Let op. Deze wet is vervallen op 7 februari 2015. U leest nu de tekst die gold op 6 februari 2015.

Artikel 2 c Vennootschapsbelasting, juridische fusie, toepassing artikel 14b, derde lid, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969

Uitgebreide informatie
2. Systematiek van de regeling
Voor de vennootschapsbelasting behelst de juridische fusie een overdracht van vermogensbestanddelen van de verdwijnende rechtspersoon naar de verkrijgende rechtspersoon ( artikel 14b, eerste lid, van de Wet Vpb). De verdwijnende rechtspersoon houdt van rechtswege op te bestaan en wordt geacht zijn onderneming te hebben gestaakt. De verdwijnende rechtspersoon zal daarom dienen af te rekenen op grond van artikel 15d van de Wet Vpb. Omdat er fiscaalrechtelijk sprake is van een overdracht, zal in dit besluit en in de voorwaarden steeds de term overdracht en niet de term overgang worden gebruikt.
In artikel 14b, tweede lid, van de Wet Vpb is bepaald dat de verdwijnende rechtspersoon de als gevolg van het eerste lid behaalde winst niet in aanmerking behoeft te nemen, als aan de volgende drie vereisten wordt voldaan:
c. de latere heffing is verzekerd.
Als aan deze cumulatieve vereisten wordt voldaan en door het tweede lid vrijstelling wordt verleend, treedt de verkrijgende rechtspersoon voor al hetgeen in het kader van de juridische fusie is verkregen geheel in de plaats van de verdwijnende rechtspersoon.
Als niet aan de vereisten van het tweede lid wordt voldaan, biedt het derde lid de mogelijkheid de winst buiten aanmerking te laten. Hiervoor moeten de fuserende rechtspersonen vóór de civielrechtelijke juridische fusie een gezamenlijk verzoek doen bij de inspecteur. Als het verzoek wordt ingewilligd, worden hieraan voorwaarden verbonden. De inspecteur beslist op het verzoek bij een voor bezwaar vatbare beschikking. Ook in deze situatie treedt de verkrijgende rechtspersoon bij inwilliging van het verzoek voor al hetgeen in het kader van de juridische fusie is verkregen in de plaats van de verdwijnende rechtspersoon, voor zover nadere voorwaarden hierop geen inbreuk maken. De voorwaarden die door mij in het algemeen hierbij worden gesteld, worden toegelicht in paragraaf 6.
De faciliteit van het tweede en derde lid geldt niet voor elke overgang onder algemene titel in het kader van een juridische fusie. Zo geldt de beperking dat de verdwijnende en de verkrijgende rechtspersoon zijn gevestigd in Nederland, of in de zin van artikel 3.55, vijfde lid, Wet inkomstenbelasting 2001 zijn gevestigd in een lidstaat van de Europese Unie of een bij ministeriële regeling aangewezen staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte ( artikel 14b, achtste lid, van de Wet Vpb). Artikel 2, vierde lid, van de Wet Vpb vindt hierbij geen toepassing.
Voor de volledigheid merk ik hier nog op dat ook bij een fusie met een buiten Nederland gevestigde verkrijgende rechtspersoon voldaan kan zijn aan de vereisten van het tweede lid. Wel zal zich bij een buiten Nederland gevestigde verkrijger regelmatig de situatie voordoen dat het door de fusie overgegane vermogen bij de buitenlandse verkrijger geheel of gedeeltelijk niet is onderworpen aan de Nederlandse vennootschapsbelasting. Heffing is dan niet verzekerd en een faciliteit is dan alleen mogelijk met toepassing van 14b, derde lid, van de Wet Vpb.
Krachtens het vijfde lid wordt de faciliteit van het tweede en derde lid van artikel 14b van de Wet Vpb niet verleend als de juridische fusie in overwegende mate is gericht op het ontgaan of uitstel van belastingheffing. Zie in dit verband paragraaf 3.3.
Inhoudsopgave
1. Inleiding
Gebruikte begrippen en afkortingen
2. Systematiek van de regeling
3. Nadere omschrijving wettelijke begrippen
3.1. Overgang onder algemene titel in het kader van een fusie
3.2. Winst
3.3. Ontgaan of uitstellen van belastingheffing
3.4. Verkrijgende rechtspersoon is gevoegde dochtermaatschappij
4. Terugwerkende kracht fusie
4.1. Algemeen
4.2. Geen terugwerking voor zover geen fiscale begeleiding
4.3. Grensoverschrijdende fusie
4.4. Juridische fusie naar (zuiver) buitenlands recht
5. Goedkeuring voor bepaalde achterblijvende aanspraken
5.1. Innovatiebox, voorwaartse verrekening verliezen, deelnemingsverrekening en verrekening bij buitenlandse ondernemingswinsten
5.2. Achterwaartse verliesverrekening van de verkrijgende rechtspersoon met voorfusiewinst van de verdwijnende rechtspersoon
5.2.1. Algemeen
5.2.2. Indiening verzoeken
5.2.3. Toestemming aan de inspecteur
6. Toelichting op de voorwaarden
7. Formele aspecten van de indiening en afhandeling van verzoeken om een fiscaal geruisloze juridische fusie
7.1. Indiening verzoeken
7.2. Omvang algemene toestemming aan de inspecteur
7.3. Afdoening verzoeken die onder de algemene toestemming vallen; te stellen voorwaarden
7.3.1. Het verzoek wordt ingewilligd
7.3.1.1. Fuserende rechtspersonen zijn beleggingsinstellingen
7.3.1.2. Verkrijgende rechtspersoon is 9-1-g – coöperatie en verdwijnende rechtspersoon niet
7.3.2. Het verzoek wordt afgewezen
7.3.3. Het verzoek wordt ingewilligd onder het stellen van een afwijkend fusietijdstip
7.4. Verzoeken die niet onder de algemene toestemming vallen
8. Te laat ingediende verzoeken
8.1. Algemeen
8.2. Goedkeuring en voorwaarden
8.3. Indiening verzoeken
8.4. Toestemming aan de inspecteur
9. Ingetrokken regelingen
10. Inwerkingtreding
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht