Let op. Deze wet is vervallen op 19 juli 2016. U leest nu de tekst die gold op 18 juli 2016.

Warenwetbesluit drukapparatuur

Uitgebreide informatie
1.
Drukapparatuur als bedoeld in artikel 7 wordt door de fabrikant onderworpen aan een procedure voor de beoordeling van overeenstemming overeenkomstig dit artikel en is voorzien van de CE-markering, bedoeld in artikel 16, en gaat vergezeld van de EG-verklaring van overeenstemming, bedoeld in bijlage VII bij de richtlijn, die de in deze bijlage genoemde gegevens bevat. De kosten van de beoordeling van overeenstemming zijn voor rekening van de fabrikant.
2.
De overeenkomstig bijlage III bij de richtlijn naar keuze van de fabrikant te volgen procedure voor de beoordeling van de overeenstemming van drukapparatuur wordt bepaald door de categorie, bedoeld in artikel 6, waarin het drukapparaat is ingedeeld. De fabrikant kan, voor zover dat mogelijk is, een procedure volgen die bestemd is voor een hogere categorie.
3.
De CE-markering, bedoeld in het eerste lid, wordt, met inachtneming van artikel 16, door de fabrikant uitsluitend aangebracht nadat toepassing is gegeven aan het tweede lid.
4.
Ten aanzien van kwaliteitsborgingsprocedures overeenkomstig bijlage III bij de richtlijn, voor drukapparatuur als bedoeld in artikel 7, onderdeel a, onderdeel b ten eerste, en onderdeel c, en die op grond van artikel 6 is ingedeeld in de categorieën III of IV, neemt de aangewezen aangemelde keuringsinstelling bij een onaangekondigd bezoek een monster van de drukapparatuur uit de fabricage- of opslagplaatsen om de eindcontrole, bedoeld in punt 3.2.2 van bijlage I bij de richtlijn, te verrichten. Daartoe stelt de fabrikant de aangewezen aangemelde keuringsinstelling in kennis van het beoogde productieschema. De aangewezen aangemelde keuringsinstelling legt in het eerste productiejaar ten minste twee bezoeken af. De frequentie van latere bezoeken wordt door de aangewezen aangemelde keuringsinstelling bepaald op basis van de criteria, genoemd in punt 4.4. van de desbetreffende procedures, bedoeld in bijlage III bij de richtlijn.
5.
De fabrikant stelt de aangewezen aangemelde keuringsinstelling in kennis van het beoogde productieschema, indien sprake is van een eenmalige productie van vaten en drukapparatuur als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder c, en die op grond van artikel 6 zijn ingedeeld in categorie III en die overeenkomstig module H als bedoeld in bijlage III bij de richtlijn worden geproduceerd en de aangewezen aangemelde keuringsinstelling de eindcontrole, bedoeld in punt 3.2.2 van bijlage I bij de richtlijn, verricht.
6.
De dossiers en de briefwisseling met betrekking tot de procedures voor de beoordeling van de overeenstemming worden gesteld in de Nederlandse taal of in een door de betrokken aangewezen aangemelde keuringsinstelling aanvaarde taal.
1.
Samenstellen als bedoeld in artikel 8, worden door de fabrikant, onderworpen aan een procedure voor de beoordeling van overeenstemming overeenkomstig dit artikel en zijn voorzien van de CE-markering, bedoeld in artikel 16, en gaan vergezeld van de EG-verklaring van overeenstemming, bedoeld in bijlage VII bij de richtlijn, die de in deze bijlage genoemde gegevens bevat.
2.
De overeenkomstig bijlage III bij de richtlijn te volgen procedure voor de beoordeling van de overeenstemming van samenstellen omvat:
a. de beoordeling van de overeenstemming van elk van de drukapparaten, bedoeld in artikel 7, waaruit dat samenstel bestaat wanneer die niet reeds aan een afzonderlijke procedure voor de beoordeling van overeenstemming onderworpen zijn geweest en geen aparte CE-markering hebben gekregen. De procedure voor de beoordeling van de overeenstemming wordt bepaald door de categorie, bedoeld in artikel 6, waarin elk van die drukapparaten is ingedeeld;
b. de beoordeling van de integratie van de verschillende onderdelen van het samenstel overeenkomstig de punten 2.3, 2.8 en 2.9 van bijlage I bij de richtlijn. De procedure voor de beoordeling van de overeenstemming wordt bepaald door de categorie, bedoeld in artikel 6, waarin het drukapparaat met het hoogste risico is ingedeeld, waarbij veiligheidsappendages niet in aanmerking worden genomen, en
c. de beoordeling van de beveiliging van het samenstel tegen overschrijding van de toelaatbare grenzen, bedoeld in de punten 2.10 en 3.2.3 van bijlage I bij de richtlijn. De procedure voor de beoordeling van de overeenstemming wordt bepaald door de categorie, bedoeld in artikel 6, waarin het te beveiligen drukapparaat met het hoogste risico is ingedeeld.
3.
Indien een afzonderlijk samenstel wordt gekoppeld aan een ander samenstel of druksysteem, kan de beoordeling van de overeenstemming ten aanzien van de integratie, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, en de beveiliging, bedoeld in het tweede lid, onderdeel c, worden betrokken op het desbetreffende afzonderlijke samenstel.
4.
De CE-markering, bedoeld in het eerste lid, wordt, met inachtneming van artikel 16, door de fabrikant uitsluitend aangebracht nadat toepassing is gegeven aan het tweede lid.
5.
Artikel 11, zesde lid, is van toepassing.
1.
Druksystemen als bedoeld in artikel 8, derde lid, worden, alvorens zij in gebruik worden genomen, onderworpen aan een procedure voor de beoordeling van overeenstemming overeenkomstig dit artikel en gaan vergezeld van een verklaring van overeenstemming. Op deze verklaring is bijlage VII bij de richtlijn van overeenkomstige toepassing.
2.
Voor de beoordeling van overeenstemming van druksystemen is artikel 12, tweede en derde lid, van overeenkomstige toepassing. Voor de in bijlage III bij de richtlijn vermelde begrippen «fabrikant of zijn de in de Gemeenschap gevestigde gemachtigde» onderscheidenlijk «fabrikant» wordt gelezen: gebruiker, voor «EG-typeonderzoek» wordt gelezen: typeonderzoek, voor «EG-ontwerponderzoek» wordt gelezen: ontwerponderzoek, voor« aangemelde instantie» wordt gelezen: aangewezen keuringsinstelling of aangewezen keuringsdienst van gebruikers, voor «EG-verklaring van overeenstemming» wordt gelezen: verklaring van overeenstemming en voor «drukapparatuur» wordt gelezen: druksysteem.
3.
Met de onderzoeken in het kader van de beoordeling van overeenstemming, bedoeld in de artikelen 11 en 12, wordt bij de toepassing van het tweede lid rekening gehouden.
4.
Artikel 11, zesde lid, is van toepassing.
1.
Bij ministeriële regeling wordt drukapparatuur aangewezen die overeenkomstig dit artikel wordt gekeurd.
2.
De drukapparatuur, bedoeld in het eerste lid, wordt, wanneer die wordt opgesteld en geïnstalleerd, gekeurd voor de eerste ingebruikneming alsmede na elke montage op een nieuwe plaats van opstelling en gaat vergezeld van een verklaring van ingebruikneming. De kosten van de keuring zijn voor rekening van de gebruiker, bedoeld in het vierde lid.
3.
De verklaring van ingebruikneming, bedoeld in het tweede lid, wordt onder overlegging van de gegevens en bescheiden, vermeld in het vierde lid, schriftelijk aangevraagd bij een aangewezen keuringsinstelling of een aangewezen keuringsdienst van gebruikers.
4.
De aanvraag, bedoeld in het derde lid, omvat, voorzover van toepassing:
a. naam en adres van de gebruiker en de plaats waar de drukapparatuur staat opgesteld;
b. de gebruiksaanwijzing, bedoeld in bijlage I, punt 3.4, bij de richtlijn, met inbegrip van de EG-verklaring van overeenstemming of de verklaring van overeenstemming en het aantekenblad, bedoeld in artikel 12e, eerste lid;
c. het vervaardigingsbewijs en het rapport, bedoeld in artikel 39, vierde lid.
5.
De bescheiden, bedoeld in het vierde lid, onder b en c, kunnen met instemming van de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, in afwijking van het derde lid, beschikbaar worden gehouden op het moment van de keuring.
6.
De instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, die de keuring, bedoeld in het tweede lid, uitvoert, verricht, voorzover van toepassing, de volgende onderzoeken:
a. de verificatie van de drukapparatuur aan de hand van de gebruiksaanwijzing en markeringen;
b. de controle van de uitwendige toestand van de drukapparatuur;
c. de controle van de werking van de veiligheidsappendages en onder druk staande appendages;
d. de controle van de opstelling van de drukapparatuur.
7.
Bij ministeriële regeling kunnen ten aanzien van de onderzoeken, bedoeld in het zesde lid, nadere regels worden gesteld.
8.
Bij de toepassing van het tweede en zesde lid wordt rekening gehouden met de onderzoeken in het kader van de beoordeling van overeenstemming, bedoeld in de artikelen 11, 12 en 12a.
9.
Indien een afzonderlijk drukvat of afzonderlijke installatieleiding met inbegrip van de daarbij behorende veiligheidsappendages en onder druk staande appendages, wordt gekoppeld aan een bestaand drukvat of bestaande installatieleiding, kan de keuring voor ingebruikneming, bedoeld in het tweede lid, worden betrokken op het afzonderlijk drukvat of de afzonderlijke installatieleiding, met inbegrip van de daarbij behorende veiligheidsappendages en onder druk staande appendages.
10.
De instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, stelt een rapport op van de keuring, bedoeld in het tweede lid en stelt een exemplaar van dit rapport beschikbaar aan de gebruiker. In dit rapport kunnen voorwaarden worden gesteld waaraan wordt voldaan alvorens een verklaring van ingebruikneming wordt afgegeven.
11.
Door de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, wordt een verklaring van ingebruikneming afgegeven indien is gebleken dat tegen het in gebruik nemen van de drukapparatuur, bedoeld in het tweede lid, geen bezwaar bestaat.
In deze verklaring:
a. wordt de termijn vermeld waarbinnen de drukapparatuur uiterlijk aan een herkeuring als bedoeld in artikel 12c wordt onderworpen;
b. kunnen gebruiksvoorwaarden worden gesteld.
12.
Door de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, kan een voorlopige verklaring van ingebruikneming worden afgegeven, wanneer ten aanzien van de drukapparatuur, bedoeld in het tweede lid, nog niet aan alle verplichtingen ingevolge dit artikel is voldaan, doch hiervan vooralsnog geen extra gevaar is te duchten.
13.
Een voorlopige verklaring van ingebruikneming als bedoeld in het twaalfde lid wordt slechts verleend voor beperkte duur.
14.
Een voorlopige verklaring van ingebruikneming als bedoeld in het twaalfde lid vervalt indien binnen een in deze verklaring gestelde termijn de door de betrokken instelling of dienst nodig geachte en nader omschreven voorzieningen niet zijn getroffen.
15.
De verklaring van ingebruikneming en de voorlopige verklaring van ingebruikneming kunnen betrekking hebben op één of meer drukapparaten.
16.
De gebruiker draagt er zorg voor dat de keuring, bedoeld in het tweede lid, veilig kan worden uitgevoerd.
17.
Dit artikel is niet van toepassing indien een verklaring als bedoeld in artikel 12d, tweede lid, is afgegeven, tot het tijdstip waarop de betreffende apparatuur na montage wordt opgesteld en geïnstalleerd op een nieuwe plaats van opstelling.
1.
Bij ministeriële regeling wordt in verband met de veiligheid en gezondheid van personen en het milieu drukapparatuur aangewezen die overeenkomstig dit artikel wordt herkeurd.
2.
De drukapparatuur, bedoeld in het eerste lid, wordt herkeurd en gaat vergezeld van een verklaring van herkeuring. De kosten van de herkeuring zijn voor rekening van de gebruiker, bedoeld in het vierde lid.
3.
De verklaring van herkeuring, bedoeld in het tweede lid, wordt, met inachtneming van de termijn, bedoeld in artikel 12b, elfde lid, onder a, onderscheidenlijk de termijn, bedoeld in het negende lid, onder a, onder overlegging van de gegevens en bescheiden, vermeld in het vierde lid, schriftelijk aangevraagd bij een aangewezen keuringsinstelling of een aangewezen keuringsdienst van gebruikers.
4.
De aanvraag, bedoeld in het derde lid, omvat, voorzover van toepassing:
a. naam en adres van de gebruiker en de plaats waar de drukapparatuur staat opgesteld;
b. de verklaring van ingebruikneming, de verklaring van intredekeuring en ingebruikneming en de verklaring van herkeuring, afgegeven na een voorgaande herkeuring, met inbegrip van de bij de keuringen behorende rapporten, en het aantekenblad, bedoeld in artikel 12e, eerste lid.
c. de documentatie van de apparatuur die is afgegeven tot 29 mei 2002 op grond van de wettelijke voorschriften die van toepassing waren vóór 29 november 1999;
d. naar het oordeel van de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, aanvullende documentatie.
5.
Artikel 12b, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing.
6.
De instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, die de herkeuring, bedoeld in het tweede lid, uitvoert, verricht, voorzover van toepassing, de volgende onderzoeken:
a. de controle van de inwendige toestand van drukapparatuur door een inwendig onderzoek of ander passend onderzoek gericht op de inwendige toestand;
b. de controle van de uitwendige toestand van de drukapparatuur.
7.
Bij ministeriële regeling kunnen ten aanzien van de onderzoeken, bedoeld in het zesde lid, nadere regels worden gesteld.
8.
De instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, stelt een rapport op van de herkeuring, bedoeld in het tweede lid, en stelt een exemplaar van dit rapport beschikbaar aan de gebruiker. In dit rapport kunnen voorwaarden worden gesteld waaraan wordt voldaan alvorens een verklaring van herkeuring wordt afgegeven.
9.
Door de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, wordt een verklaring van herkeuring afgegeven indien is gebleken dat tegen het verdere gebruik van de drukapparatuur voor de geldende termijn geen bezwaar bestaat.
In deze verklaring:
a. wordt de geldigheidstermijn vermeld;
b. kunnen gebruiksvoorwaarden worden gesteld.
10.
De verklaring van herkeuring kan betrekking hebben op één of meer drukapparaten.
11.
De gebruiker draagt er zorg voor dat de herkeuring, bedoeld in het tweede lid, veilig kan worden uitgevoerd.
12.
Bij Ministeriële regeling kunnen met betrekking tot bepaalde drukapparatuur als bedoeld in het eerste lid regels worden gesteld die afwijken of strekken ter aanvulling van dit artikel of onderdelen daarvan.
1.
Dit artikel is van toepassing op drukapparatuur die:
a. voor 29 mei 2002 is vervaardigd overeenkomstig de wettelijke voorschriften van een staat, niet zijnde Nederland, die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, of
b. op of na 29 mei 2002 is vervaardigd overeenkomstig de wettelijke voorschriften van een staat, die is toegetreden tot de Europese Unie op of na 29 mei 2002, mits de vervaardiging is geschied voor de datum van toetreding van de desbetreffende staat,
en die niet voor de onder a en b genoemde data in overeenstemming is gebracht met de richtlijn, en die op grond van artikel 12c, eerste lid, is aangewezen.
2.
Alvorens de drukapparatuur, bedoeld in het eerste lid, in gebruik wordt genomen, wordt zij aan een intredekeuring onderworpen en gaat vergezeld van een verklaring van intredekeuring en ingebruikneming. De kosten van de intredekeuring zijn voor rekening van de gebruiker, bedoeld in het vierde lid.
3.
De verklaring, bedoeld in het tweede lid, wordt, onder overlegging van de gegevens en bescheiden, vermeld in het vierde lid, schriftelijk door de gebruiker aangevraagd bij een aangewezen keuringsinstelling of een aangewezen keuringsdienst van gebruikers.
4.
De aanvraag, bedoeld in het derde lid, omvat voorzover van toepassing:
a. naam en adres van de gebruiker en het adres van de plaats van opstelling van de drukapparatuur;
b. de documenten omtrent het ontwerp, de vervaardiging en het toegestane gebruik van de drukapparatuur;
c. de afgegeven verklaringen met bijbehorende rapporten met betrekking tot de drukapparatuur van keuringsinstellingen.
5.
Artikel 12b, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing.
6.
De instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, die de keuring uitvoert, verricht, voorzover van toepassing, de volgende onderzoeken:
a. een beoordeling van het ontwerp naar het beoogde gebruiksdoel van de drukapparatuur;
b. een beoordeling van de documenten die betrekking hebben op de vervaardiging van de drukapparatuur;
c. een beoordeling van de integratie en beveiliging van de drukapparatuur;
d. de onderzoeken, bedoeld in artikel 12b, zesde lid;
e. de onderzoeken, bedoeld in artikel 12c, zesde lid.
7.
Met een goedkeuring van een beoordeling als bedoeld in het zesde lid, onder a en b, wordt gelijkgesteld een bewijs van goedkeuring afgegeven door een onafhankelijke instelling in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst inzake de Europese Economische Ruimte, welk bewijs is afgegeven op basis van onderzoeken die aan ten minste gelijkwaardige eisen voldoen.
8.
Bij ministeriële regeling kunnen ten aanzien van de onderzoeken, bedoeld in het zesde lid, onder a en b, nadere regels worden gesteld.
9.
De instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, stelt een rapport op van de intredekeuring, bedoeld in het tweede lid, en stelt een exemplaar van dit rapport beschikbaar aan de gebruiker. In dit rapport kunnen voorwaarden worden gesteld waaraan wordt voldaan alvorens een verklaring van intredekeuring en ingebruikneming wordt afgegeven.
10.
Door de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, wordt een verklaring als bedoeld in het tweede lid afgegeven, indien is gebleken dat tegen het in gebruik nemen van de drukapparatuur, bedoeld in het eerste lid, geen bezwaar bestaat.
In deze verklaring:
a. wordt de termijn vermeld waarbinnen de drukapparatuur uiterlijk aan een herkeuring als bedoeld in artikel 12c wordt onderworpen;
b. kunnen gebruiksvoorwaarden worden gesteld.
11.
De verklaring, bedoeld in het tweede lid, kan betrekking hebben op één of meer drukapparaten.
12.
De gebruiker draagt er zorg voor dat de keuring, bedoeld in het tweede lid, veilig kan worden uitgevoerd.
1.
De verklaring van ingebruikneming, bedoeld in artikel 12b, tweede lid, en de verklaring van intredekeuring en ingebruikneming, bedoeld in artikel 12d, tweede lid, gaan vergezeld van een aantekenblad.
2.
Op een aantekenblad worden de bevindingen van elke verrichting aan de drukapparatuur vermeld, met, indien van toepassing, verwijzing naar verklaringen en bijbehorende rapporten, totdat de drukapparatuur is afgekeurd hetzij onklaar is gemaakt hetzij anderszins kennelijk niet meer voor gebruik is bestemd.
3.
Uitsluitend de betrokken aangewezen keuringsinstelling of de aangewezen keuringsdienst van gebruikers is bevoegd op het aantekenblad aantekeningen te maken.
1.
Gedurende tien jaar na de vervaardiging van drukapparatuur of samenstellen of indien deze in een serie zijn vervaardigd, na de vervaardiging van de laatste drukapparatuur of samenstellen, bewaart de fabrikant overeenkomstig bijlage III bij de richtlijn, voor zover van toepassing, de technische documentatie, een afschrift van de EG-verklaring van overeenstemming, een afschrift van de verklaring van EG-typeonderzoek of EG-ontwerponderzoek inclusief de aanvullingen daarop, alsmede de gegevens, bedoeld in punt 5 van module D, onderscheidenlijk punt 6 van module D1, onderscheidenlijk punt 5 van module E, onderscheidenlijk punt 6 van module E1, onderscheidenlijk punt 5 van module H van bijlage III bij de richtlijn.
2.
Indien de fabrikant niet in de Europese Economische Ruimte is gevestigd is het eerste lid van toepassing op degene die de drukapparatuur of samenstellen in de Europese Economische Ruimte in de handel brengt.
3.
Zolang het druksysteem, bedoeld in artikel 8, derde lid, in werking is of in werking kan worden gesteld, bewaart de gebruiker, voor zover van toepassing, de technische documentatie, de verklaring van overeenstemming, de verklaring van typeonderzoek of ontwerponderzoek inclusief de aanvullingen daarop, alsmede de overeenkomstige gegevens als bedoeld in punt 5 van module D, onderscheidenlijk punt 6 van module D1, onderscheidenlijk punt 5 van module E, onderscheidenlijk punt 6 van module E1, onderscheidenlijk punt 5 van module H van bijlage III bij de richtlijn.
4.
Zolang de drukapparatuur, samenstellen of druksystemen in werking zijn of in werking kunnen worden gesteld bewaart de gebruiker, voor zover van toepassing, de EG-verklaring van overeenstemming, de gebruiksaanwijzing, bedoeld in bijlage I, punt 3.4, bij de richtlijn, de verklaring van ingebruikneming, bedoeld in artikel 12b, tweede lid, de voorlopige verklaring van ingebruikneming, bedoeld in artikel 12b, twaalfde lid, de verklaringen van herkeuring, bedoeld in artikel 12c, tweede lid, het aantekenblad, bedoeld in artikel 12e, eerste lid, de verklaring van intredekeuring en ingebruikneming, bedoeld in artikel 12d, tweede lid, het vervaardigingsbewijs, bedoeld in artikel 39, vierde lid en de bij beoordelingen en keuringen behorende rapporten.
1.
Van voorgenomen wijzigingen in drukapparatuur of samenstellen of het type hiervan waarvoor een verklaring van EG-typeonderzoek of EG-ontwerponderzoek is afgegeven of van voorgenomen wijzigingen in een kwaliteitssysteem waarvoor een goedkeuring is verleend overeenkomstig bijlage III bij de richtlijn, wordt de aangewezen aangemelde keuringsinstelling die in het bezit is van de technische documentatie van de drukapparatuur of samenstellen, onverwijld in kennis gesteld.
2.
De keuringsinstelling, bedoeld in het eerste lid, beoordeelt de wijzigingen en deelt schriftelijk mee of de verklaring van EG-typeonderzoek of EG-ontwerponderzoek onderscheidenlijk het goedgekeurde kwaliteitssysteem voor de te wijzigen drukapparatuur of samenstellen of het te wijzigen type hiervan geldig is of aanvullingen behoeft dan wel dat het kwaliteitssysteem opnieuw moet worden beoordeeld.
3.
Indien de keuringsinstelling, bedoeld in het eerste lid, van oordeel is dat de wijzigingen van invloed kunnen zijn op de overeenstemming met de in bijlage I bij de richtlijn opgenomen essentiële veiligheidseisen, wordt de gewijzigde drukapparatuur of samenstellen of het gewijzigde type hiervan aan een aanvullend EG-typeonderzoek of EG-ontwerponderzoek, onderscheidenlijk wordt het kwaliteitssysteem aan een aanvullende beoordeling, bedoeld in bijlage III bij de richtlijn, onderworpen. Bij goedkeuring van het EG-typeonderzoek of het EG-ontwerponderzoek wordt een aanvulling op de oorspronkelijke verklaring afgegeven. Een aanvullende beoordeling van het gewijzigde kwaliteitssysteem wordt vastgelegd in een rapport. Bij goedkeuring van het gewijzigde kwaliteitssysteem wordt een aanvulling op de oorspronkelijke goedkeuring afgegeven. De kosten van het aanvullend EG-type-onderzoek, het aanvullend EG-ontwerponderzoek en de aanvullende beoordeling zijn voor rekening van de fabrikant.
4.
Dit artikel is, met inachtneming van artikel 12a, tweede lid, van overeenkomstige toepassing op druksystemen.
1.
Op voorgenomen wijzigingen of reparaties, met uitzondering van het reguliere technische onderhoud, aan drukapparatuur, bedoeld in artikel 12c, eerste lid, is bijlage I, met uitzondering van punt 3.3, bij de richtlijn van overeenkomstige toepassing, tenzij dit redelijkerwijs niet mogelijk is.
2.
Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de wijze waarop de wijzigingen en reparaties worden uitgevoerd.
3.
Van voorgenomen wijzigingen of reparaties aan drukapparatuur, bedoeld in het eerste lid, wordt een aangewezen keuringsinstelling of een aangewezen keuringsdienst van gebruikers door de gebruiker onverwijld in kennis gesteld.
4.
De instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, verricht de noodzakelijke onderzoeken aan het ontwerp en de constructie van de voorgenomen wijziging of reparatie waarbij, voorzover van toepassing, rekening wordt gehouden met eerder uitgevoerd onderzoek en verricht tijdens de uitvoering van de wijziging of reparatie passende onderzoeken en proeven. De kosten van de onderzoeken en proeven zijn voor rekening van de gebruiker, bedoeld in het derde lid.
5.
Bij ministeriële regeling kunnen ten aanzien van de onderzoeken en proeven, bedoeld in het vierde lid, nadere regels worden gesteld.
6.
Indien de wijzigingen of reparaties aan de drukapparatuur, bedoeld in het eerste lid, van invloed zijn op de wijze van gebruik, de uitrusting of de opstelling, beoordeelt de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, de integratie en beveiliging.
7.
Met betrekking tot de gewijzigde of gerepareerde apparatuur worden door de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, zo nodig, de onderzoeken, bedoeld in artikel 12b, zesde lid, uitgevoerd.
8.
Met betrekking tot voorgenomen wijzigingen aan drukapparatuur dat in gebruik is en voor de voorgenomen wijziging niet valt onder de drukapparatuur, bedoeld in artikel 12c, eerste lid, maar na de voorgenomen wijziging daar wel onder valt, is het eerste tot en met het zevende lid van overeenkomstige toepassing, alsmede worden door de dienst of instelling, bedoeld in het derde lid, zo nodig, de volgende onderzoeken uitgevoerd:
a. een beoordeling van het ontwerp naar het beoogde gebruiksdoel van de drukapparatuur;
b. een beoordeling van de documenten die betrekking hebben op de vervaardiging van de drukapparatuur;
c. de onderzoeken met betrekking tot de toestand als bedoeld in artikel 12c, zesde lid;
d. een beoordeling van de integratie en beveiliging van de drukapparatuur.
9.
De instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, stelt een rapport op van de beoordelingen, bedoeld in het vierde en zesde lid, van het toezicht, bedoeld in het vierde en vijfde lid, en van de onderzoeken, bedoeld in het zevende en achtste lid, en stelt een exemplaar van dit rapport beschikbaar aan de gebruiker.
10.
Indien is gebleken dat tegen het verder gebruik van de drukapparatuur geen bezwaar bestaat, wordt door de instelling of dienst, bedoeld in het derde lid, voorzover van toepassing,
a. een aanvulling op de verklaring van ingebruikneming of de verklaring van intredekeuring en ingebruikneming gegeven, of
b. een verklaring van ingebruikneming afgegeven indien het achtste lid van toepassing is.
1.
De CE-markering bestaat uit de letters CE overeenkomstig het model in bijlage VI bij de richtlijn, gevolgd door het identificatienummer van de aangewezen aangemelde keuringsinstelling die betrokken is geweest bij de produktiecontrolefase.
2.
De CE-markering en de gegevens, bedoeld in punt 3.3 van bijlage I bij de richtlijn, wordt overeenkomstig dit punt zichtbaar, goed leesbaar en onuitwisbaar aangebracht op drukapparatuur of samenstellen als bedoeld in artikel 7, onderscheidenlijk artikel 8, wanneer deze zijn voltooid, of zich in een staat bevinden die het mogelijk maakt de eindcontrole, bedoeld in punt 3.2 van bijlage I bij de richtlijn, te verrichten.
3.
Op elk van de afzonderlijke drukapparaten waaruit een samenstel bestaat behoeft niet een CE-markering te worden aangebracht. De afzonderlijke drukapparaten die reeds een CE-markering hebben wanneer zij in het samenstel worden opgenomen, behouden die markering.
4.
Op drukapparatuur en samenstellen worden geen markeringen aangebracht die derden kunnen misleiden omtrent de betekenis of grafische vorm van de CE-markering. Andere markeringen mogen worden aangebracht op voorwaarde dat de zichtbaarheid en leesbaarheid van de CE-markering er niet door worden verminderd.
1.
Drukapparatuur en samenstellen die zijn voorzien van de CE-markering en vergezeld gaan van de EG-verklaring van overeenstemming worden vermoed te voldoen aan dit besluit, voor zover de voorschriften betrekking hebben op het ontwerp, de fabricage en de beoordeling van de overeenstemming.
2.
Druksystemen die vergezeld gaan van de verklaring van overeenstemming worden vermoed te voldoen aan dit besluit, voor zover de voorschriften betrekking hebben op het ontwerp, de fabricage en de beoordeling van de overeenstemming.
1.
De Europese materiaalgoedkeuring wordt op verzoek van één of meer materiaal- of drukapparatuurfabrikanten verleend door een hiertoe aangewezen aangemelde keuringsinstelling. De kosten van de materiaalgoedkeuring zijn voor rekening van de betrokken fabrikant of fabrikanten.
2.
De voor de fabricage van drukapparatuur gebruikte materialen die voldoen aan de Europese materiaalgoedkeuringen waarvan de referenties door de Commissie van de Europese Gemeenschappen zijn gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen, worden geacht te voldoen aan de daarop van toepassing zijnde essentiële veiligheidseisen, bedoeld in bijlage I bij de richtlijn.
Artikel 18a. Inhoud verklaringen en goedkeuringen
Met uitzondering van de verklaring van EG-typeonderzoek, de verklaring van EG-ontwerponderzoek, de EG-verklaring van overeenstemming en de goedkeuring van het kwaliteitssysteem als bedoeld in bijlage III bij de richtlijn, kunnen bij ministeriële regeling ten aanzien van de inhoud en geldigheidsduur van verklaringen en goedkeuringen nadere regels worden gesteld.
1.
De aangewezen aangemelde keuringsinstelling of aangewezen keuringsinstelling trekt een door haar afgegeven verklaring van EG-typeonderzoek, onderscheidenlijk typeonderzoek of EG-ontwerponderzoek, onderscheidenlijk ontwerponderzoek of een verleende goedkeuring van het kwaliteitssysteem als bedoeld in bijlage III bij de richtlijn, onderscheidenlijk artikel 12a, tweede lid, in, indien de essentiële veiligheidseisen of de voorgeschreven gebruiksomstandigheden, bedoeld in bijlage I bij de richtlijn, zodanig zijn gewijzigd dat het type, het ontwerp of het kwaliteitssysteem niet meer voldoet aan de gewijzigde eisen op het tijdstip waarop deze volgens de richtlijn van toepassing zijn.
2.
De aangewezen aangemelde keuringsinstelling trekt een door haar verleende Europese materiaalgoedkeuring in, indien naar haar oordeel deze goedkeuring niet verleend had mogen worden of indien de materiaalsoort onder een geharmoniseerde norm valt.
3.
Een aangewezen keuringsinstelling of aangewezen keuringsdienst van gebruikers trekt een door haar afgegeven verklaring van ingebruikneming, een verklaring van herkeuring, of een verklaring van intredekeuring en ingebruikneming in, indien de drukapparatuur niet meer voldoet aan de eisen, bedoeld in artikel 12b, onderscheidenlijk artikel 12c, onderscheidenlijk artikel 12d.
Inhoudsopgave
+ HOOFDSTUK 1. ALGEMENE BEPALINGEN
+ Hoofdstuk II. Ontwerp en vervaardiging
- Hoofdstuk III. Beoordeling, keuring, bewaren documenten, CE-markering, materiaalgoedkeuring en intrekking
+ Hoofdstuk IV. Aangewezen keuringsinstellingen, aangewezen onafhankelijke instellingen en aangewezen keuringsdienst van gebruikers op verzoek
+ Hoofdstuk V. Verkeer en gebruik
+ Hoofdstuk VI. Overige bepalingen
+ Hoofdstuk VII
+ Hoofdstuk VIII. Overgangs- en slotbepalingen
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht