Let op. Deze wet is vervallen op 1 januari 2009. U leest nu de tekst die gold op -.

Tijdelijk besluit brugbanen herbeoordeelden

Uitgebreide informatie
Besluit van 25 februari 2008, houdende tijdelijke regels teneinde door middel van een subsidie brugbanen voor herbeoordeelde arbeidsgeschikten mogelijk te maken (Tijdelijk besluit brugbanen herbeoordeelden)
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 13 november 2007, nr. SV/R&S/07/36624;
Gelet op artikel 89 van de Grondwet;
De Raad van State gehoord (advies van 17 december 2007, no. W12.07.0425/III);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 19 februari 2008, nr. SV/R&S/08/5070;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel 1. Definities
Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:
UWV: het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, genoemd in hoofdstuk 5 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
WAO: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering ;
WAZ: Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen ;
WAJONG: Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten ;
Wfsv: Wet financiering sociale verzekeringen ;
WW: Werkloosheidswet ;
Wet SUWI: Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen ;
herbeoordeelde: de persoon:
a. ten aanzien van wie, op grond van artikel 34, vierde lid, van de WAO, artikel 35, vijfde lid, van de WAZ of artikel 28, vijfde lid, van de WAJONG, is bezien of er in verband met wijziging van de mate van arbeidsongeschiktheid gronden zijn voor herziening of intrekking van zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering en die niet in de hoogste arbeidsongeschiktheidsklasse is ingedeeld, alsmede de persoon, bedoeld in artikel 2, tweede lid, van het Besluit eenmalige herbeoordelingen arbeidsongeschiktheidswetten, die niet in de hoogste arbeidsongeschiktheidsklasse is ingedeeld; en
b. die een uitkering ontvangt op grond van een wet waaraan uitvoering wordt gegeven door het UWV.
1.
Het UWV kan op aanvraag aan de werkgever die met een herbeoordeelde, die een indicatiebeschikking heeft als bedoeld in het derde lid, een dienstbetrekking, niet zijnde een dienstbetrekking als bedoeld in hoofdstuk 2 of 3 van de Wet sociale werkvoorziening, aangaat of is aangegaan na de inwerkingtreding van dit besluit, subsidie voor loonkosten verlenen indien de dienstbetrekking een duur van ten minste twaalf maanden heeft.
2.
Indien de dienstbetrekking, bedoeld in het eerste lid, een uitzendovereenkomst als bedoeld in artikel 690 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek betreft, verstrekt het UWV slechts subsidie indien de derde, in wiens opdracht de herbeoordeelde ter beschikking wordt gesteld om arbeid te verrichten, zich jegens de werkgever verplicht de herbeoordeelde tenminste twaalf maanden arbeid te laten verrichten.
3.
Het UWV kan van de herbeoordeelde vaststellen dat hij in aanmerking komt voor toepassing van het eerste lid, indien het UWV van oordeel is dat met het oog op de inschakeling in de arbeid geen andere voorziening of instrument meer geschikt is. De vaststelling, bedoeld in de eerste zin, geschiedt bij indicatiebeschikking.
4.
Het UWV verstrekt de subsidie slechts:
a. indien naar het oordeel van het UWV reële behoefte bestaat aan de arbeid die op grond van de dienstbetrekking, bedoeld in het eerste lid, zal worden verricht en die arbeid geen additionele arbeid betreft;
b. indien er naar het oordeel van het UWV een reëel uitzicht is op continuering van de dienstbetrekking voor ten minste zes maanden na afloop van de periode waarover de loonkostensubsidie wordt verstrekt, dan wel op een op die dienstbetrekking aansluitende dienstbetrekking van dezelfde of grotere omvang voor ten minste zes maanden; en
c. indien ten behoeve van de herbeoordeelde in de vijf jaar voorafgaand aan de indicatiebeschikking, bedoeld in het derde lid, niet eerder loonkostensubsidie op grond van dit besluit is verstrekt en hij in die periode niet eerder werkzaamheden op een proefplaats als bedoeld in artikel 65g van de WAO, artikel 67e van de WAZ, artikel 59h van de WAJONG of artikel 76a van de WW heeft verricht.
5.
Onder additionele arbeid als bedoeld in het vierde lid, onderdeel a, wordt verstaan primair op de arbeidsinschakeling gerichte arbeid of het naast of in aanvulling op reguliere arbeid verrichten van werkzaamheden die niet leiden tot verdringing op de arbeidsmarkt.
6.
De subsidie bedraagt ten hoogste 50% van het wettelijk minimumloon, bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag of, indien het een werknemer jonger dan 23 jaar betreft, het voor zijn leeftijd geldende minimumloon, bedoeld in artikel 7, derde lid, en artikel 8, derde lid, van laatstgenoemde wet. Het bedrag, bedoeld in de eerste zin, wordt naar evenredigheid verminderd, indien de overeengekomen arbeidsduur korter is dan de normale arbeidsduur, bedoeld in artikel 12 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag.
7.
De subsidie kan voor maximaal twaalf maanden worden verstrekt.
8.
Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot dit artikel, welke regels in ieder geval betrekking kunnen hebben op:
a. nadere subsidievoorwaarden;
b. het tijdstip waarop de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, moet zijn ingediend; en
c. een subsidieplafond.
1.
Met betrekking tot de toepassing van artikel 115 van de Wfsv worden de kosten van de subsidie, bedoeld in artikel 2, eerste lid, voor zover die wordt verstrekt aan de werkgever van de persoon ten aanzien van wie, op grond van artikel 34, vierde lid, van de WAO of artikel 35, vijfde lid, van de WAZ, is bezien of er in verband met wijziging van de mate van arbeidsongeschiktheid gronden zijn voor herziening of intrekking van zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering, aangemerkt als kosten die verband houden met de uitvoering van artikel 30, eerste lid, onderdeel b, van de Wet SUWI. De eerste zin is van overeenkomstige toepassing op de subsidie, bedoeld in artikel 2, eerste lid, voor zover die wordt verstrekt aan de werkgever van de persoon, bedoeld in artikel 2, tweede lid, van het Besluit eenmalige herbeoordelingen arbeidsongeschiktheidswetten, ten aanzien van wie is bezien of er in verband met wijziging van de mate van arbeidsongeschiktheid gronden zijn voor herziening of intrekking van zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de WAO of de WAZ .
2.
Met betrekking tot de toepassing van artikel 65 van de WAJONG worden de kosten van de subsidie, bedoeld in artikel 2, eerste lid, voor zover die wordt verstrekt aan de werkgever van de persoon ten aanzien van wie, op grond van artikel 28, vijfde lid, van de WAJONG is bezien of er in verband met wijziging van de mate van arbeidsongeschiktheid gronden zijn voor herziening of intrekking van zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering, aangemerkt als kosten verband houdende met de uitvoering van artikel 30, eerste lid, onderdeel b, van de Wet SUWI. De eerste zin is van overeenkomstige toepassing op de subsidie, bedoeld in artikel 2, eerste lid, voor zover die wordt verstrekt aan de werkgever van de persoon, bedoeld in artikel 2, tweede lid, van het Besluit eenmalige herbeoordelingen arbeidsongeschiktheidswetten, ten aanzien van wie is bezien of er in verband met wijziging van de mate van arbeidsongeschiktheid gronden zijn voor herziening of intrekking van zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering, op grond van de WAJONG .
3.
In afwijking van het eerste en tweede lid, worden met betrekking tot de toepassing van artikel 100 van de Wfsv de kosten van de subsidie, bedoeld in artikel 2, eerste lid, voor zover die wordt verstrekt aan de werkgever van de herbeoordeelde die direct voorafgaand aan de dienstbetrekking recht had op een uitkering op grond van de WW en geen recht had op een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de WAO , WAZ of WAJONG , aangemerkt als kosten in verband met de uitvoering van artikel 30, eerste lid, onderdeel b, van de Wet SUWI.
4.
In afwijking van het eerste, tweede en derde lid, worden met betrekking tot de toepassing van artikel 108 van de Wfsv de kosten van de subsidie, bedoeld in artikel 2, eerste lid, voor zover die wordt verstrekt aan de werkgever van de herbeoordeelde die direct voorafgaand aan de dienstbetrekking recht had op een uitkering die ten laste kwam van het Uitvoeringsfonds voor de overheid en geen recht had op een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de WAO , WAZ of WAJONG , aangemerkt als kosten die rechtstreeks verband houden met de uitvoering van artikel 30, eerste lid, onderdeel b, van de Wet SUWI.
1.
Indien de herbeoordeelde, bedoeld in artikel 2, ziekengeld ontvangt op grond van de Ziektewet wordt het, naar werkdagen herleide, aan de werkgever verstrekte subsidiebedrag, bedoeld in artikel 2, verminderd met dit ziekengeld.
2.
In afwijking van het eerste lid wordt het subsidiebedrag, bedoeld in artikel 2, niet verminderd met het ziekengeld dat wordt uitgekeerd op grond van artikel 29, tweede lid, onderdeel d, van de Ziektewet.
Artikel 5. Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en vervalt op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.
Artikel 6. Citeertitel
Dit besluit wordt aangehaald als: Tijdelijk besluit brugbanen herbeoordeelden.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
’s-Gravenhage, 25 februari 2008
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid ,
Uitgegeven de achtentwintigste februari 2008
De Minister van Justitie ,
Inhoudsopgave
Artikel 1. Definities
Artikel 2. Loonkostensubsidie herbeoordeelden
Artikel 3. Financiering
Artikel 4. Samenloop loonkostensubsidie met ziekengeld
Artikel 5. Inwerkingtreding
Artikel 6. Citeertitel
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht