Let op. Deze wet is vervallen op 24 december 2006. U leest nu de tekst die gold op 23 december 2006.

Gevolgen van de inwerkingtreding van de Wet IB 2001 voor besluiten die onder het regime van de Wet IB 1964 zijn vastgesteld

Uitgebreide informatie
Gevolgen van de inwerkingtreding van de Wet IB 2001 voor besluiten die onder het regime van de Wet IB 1964 zijn vastgesteld
1. Inleiding
In verband met de inwerkingtreding van de Wet inkomstenbelasting 2001 (hierna: Wet IB 2001) en de Invoeringswet Wet inkomstenbelasting 2001 (hierna: Invoeringswet IB 2001) per 1 januari 2001 zijn de besluiten die zijn genomen inzake de toepassing van de Wet op inkomstenbelasting 1964 (hierna: Wet IB 1964) geïnventariseerd. Doel van deze inventarisatie is om na te gaan of, en zo ja, in hoeverre de bestaande besluiten van belang blijven voor de toepassing van de Wet IB 2001. In dit besluit worden de gevolgen van die inventarisatie beschreven voor de Wet IB 2001 en de Invoeringswet Wet IB 2001.
2. Inventarisatie besluiten Wet IB 1964
Uit de geïnventariseerde besluiten inzake de toepassing van de Wet IB 1964 blijkt dat de bestaande besluiten kunnen worden onderverdeeld in de volgende categorieën:
1. Besluiten die niet meer van belang zijn voor de toepassing van de Wet IB 2001. Te denken valt aan besluiten inzake de aftrek van buitengewone lasten wegens kosten levensonderhoud van verwanten ouder dan 27 jaar. Op grond van de Wet IB 2001 vervalt de mogelijkheid van aftrek voor deze kosten, besluiten over deze regeling verliezen daardoor hun belang met ingang van het belastingjaar 2001.
2. Besluiten die van belang blijven voor de toepassing van de Wet IB 2001 maar een redactionele aanpassing behoeven. Te denken valt aan besluiten die verwijzen naar bepalingen in de Wet IB 1964 of besluiten die begrippen uit die wet gebruiken.
3. Besluiten die als gevolg van de inwerkingtreding van de Wet IB 2001 inhoudelijk aangepast moeten worden. Hierbij gaat het om besluiten die zien op situaties waarvoor ook voor de toepassing van de Wet IB 2001 een besluit noodzakelijk is. Te denken valt aan besluiten inzake de toepassing van de aanmerkelijkbelangregeling.
4. Besluiten die van belang zijn voor de toepassing van de Wet IB 2001, maar niet aangepast hoeven te worden.
3. Werkwijze: aanpassen besluiten die onder de Wet IB 1964 zijn vastgesteld aan de Wet IB 2001
Als uitgangspunt geldt dat onduidelijkheden en misverstanden dienen te worden voorkomen. Daarom is de volgende werkwijze gekozen. Alle bestaande besluiten die ook van belang zijn voor de toepassing van de Wet IB 2001 zullen opnieuw worden uitgebracht. Hierdoor is direct duidelijk welke besluiten van belang zijn voor de toepassing van de Wet IB 1964 en welke voor de Wet IB 2001. De besluiten die onder de Wet IB 1964 zijn vastgesteld blijven vanzelfsprekend voor de toepassing van die wet hun belang houden. Voor de toepassing van de Wet IB 2001 wordt een nieuwe reeks besluiten tot stand gebracht. Voor de hiervoor omschreven categorieën bestaande besluiten heeft dit de volgende gevolgen.
Besluiten die niet van belang zijn voor de toepassing van de Wet IB 2001 (categorie 1) worden niet afzonderlijk ingetrokken. Zij blijven louter van belang voor de toepassing van de Wet IB 1964.
Besluiten die uitsluitend redactioneel aangepast worden (categorie 2) en besluiten die ongewijzigd kunnen blijven (categorie 4), zullen opnieuw worden uitgebracht met het oog op de toepassing van de Wet IB 2001. In de aanhef van deze besluiten zal worden verwezen naar het kenmerk waaronder dit besluit voor de toepassing van de Wet IB 1964 bekend was. Dit om duidelijk te maken dat geen inhoudelijke wijziging is beoogd.
Besluiten die inhoudelijk worden aangepast voor de toepassing van de Wet IB 2001 (categorie 3) zijn aan te merken als nieuw beleid dat in verband met de toepassing van de Wet IB 2001 is geformuleerd. Om deze reden zullen deze besluiten dan ook niet verwijzen naar een kenmerk van een besluit inzake de toepassing van de Wet IB 1964.
4. Gevolgen van de gehanteerde werkwijze voor de toepassing van het overgangsrecht
In het Overgangsrecht Inkomstenbelasting, zoals dit is opgenomen in hoofdstuk 2 van de Invoeringswet Wet IB 2001, wordt in verschillende artikelen bepaald dat bepalingen van de Wet IB 1964 zoals die luidden op 31 december 2000 van toepassing blijven. Voor de toepassing van deze bepalingen blijven dus ook de op die wet betrekking hebbende besluiten van toepassing.
5. Werkwijze voor besluiten die op meer middelen betrekking hebben
Ter voorkoming van misverstand merk ik op dat de in het besluit geformuleerde werkwijze niet geldt voor de besluiten inzake de loonbelasting, vennootschapsbelasting, premieheffing volksverzekeringen, omzetbelasting et cetera alsmede het formele recht en de invordering. Voor dergelijke besluiten geldt dat zij worden ingetrokken, indien zij als gevolg van de inwerkingtreding van de Belastingherziening 2001 hun belang verliezen en worden aangepast als de inwerkingtreding van de Belastingherziening 2001 daartoe aanleiding geeft.
Inhoudsopgave
1. Inleiding
2. Inventarisatie besluiten Wet IB 1964
3. Werkwijze: aanpassen besluiten die onder de Wet IB 1964 zijn vastgesteld aan de Wet IB 2001
4. Gevolgen van de gehanteerde werkwijze voor de toepassing van het overgangsrecht
5. Werkwijze voor besluiten die op meer middelen betrekking hebben
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht