6. Opbouw levenslooptegoed na het bereiken van de 65-jarige leeftijd
Gebleken is dat in de Levensloopregeling rijkspersoneel niet expliciet is bepaald dat opbouw van het levenslooptegoed vanaf het bereiken van de 65-jarige leeftijd niet meer mogelijk is. Dit volgt echter uit de fiscale wetgeving waarin is bepaald dat op de dag voor de 65e verjaardag het levenslooptegoed als loon uit vroegere dienstbetrekking wordt aangemerkt. De werkgever heeft de plicht om het niet opgenomen levenslooptegoed op de dag voor het bereiken van de 65-jarige leeftijd als loon uit vroegere dienstbetrekking aan te merken en daarover loonheffing af te dragen. Dit geldt ook, als de werkgever het bedrag op dat moment nog niet van de levensloopinstelling heeft ontvangen. Hierdoor krijgt de werkgever een vordering op de werknemer. Het ligt voor de hand dat die vordering vervolgens wordt verrekend met het bedrag dat door de levensloopinstelling aan de werkgever wordt uitgekeerd.
Inhoudsopgave
Inleiding
1. Pensioenopbouw tijdens levensloopverlof
Artikel 3.3.1 van de Levensloopregeling rijkspersoneel
Afspraken CAO Rijk 2005–2006
Afspraken in de Pensioenkamer
Verschillen tussen de sectorale afspraken en de afspraken in de Pensioenkamer
2. Overgeschreven vakantie-uren als bron
3. Gewijzigde aanvraagprocedure bij deelname aan de levensloopregeling
4. Loonbegrip
5. Sparen door ambtenaren in de leeftijd van 51 tot 56 jaar
6. Opbouw levenslooptegoed na het bereiken van de 65-jarige leeftijd
7. Toekennen van levensloopverlof
8. Uitkering levenslooptegoed bij overlijden
9. Ouderschapverlofkorting
10. Bijlagen
11. Slotopmerking
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht