Let op. Deze wet is vervallen op 1 juli 2016. U leest nu de tekst die gold op 30 juni 2016.

Artikel 35 Monumentenwet 1988

Uitgebreide informatie
1.
Gehoord de gemeenteraad, gedeputeerde staten en de Raad, kunnen Onze minister en Onze Minister van Infrastructuur en Milieu stads- en dorpsgezichten aanwijzen als beschermd stads- of dorpsgezicht en kunnen zij zodanige aanwijzingen intrekken.
2.
Onze minister zendt het voorstel tot aanwijzing of intrekking gelijktijdig aan de gemeenteraad, gedeputeerde staten en de Raad. De gemeenteraad brengt advies uit via gedeputeerde staten binnen 6 maanden, gedeputeerde staten binnen 9 maanden en de Raad binnen 12 maanden na verzending van het voorstel.
3.
Onze minister en Onze Minister van Infrastructuur en Milieu beslissen over aanwijzing of intrekking binnen zestien maanden na verzending van het voorstel.
4.
De bekendmaking van een besluit tot aanwijzing of tot intrekking daarvan geschiedt door plaatsing in de Staatscourant. Van het besluit wordt mededeling gedaan in de daarvoor in aanmerking komende dag- of nieuwsbladen en aan de gemeenteraad, gedeputeerde staten en de Raad.
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk I. Algemene bepalingen
+ Hoofdstuk II. Beschermde monumenten
+ Hoofdstuk III. Subsidies en specifieke uitkeringen
- Hoofdstuk IV. Beschermde stads- en dorpsgezichten
+ Hoofdstuk V. Archeologische monumentenzorg
+ Hoofdstuk VI. Handhaving en strafbepalingen
+ Hoofdstuk VII. Overgangs- en slotbepalingen
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht