Artikel i 7 3Artikel 41 Loodsenwet

Uitgebreide informatie
1.
Het tuchtcollege loodsen kan, hetzij op verzoek van de persoon over wie geklaagd is, hetzij op verzoek van de klager, hetzij ambtshalve, getuigen en deskundigen oproepen en horen. De oproeping geschiedt bij aangetekende brief. Ieder die als getuige of deskundige is opgeroepen, is verplicht aan de oproeping gevolg te geven.
2.
Verschijnt een getuige of een deskundige op de oproeping niet, dan doet de officier van justitie bij het arrondissementsparket Den Haag op verzoek van het tuchtcollege loodsen hem dagvaarden.
3.
Verschijnt een getuige of deskundige op de dagvaarding niet, dan doet de officier, bedoeld in het vorige lid, op verzoek van het tuchtcollege loodsen hem andermaal dagvaarden, desverzocht met bevel tot medebrenging.
4.
Artikel 556 van het Wetboek van Strafvordering is van overeenkomstige toepassing.
5.
De getuigen leggen in handen van de voorzitter van het tuchtcollege loodsen de eed of belofte af dat zij de gehele waarheid en niets dan de waarheid zullen zeggen. De getuigen zijn verplicht getuigenis af te leggen, de deskundigen hun diensten als zodanig te verlenen.
6.
Ten aanzien van de getuigen en deskundigen zijn de artikelen 217 tot en met 219 van het Wetboek van Strafvordering van overeenkomstige toepassing.
7.
De getuigen en deskundigen ontvangen desgevraagd op vertoon van hun oproeping of dagvaarding schadeloosstelling overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens de Wet tarieven in strafzaken (Stb. 1963, 130).
Inhoudsopgave
- Artikel I
+ Artikel II
+ Artikel III
+ Artikel IV
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht