkomst te sluiten, noodzakelijk achten om de werkzaamheden die betrekking hebben op de plaatsing van de eenheid kruisvluchtwapens van de Amerikaanse Luchtmacht op de Vliegbasis Woensdrecht, tot een ordelijk einde te brengen en de terugtrekking van het personeel en het materieel van de eenheid kruisvluchtwapens uit Nederland te voltooien.
In afwachting van een zodanige overeenkomst blijven de bepalingen van de overeenkomst van 4 november 1985 die van toepassing zijn op de aanwezigheid en de werkzaamheden van de eenheid kruisvluchtwapens, tijdelijk van kracht na de datum van inwerkingtreding van deze overeenkomst.
Indien dit voorstel aanvaardbaar is voor Uw Regering, heb ik de eer voor te stellen dat deze brief en Uw antwoord daarop, worden geacht een overeenkomst tussen onze beide Regeringen te vormen ter beëindiging van de overeenkomst van 4 november 1985. De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden zal aan de Regering van de Verenigde Staten van Amerika mededelen wanneer aan de in het Koninkrijk constitutioneel vereiste procedures voor de goedkeuring van deze overeenkomst is voldaan. Na deze mededeling treedt deze overeenkomst gelijktijdig in werking met het genoemde Verdrag tussen de Verenigde Staten van Amerika en de Unie van Socialistische Sovjetrepublieken.
Gelief, Excellentie, de verzekering van mijn zeer bijzondere hoogachting wel te willen aanvaarden.
(w.g.) H. VAN DEN BROEK
H. van den Broek
Minister van Buitenlandse Zaken
van het Koninkrijk der Nederlanden
Aan Zijne Excellentie
de heer J. S. R. Shad
Ambassadeur van de
Verenigde Staten van Amerika
Nr.107
's-Gravenhage, 18 december 1987
Excellentie,
Ik heb de eer de ontvangst te bevestigen van Uw brief dd. 18 december 1987, die als volgt luidt:
[Red: (Zoals in Nr. 1)]
Ik heb de eer te bevestigen dat het in Uw brief vervatte voorstel aanvaardbaar is voor mijn Regering. Deze brief en Uwer Excellentie's briefvormen derhalve een overeenkomst tussen onze beide Regeringen inzake de beëindiging van de overeenkomst van 4 november 1985 op de wijze zoals is vermeld in Uwer Excellentie's brief.
Gelief, Excellentie, de hernieuwde verzekering van mijn zeer bijzondere hoogachting wel te willen aanvaarden.
(w.g.) JOHN S.R. SHAD
Aan Zijn Excellentie Hans van den Broek
Minister van Buitenlandse Zaken
's-Gravenhage
Inhoudsopgave
Nr. I
Nr. II
Nr. I
Nr. II
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht