Overeenkomst tussen de Lid-Staten van de Europese Gemeenschappen betreffende de vereenvoudiging en de modernisering van de wijze van toezending van uitleveringsverzoeken
(authentiek: nl)
De Lid-Staten van de Europese Gemeenschappen, hierna te noemen de Lid-Staten,
Verlangend de strafrechtelijke samenwerking in hun onderlinge betrekkingen inzake uitlevering te verbeteren;
Overwegende dat het wenselijk is de procedures voor de toezending van uitleveringsverzoeken en begeleidende documenten te versnellen, en dat daartoe gebruik dient te worden gemaakt van de moderne technieken voor de overzending van gegevens,
Hebben omtrent het volgende overeenstemming bereikt:
1.
Voor de toepassing van de uitleveringsverdragen die tussen de Lid-Staten van kracht zijn, wijst elke Staat die partij is bij de Overeenkomst, de centrale autoriteit of, indien dit volgens zijn grondwet voorgeschreven is, de centrale autoriteiten aan die zijn belast met het toezenden en in ontvangst nemen van uitleveringsverzoeken en de documenten ter staving daarvan, alsook van de officiële briefwisseling aangaande een uitleveringsverzoek.
2.
De in het eerste lid bedoelde aanwijzing geschiedt door elke Lid-Staat op het tijdstip van de bekrachtiging, de goedkeuring of de aanvaarding van de Overeenkomst en kan te allen tijde naderhand worden gewijzigd. De depositaris van de Overeenkomst stelt elke Staat die partij is bij de Overeenkomst in kennis van de aanwijzing en van latere wijzigingen.
Artikel 2 [Wordt voorlopig toegepast per 18-05-1994]
Het uitleveringsverzoek en de documenten bedoeld in artikel 1, lid 1, kunnen via een telekopieerapparaat worden verzonden. Elke bevoegde autoriteit in de zin van artikel 1 beschikt over apparatuur waarmee genoemde documenten op die wijze kunnen worden verzonden en ontvangen, en zorgt ervoor dat die apparatuur goed functioneert.
1.
Om de herkomst en de vertrouwelijkheid van de verzonden documenten te waarborgen, wordt gebruik gemaakt van crypto-apparatuur die afgestemd is op de telekopieerapparatuur van de bevoegde autoriteit in de zin van artikel 1, wanneer die apparatuur voor de toepassing van deze Overeenkomst in werking wordt gesteld.
2.
De Staten die partij zijn bij de Overeenkomst stellen in onderling overleg de praktische uitvoeringsbepalingen van deze Overeenkomst vast.
Artikel 4 [Wordt voorlopig toegepast per 18-05-1994]
Om de echtheid van de uitleveringsdocumenten te waarborgen, verklaart de bevoegde autoriteit in de zin van artikel 1 van de verzoekende Staat in haar verzoek ervoor in te staan dat de ter staving van het verzoek toegezonden documenten overeenstemmen met de originele documenten, en geeft zij een overzicht van de paginering. Wanneer de aangezochte partij de overeenstemming van de documenten met de originele documenten betwist, is de bevoegde autoriteit in de zin van artikel 1 van de aangezochte Staat gerechtigd van de bevoegde autoriteit van de verzoekende Staat te verlangen dat zij via diplomatieke of andere in onderling overleg overeengekomen kanalen, binnen een redelijke termijn originele documenten of voor eensluidend gewaarmerkte afschriften overlegt.
1.
Deze Overeenkomst is opengesteld ter ondertekening door de Lid-Staten. Zij dient te worden bekrachtigd, aanvaard of goedgekeurd. De akten van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring zullen worden neergelegd bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken van Spanje.
2.
Deze Overeenkomst treedt in werking 90 dagen na de datum van nederlegging van de akten van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring door alle Staten die op de datum waarop de Overeenkomst ter ondertekening is opengesteld Lid-Staten van de Europese Gemeenschappen zijn.
3.
Tot de inwerkingtreding van deze Overeenkomst kan elke Lid-Staat, hetzij bij de nederlegging van zijn akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring, hetzij op een later tijdstip verklaren dat de Overeenkomst jegens hem van toepassing is in zijn betrekkingen met de Staten die dezelfde verklaring na de datum van nederlegging hebben afgelegd.
4.
Een Staat die geen verklaring heeft afgelegd, kan de Overeenkomst samen met andere Staten die partij zijn bij de Overeenkomst, op basis van bilaterale overeenkomsten toepassen.
5.
Het Ministerie van Buitenlandse Zaken van Spanje stelt alle Lid-Staten in kennis van elke ondertekening, nederlegging van akten of verklaring.
Artikel 6 [Wordt voorlopig toegepast per 18-05-1994]
Alle Staten die lid worden van de Europese Gemeenschappen, kunnen tot deze Overeenkomst toetreden. De akten van toetreding worden neergelegd bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken van Spanje.
Deze Overeenkomst wordt voor elke Staat die hiertoe toetreedt 90 dagen na de datum van nederlegging van zijn akte van toetreding tot de Overeenkomst van kracht.
Het Ministerie van Buitenlandse Zaken van Spanje zal de Regeringen die de Overeenkomst ondertekenen, een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift toezenden.
GEDAAN te Donostia - San Sebastian, de zesentwintigste mei negentienhonderd negenentachtig, in alle officiële talen, zijnde alle teksten gelijkelijk authentiek, in één exemplaar dat zal worden neergelegd in de archieven van het Ministerie van Buitenlandse Zaken van Spanje.
Inhoudsopgave
Artikel 1
Artikel 2
Artikel 3
Artikel 4
Artikel 5
Artikel 6
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht