Opgave ex artikel 25, tweede en derde lid, van de Leerplichtwet 1969, over het schooljaar 2002 - 2003 en 2003 - 2004
1. Inleiding [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
De Leerplichtwet schrijft voor dat jaarlijks een opgave wordt opgesteld en verstrekt aan de minister:
door elke onderwijsinstelling van het ongeoorloofd schoolverzuim van leerplichtige leerlingen aan de school of instelling ( artikel 25, derde lid);
door elke gemeente van de omvang en behandeling van het gemelde schoolverzuim van leerplichtige leerlingen die zijn ingeschreven in de bevolkingsadministratie in hun gemeente ( artikel 25, tweede lid).
In deze voorlichtingspublicatie wordt - overeenkomstig mijn publicatie ’ opgave ex artikel 25, lid twee en drie van de Leerplichtwet 1969 over het schooljaar ’2001-2002 en 2002-2003’ in het Gele Katern nummer 20 van 11 september 2002 - een nadere uiteenzetting gegeven over de registratievoorschriften van de onderwijsinstellingen en de informatie uitwisseling tussen de gemeenten en het ministerie van Onderwijs,Cultuur en Wetenschappen voor het schooljaar 2002/2003 en het schooljaar 2003/2004.
Het doel van de voornoemde opgaven door onderwijsinstellingen en gemeenten is het verkrijgen van inzicht in de omvang en wijze van behandeling van het ongeoorloofde schoolverzuim van leerplichtige leerlingen. Dit inzicht is noodzakelijk voor het beleid van onderwijsinstellingen en gemeenten voor het terugdringen van het schoolverzuim evenals voor het landelijk beleid van de rijksoverheid en landelijke organisaties op dit gebied.
Om aan de doelstellingen - het verkrijgen van inzicht in de toepassing van de Leerplichtwet en het ontwikkelen van een basis voor de uitvoering van landelijk en lokaal beleid gericht op het terugdringen van het ongeoorloofd verzuim - te voldoen is het noodzakelijk dat de bevoegde gezagsorganen van de instellingen en de gemeenten hun wettelijke verplichting tot het tijdig leveren van juiste en volledige informatie nakomen. Om dit mogelijk te maken wordt in deze publicatie wederom aangegeven welke gegevens door instellingen en gemeenten verstrekt dienen te worden aan de minister.
In deze publicatie is in hoofdstuk 2 en 3 de door de instellingen respectievelijk gemeenten te verstrekken informatie opgenomen. In hoofdstuk 4 is voor een aantal onderdelen een nadere toelichting opgenomen. Tenslotte is in hoofdstuk 5 de procedure beschreven voor de informatieverstrekking over het schooljaar 2002/2003.
2.1. Inleiding [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
Instellingen dienen informatie te verschaffen over de omvang van het ongeoorloofd verzuim van volledig en partieel leerplichtige leerlingen, die gedurende het schooljaar waren ingeschreven.
De omvang wordt uitgedrukt in het aantal dagdelen c.q. in het aantal lesuren van het ongeoorloofd verzuim van leerplichtige leerlingen, zonder dat daarvoor op grond van de Leerplichtwet 1969 toestemming is verleend.
Daarnaast dienen de instellingen informatie te verstrekken over het aantal volledig en partieel leerplichtigen dat in het schooljaar was ingeschreven. Dit gegeven is noodzakelijk om het schoolverzuim te kunnen relateren aan de deelnamenorm. Deze informatie wordt opgevraagd bij de reguliere deelname/leerling tellingen die per sector worden gehouden.
aantal dagdelen ongeoorloofd verzuim leerplichtige jongens;
aantal dagdelen ongeoorloofd verzuim leerplichtige meisjes;
aantal ingeschreven leerplichtige jongens;
aantal ingeschreven leerplichtige meisjes.
aantal dagdelen ongeoorloofd verzuim leerplichtige jongens;
aantal dagdelen ongeoorloofd verzuim leerplichtige meisjes;
aantal ingeschreven leerplichtige jongens;
aantal ingeschreven leerplichtige meisjes.
aantal lesuren ongeoorloofd verzuim leerplichtige jongens;
aantal lesuren ongeoorloofd verzuim leerplichtige meisjes;
aantal ingeschreven leerplichtige jongens;
aantal ingeschreven leerplichtige meisjes.
leerjaar 1 en 2 algemeen voortgezet onderwijs (AVO);
overige jaren MAVO;
overige jaren HAVO;
overige jaren VWO;
leerjaar 1 en 2 voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs (vmbo) en leerjaar 1 en 2 voorbereidend beroepsonderwijs (vbo);
leerjaar 1 en 2 leerweg ondersteunend onderwijs;
overige leerjaren voorbereidend beroepsonderwijs (vbo);
leerweg ondersteunend onderwijs;
praktijkonderwijs.
aantal lesuren ongeoorloofd verzuim (partieel) leerplichtige jongens;
aantal lesuren ongeoorloofd verzuim (partieel) leerplichtige meisjes;
aantal ingeschreven (partieel) leerplichtige jongens;
aantal ingeschreven (partieel) leerplichtige meisjes.
BOL en MBO voltijd;
BOL en MBO deeltijd;
BBL en BBO.
3.1. Inleiding [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
Gemeenten dienen informatie te verschaffen over de toepassing van de artikelen met betrekking tot vervangende leerplicht en vrijstellingen alsmede de omvang van het ongeoorloofd verzuim van volledig en partieel leerplichtige leerlingen, die de gemeente in dit schooljaar ter kennis is gekomen. Voorts wordt de gemeenten gevraagd opgave te doen van de aantallen opgemaakte processen-verbaal wegens absoluut verzuim.
De omvang van het aantal toepassingen van vervangende leerplicht en vrijstellingen wordt uitgedrukt in het aantal toepassingen van de artikelen 3a, 3b, 5, onder a, 5, onder b en 15 van de Leerplichtwet 1969. De omvang van het verzuim wordt uitgedrukt in aantallen leerlingen die niet deelnemen aan het onderwijs zonder, dat daarvoor op grond van de Leerplichtwet 1969 toestemming is verleend. Tenslotte wordt de gemeenten gevraagd aan te geven hoeveel van de haar gemelde absolute verzuimers weer ingeschreven zijn aan een school of onderwijsinstelling
3.2. Gegevens schooljaar 2002/2003 [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
De gemeenten dienen derhalve de volgende gegevens te verstrekken:• Vervangende leerplicht en vrijstelling [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
aantal toepassingen vervangende leerplicht o.g.v. artikel 3a,
aantal toepassingen vervangende leerplicht o.g.v. artikel 3b,
aantal vrijstellingen o.g.v. artikel 5, onder a,
aantal vrijstellingen o.g.v. artikel 5, onder b,aantal vrijstellingen o.g.v. artikel 15 (partieel leerplichtigen).• Absoluut schoolverzuim [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
totaal aantal opgespoorde gevallen,
aantal leerplichtigen dat na interventie weer ingeschreven is bij het onderwijs.• Relatief schoolverzuim [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
totaal aantal leerlingen van wie een of meermalen verzuim is gemeld,
totaal aantal meldingen ex artikel 13a.• Processen verbaal [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
totaal aantal pv’s van het absoluut verzuim, totaal aantal pv’s van het relatief verzuim, totaal aantal pv’s inzake artikel 13a.• Uitsplitsing naar onderwijssoort [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
Bovenstaande gegevens dienen te worden uitgesplitst naar de onderscheiden onderwijssoorten te weten:
basisonderwijs / speciaal basisonderwijs ( WPO ),
(voortgezet) speciaal onderwijs ( WEC ),
voortgezet onderwijs, inclusief praktijkonderwijs en leerwegondersteunend onderwijs ( WVO )
beroepsonderwijs (bbo, mbo bol en bbl),
onbekend,
geen onderwijs.
4.1. Algemeen [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
• volledig leerplichtig [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
Een leerling is volledig leerplichtig vanaf de eerste van de maand volgende op die waarin hij/zij de leeftijd van 5 jaar heeft bereikt. De leerplicht eindigt met ingang van het schooljaar volgende op het schooljaar waarin de leerling de leeftijd van 16 jaar heeft bereikt of na afloop waarvan de leerling tenminste twaalf volledige schooljaren één of meerdere scholen heeft bezocht. Daarbij worden leerlingen die het basisonderwijs na minder dan 8 jaren hebben afgesloten, geacht acht leerjaren een school te hebben bezocht (zie ook artikel 3 van de Leerplichtwet 1969). Het schooljaar wordt geacht te lopen van 1 augustus van enig jaar tot en met 31 juli van het daarop volgende jaar.• partieel leerplichtig [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
Leerlingen zijn na de volledige leerplicht nog 1 schooljaar partieel leerplichtig. Zolang zij in dat schooljaar vol­ledig dagonderwijs volgen zijn zij echter niet partieel leerplichtig.
4.2. Toelichting op het formulier gemeenten [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
• toepassing vervangende leerplicht op grond van artikel 3a en 3b [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
Artikel 3a en 3b kunnen alleen worden toegepast voor leerlingen in speciaal onderwijs, voortgezet speciaal onderwijs, de eerste fase van het voortgezet onderwijs en de beroepsopleidende leerweg.
Artikel 3a kan worden toegepast bij jongeren vanaf de leeftijd van 14 jaar en artikel 3b bij jongeren in het laatste jaar van hun leerplicht.
Bij toepassing van artikel 3a blijft de leerling ingeschreven in een school voor speciaal onderwijs, voortgezet speciaal onderwijs en speciaal voortgezet onderwijs of voortgezet onderwijs, maar gaat een onderwijsprogramma volgen waarin algemene vorming en praktijkervaring worden gecombineerd (duaal programma). Bij toepassing van artikel 3b wordt de leerling ingeschreven in een instelling voor secundair beroepsonderwijs.• toepassing vrijstelling op grond van artikel 5, onder a [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
Bij deze vorm van vrijstelling dient als onderwijssoort het laatst genoten onderwijs ingevuld te worden. Indien nog geen onderwijs werd genoten bij het indienen van de aanvraag dan dient als onderwijssoort ”geen onderwijs” ingevuld te worden.
Kennisgevingen van een beroep op vrijstelling op grond van artikel 5, onder a (lichamelijke of psychische ongeschiktheid) moeten ieder jaar opnieuw gedaan worden tenzij voor de eerste maal definitief vrijstelling is gegeven.
Ook bij een vervolg kennisgeving moet als onderwijssoort worden ingevuld de onderwijssoort zoals die gold bij het verlenen van de eerste vrijstelling.• Gewijzigde specificatie inzake toepassing vrijstelling op grond van artikel 5, onder b [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
Bij vrijstelling ex artikel 5, onder b, dient op het formulier ”het laatst genoten onderwijs” te worden ingevuld. Indien vrijstelling op grond van artikel 5, onder b, wordt gegeven voordat het kind in enig schooltype voor leerplichtig onderwijs is ingeschreven dan dient dit vermeld te worden onder de onderwijssoort ”geen onderwijs”.• toepassing vrijstelling op grond van artikel 15 [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
Leerlingen voor wie artikel 15 is toegepast worden vermeld naar de onderwijssoort die zij volgden op hetmoment dat de ontheffing werd aangevraagd.
Toelichting:
Strikt genomen kunnen volgens de Leerplichtwet leerlingen die ingeschreven staan in volledig dagonderwijs geen vrijstelling krijgen op grond van artikel 15 omdat ze niet partieel leerplichtig zijn. Een dergelijke jongere zou alleen voor deze vrijstelling in aanmerking komen als hij eerst wordt uitgeschreven uit de school waar hij tot dan toe onderwijs volgt. Teneinde toch inzicht te krijgen in de herkomst van deze leerlingen wordt gevraagd om het onderwijs aan te geven dat de leerling volgde op het moment dat de vrijstelling werd aangevraagd en niet de situatie op het moment waarop de vrijstelling werd verleend.• onderscheid absoluut en relatief ongeoorloofd schoolverzuim [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
Van absoluut schoolverzuim is sprake, indien een volledig of partieel leerplichtige jongere niet is ingeschreven bij een onderwijsinstelling zonder dat daarvoor op grond van de Leerplichtwet 1969 toestemming is verleend.
Van ongeoorloofd relatief schoolverzuim is sprake, indien een volledig of partieel leerplichtige jongere is ingeschreven bij een onderwijsinstelling doch geen onderwijs volgt zonder dat daarvoor op grond van de Leerplichtwet 1969 toestemming is verleend.
Wellicht ten overvloede merk ik op dat een leerplichtige die onderwijs volgt in een andere gemeente, dan waar hij/zij woont, ten aanzien van de toepassing van de Leerplichtwet ressorteert onder de leerplichtambtenaar van de gemeente waar hij/zij in het bevolkingsregister is ingeschreven.• uitsplitsing absoluut verzuim per schoolsoort [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
Bij de categorie onderwijssoort dient ingevuld te worden het laatst genoten onderwijs.
5. Procedure en tijdpad ten aanzien van de opgaven met betrekking tot het schooljaar 2002/2003 [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
Instellingen: [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
De instellingen zullen via de reguliere leerlingtellingen gevraagd worden de gegevens te leveren met betrekking tot het verzuim als bedoeld in hoofdstuk 2 van deze publicatie.Gemeenten: [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
De gemeenten ontvangen uiterlijk 1 oktober 2003 ten behoeve van de opgave door burgemeester en wethouderseen formulier (model CFI 53103) waarop de gegevens met betrekking tot vervangende leerplicht, vrijstelling en het absoluut en relatief verzuim moeten worden opgegeven. Dit formulier dient ondertekend door burgemeester en wethouders uiterlijk 16 oktober 2003 te worden geretourneerd aan:
Centrale Financiën Instellingen
Afd GEG/GGV
Postbus 606
2700 ML Zoetermeer
De gegevens op de formulieren worden door CFI verwerkt en gecontroleerd. Indien er onvolkomenheden worden geconstateerd worden de gegevens teruggemeld op een groen terugmeldingsformulier waarbij wordt aangegeven welke onvolkomenheden zijn geconstateerd.
De gegevens op het groene terugmeldingsformulier dienen in dat geval aangepast te worden waarna het terugmeldingsformulier ondertekend door burgemeester en wethouders uiterlijk 1 december 2003 op het ministerie binnen moet zijn.
Na verwerking van de correcties ontvangt elke gemeente een blauw overzichtsformulier waarop de uiteindelijk geregistreerde gegevens zijn vermeld die binnen het ministerie gebruikt zullen worden voor het beleid ten aanzien van het schoolverzuim en het bekendmaken van het landelijke beeld in het Uitleg magazine. Dit blauwe formulier is bestemd voor de administratie van de ontvanger en behoeft niet te worden teruggestuurd.
Gemeenten waarbij tijdens de controle geen onvolkomenheden worden geconstateerd ontvangen geen groen terugmeldingsformulier doch ontvangen direct het blauwe overzichtsformulier.• Tijdpad formulieren model CFI 53103 (opgave gemeenten) [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
uiterlijk 1 oktober 2003 verzending formulieren
uiterlijk 16 oktober 2003 ontvangst formulieren door CFI
uiterlijk 14 november 2003 verzenden door CFI groene terugmeldingsformulieren in het geval er onvolkomenheden zijn gesignaleerd
uiterlijk 1 december 2003 ontvangst door CFI groene terugmeldingsformulieren
  januari 2004 verzending blauwe overzichtsformulieren

Indien op 4 oktober 2003 geen formulier is ontvangen of in het geval dat er vragen zijn over de opgave conform model CFI 53103 kan op werkdagen van 8.30 tot 12.00 uur en van 13.00 tot 17.00 uur contact worden opgenomen met het Informatie Centrum Onderwijs:
CFI/ICO/Primair Onderwijs
079 - 3232333
CFI/ICO/Voortgezet Onderwijs
079 - 3232444
CFI/ICO/Beroepsonderwijs, Volwasseneneducatie en Hoger onderwijs
079 - 3232666
De
hoofddirecteur
Inhoudsopgave
1. Inleiding
2. Door onderwijsinstellingen te verstrekken informatie
2.1. Inleiding
2.2. Registratievoorschriften voor de instellingen voor het schooljaar 2002/2003 en het schooljaar 2003/2004
3. Door gemeenten te verstrekken informatie
3.1. Inleiding
3.2. Gegevens schooljaar 2002/2003
4. Toelichting op de op te geven onderdelen
4.1. Algemeen
4.2. Toelichting op het formulier gemeenten
5. Procedure en tijdpad ten aanzien van de opgaven met betrekking tot het schooljaar 2002/2003
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht