1.
In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. benadelingsbedrag: bruto bedrag dat als gevolg van het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel 5a, ten onrechte of tot een te hoog bedrag aan remigratievoorzieningen is verleend;
b. bestemmingsland: land waarin een remigrant zich gaat vestigen;
c. hoofdverblijf: de plaats waar een persoon zijn feitelijke woonstede heeft;
d. kind: meeremigrerend minderjarig eigen kind, stiefkind of pleegkind;
e. land van herkomst: land waar de remigrant geboren is en waarvan de remigrant de nationaliteit bezit of heeft bezeten;
f. Onze Minister: Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
g. partner: de meeremigrerende echtgenoot, de meeremigrerende geregistreerde partner of de meeremigrerende ongehuwd meerderjarige, die geen bloedverwant in de eerste graad van de remigrant is, en met de remigrant een gezamenlijke huishouding voert waarbij betrokkenen hun hoofdverblijf hebben in dezelfde woning, met dien verstande dat deze gezamenlijke huishouding uit niet meer dan twee meerderjarige personen bestaat;
h. remigrant: een persoon als bedoeld in artikel 2, die met de toepassing van deze wet voornemens is zijn rechtmatig hoofdverblijf in Nederland op te geven om te remigreren, dan wel is geremigreerd en sindsdien in een bestemmingsland is gevestigd;
i. remigratievoorzieningen: voorzieningen, bedoeld in artikel 4;
j. remigreren: het zich buiten het Koninkrijk, in het land van herkomst vestigen;
k. Sociale verzekeringsbank: de Sociale verzekeringsbank, genoemd in hoofdstuk 6 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
l. vertrekdatum: de eerste dag na het feitelijk vertrek uit Nederland;
m. vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel: bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak opgelegde vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel als bedoeld in het Wetboek van Strafrecht , behoudens de gevallen, bedoeld in artikel 37, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht.
2.
In deze wet wordt in artikel 5a, 6, tweede lid, 6a, 6c, tweede en vierde lid, 6d, eerste lid, onderdeel c en d, 6e, eerste en vierde lid, en 6f, eerste lid, alsmede, voor zover dit uitdrukkelijk van toepassing is verklaard, in de op deze wet berustende bepalingen, onder partner mede verstaan de bij vertrek van de remigrant uit Nederland in het bestemmingsland verblijvende echtgenoot of geregistreerde partner.
3.
In deze wet wordt in artikel 5a, 6, derde lid, 6a, derde lid, 6c, tweede en vierde lid, 6d, eerste lid, onderdeel c en d, 6e, tweede en vierde lid, en 6f, eerste lid, alsmede, voor zover dit uitdrukkelijk van toepassing is verklaard, in de op deze wet berustende bepalingen onder kind mede verstaan het bij vertrek van de remigrant uit Nederland in het bestemmingsland verblijvende minderjarige eigen kind, stiefkind of pleegkind.
Inhoudsopgave
- Hoofdstuk I. Algemene bepalingen
+ Hoofdstuk II. Voorzieningen ten behoeve van remigratie
+ Hoofdstuk III. Terugkeeroptie
+ Hoofdstuk IIIA. Taken en bevoegdheden van de Sociale verzekeringsbank
+ Hoofdstuk IV. Overgangs- en slotbepalingen
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht