Let op. Deze wet is vervallen op 30 december 2010. U leest nu de tekst die gold op 29 december 2010.

Artikel 2.1 Groen beleggen

Uitgebreide informatie
2.1. Groenfondsen
Als groene fondsen kunnen bij ministeriële regeling worden aangewezen:
1. kredietinstellingen als bedoeld in de Wet toezicht kredietwezen 1992, waarvan het doel en de feitelijke werkzaamheden hoofdzakelijk bestaan in het verstrekken van kredieten ten behoeve van projecten of categorieën van projecten die in het belang zijn van de bescherming van het milieu, waaronder natuur en bos, of in het direct of indirect beleggen van vermogen in dergelijke projecten of categorieën van projecten;
2. beleggingsinstellingen als bedoeld in de Wet toezicht beleggingsinstellingen, waarvan het doel en de feitelijke werkzaamheden hoofdzakelijk bestaan in het direct of indirect beleggen van vermogen in projecten of categorieën van projecten die in het belang zijn van de bescherming van het milieu, waaronder natuur en bos.
Om als groenfonds te worden aangemerkt dient een kredietinstelling te zijn ingeschreven in het register, bedoeld in artikel 52 van de Wtk en dienen doel en feitelijke werkzaamheden hoofdzakelijk te bestaan in het verstrekken van kredieten ten behoeve van dan wel het direct of indirect beleggen van vermogen in groenprojecten. Een beleggingsinstelling dient te zijn ingeschreven in het register, bedoeld in artikel 18 van de Wtb en doel en feitelijke werkzaamheden dienen hoofdzakelijk te bestaan in het direct of indirect beleggen in groenprojecten. Voor de vraag of een project als een groenproject kan worden aangemerkt wendt de instelling zich tot de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. Bij ministeriële regeling van 21 december 2001, nr. DGM/SB/2001/137297, nr. Stcrt. 2001, 1, van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en de Staatssecretaris van Financiën (de zogenoemde Regeling groenprojecten) is een algemeen kader gegeven waaraan groenprojecten dienen te voldoen. Op verzoek zal door of namens de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer een beschikking worden afgegeven aangaande de status van een project.
Inhoudsopgave
1. Algemeen
1.1. Begripsomschrijvingen
2. Achtergrond van de wettelijke regeling
2.1. Groenfondsen
3. Aanwijzing als groenfonds
4. Afhandeling van verzoeken
4.1. Indienen van een verzoek en de over te leggen gegevens en bescheiden
4.1.1. Buitenlandse instellingen
4.2. Behandeling door de inspecteur
4.3. Aandachtspunten bij de beoordeling van de verzoeken
4.4. Afdoeningstermijn
4.5. Vervallen van de aanwijzing
5. Aanwijzing, overgangperiode en beëindiging
5.1. Inleiding
5.2. Aanwijzing van het fonds, ingangs- en beëindigingdatum
5.2.1. ingangsdatum
5.2.2. Overgangsperiode
5.2.3. Beëindigingdatum
5.2.3.1. Uitzondering
6. Standaardvoorwaarden
7. Toelichting op de standaardvoorwaarden en ingroeiregeling
7.1. Beleggingen (voorwaarde 1)
7.1.1. Ingroeiregeling
7.1.2. Lumpsum
7.2. Afbakening van de pré-groene periode (voorwaarde 2)
7.3. Verliesverrekening: carry-back van groene verliezen (voorwaarde 3)
7.4. Informatieverstrekking (voorwaarden 4 en 5)
8. Ingangsdatum besluit
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht