Let op. Deze wet is vervallen op 1 mei 2009. U leest nu de tekst die gold op 30 april 2009.

Artikel 3.5.49 Voertuigreglement

Uitgebreide informatie
1.
De mistlichten aan de voorzijde en de parkeerlichten moeten niet lager dan 0,25 m, niet hoger dan 1,20 m boven het wegdek en niet verder dan 0,40 m van de zijkanten van het voertuig zijn aangebracht.
2.
De mistlichten aan de achterzijde moeten op een afstand van ten minste 0,10 m van het remlicht en niet hoger dan 1,00 m boven het wegdek zijn aangebracht. De mistlichten aan de achterzijde moeten symmetrisch ten opzichte van het midden van het voertuig zijn aangebracht. Indien één licht is aangebracht, moet dit links van het midden van het voertuig zijn geplaatst.
3.
De witte retroreflectoren moeten zijn aangebracht op een afstand van niet meer dan 0.40 m vanaf het punt van de grootste breedte van het voertuig.
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
+ Hoofdstuk 1A. Verbodsbepalingen in verband met het in de handel brengen
+ Hoofdstuk 2. Toelating tot de weg
- Hoofdstuk 3. Eisen toelating
+ Hoofdstuk 4. Periodieke keuring van voertuigen
+ Hoofdstuk 5. Permanente eisen
+ Hoofdstuk 6. Wijziging in de constructie
+ Hoofdstuk 7. Ontheffingen
+ Hoofdstuk 8. Strafbepalingen
+ Hoofdstuk 9. Overgangs- en slotbepalingen
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht