1.
De uitkeringsgerechtigde die op het tijdstip van transitie woonachtig is op Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius of Saba, verkrijgt met ingang van dat tijdstip op het land waar deze op dat tijdstip woonachtig is een met het recht op uitkering vergelijkbare aanspraak overeenkomstig de desbetreffende regelgeving van dat land. Voor de vaststelling van het woonachtig zijn van de uitkeringsgerechtigde met recht op een uitkering als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel c, onder 7, indien hij een psychiatrische patiënt is die verzorgd wordt in een psychiatrisch ziekenhuis als bedoeld in de Landsverordening verpleging psychiatrische patiënten (P.B. 2010, no. 31), wordt aangesloten bij het bepaalde in artikel 32 van die landsverordening.
2.
De uitkeringsgerechtigde die op het tijdstip van transitie buiten Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius en Saba woonachtig is, verkrijgt met ingang van dat tijdstip, overeenkomstig de desbetreffende regelgeving van het overnemende land:
a. wat betreft de uitkeringsgerechtigde met recht op een uitkering als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel c, onder 1, een daarmee vergelijkbare aanspraak op het land binnen wiens, onderscheidenlijk de landen binnen wier grondgebied de belanghebbende het recht op uitkering heeft opgebouwd, naar gelang het binnen het grondgebied van dat land opgebouwde recht;
b. wat betreft de uitkeringsgerechtigde met recht op een uitkering als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel c, onder 2, een daarmee vergelijkbare aanspraak op het land waar de overledene aan wiens overlijden het recht op uitkering wordt ontleend, laatstelijk woonachtig was;
c. wat betreft de uitkeringsgerechtigde met recht op een uitkering als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel c, onder 3 en 4, een daarmee vergelijkbare aanspraak op het land binnen wiens grondgebied de aanspraak op deze uitkering is ontstaan;
d. wat betreft de uitkeringsgerechtigde met recht op een uitkering als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel c, onder 6, een daarmee vergelijkbare aanspraak op het land binnen wiens grondgebied de belanghebbende laatstelijk woonachtig was, met dien verstande dat die aanspraak vervalt bij een onafgebroken verblijf buiten dat grondgebied van langer dan een jaar.
3.
Indien de uitkeringsgerechtigde, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, het recht op uitkering geheel of gedeeltelijk heeft opgebouwd buiten Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius of Saba, doch niet op Aruba vóór 1 januari 1986, wordt de met dat opgebouwde recht vergelijkbare aanspraak verkregen jegens het land binnen wiens grondgebied betrokkene laatstelijk woonachtig was onmiddellijk voorafgaand aan de periode van opbouw buiten Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius of Saba.
4.
Indien de uitkeringsgerechtigde, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, het recht op uitkering geheel of gedeeltelijk heeft opgebouwd op Aruba vóór 1 januari 1986, wordt de met dat op Aruba opgebouwde recht vergelijkbare aanspraak verkregen jegens het land Curaçao.
5.
Op aanspraken op een uitkering is de wetgeving van het overnemende land van toepassing.
Inhoudsopgave
+ § 1. Inleidende bepalingen
- § 2. Overname uitkeringen en aanspraken op uitkeringen
+ § 3. Overgang burgerlijke rechten en verplichtingen van de Sociale Verzekeringsbank van de Nederlandse Antillen
+ § 4. Slotbepalingen
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht