Let op. Deze wet is vervallen op 20 juli 2016. U leest nu de tekst die gold op 19 juli 2016.

Warenwetbesluit Producten voor bijzondere voeding

Uitgebreide informatie
Besluit van 16 april 1992, houdende Warenwetbesluit Producten voor bijzondere voeding
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur van 19 juli 1991, DGVgz/VVP/L-U-691341, gedaan in overeenstemming met Onze Minister van Economische Zaken en de Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;
Overwegende, dat uitvoering moet worden gegeven aan de Richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 3 mei 1989 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de Lid-Staten inzake voor bijzondere voeding bestemde levensmiddelen (89/398/EEG) (PbEG L 186);
Gelet op de artikelen 1, vijfde lid, 4, eerste lid, onder a en b, 5, eerste lid, onder c, 6, onder d, 8, onder a, b en c, 12 en 14 van de Warenwet (Stb. 1988, 360) en op artikel II, eerste lid, van de Wijzigingswet 1988 Warenwet (Stb. 358);
Gehoord de Adviescommissie Warenwet (advies van 19 maart 1991, nr. 14359/(3)5);
Gehoord de Raad van State (advies van 4 december 1991, nr. W13.91.0458);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur van 6 april 1992, DGVgz/VVP/L-692524, uitgebracht in overeenstemming met Onze Minister van Economische Zaken en de Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;
Hebben goedgevonden en verstaan:
1.
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder
a. product voor bijzondere voeding: eet- of drinkwaar die in de handel gebracht wordt voorzien van een vermelding, aangevende de geschiktheid voor een bijzonder voedingsdoel;
b. richtlijn 89/398/EEG: richtlijn nr. 89/398/EEG van de Raad van de Europese Unie van 3 mei 1989 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgeving van de lidstaten inzake voor bijzondere voeding bestemde levensmiddelen (PbEG L 186);
c. verordening (EG) 953/2009: verordening (EG) nr. 953/2009 van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 13 oktober 2009 inzake stoffen die voor specifieke voedingsdoeleinden aan voor bijzondere voeding bestemde levensmiddelen mogen worden toegevoegd (PbEU L 269);
d. verordening (EG) 41/2009: verordening (EG) nr. 41/2009 van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 20 januari 2009 betreffende de samenstelling en de etikettering van levensmiddelen die geschikt zijn voor personen met een glutenintolerantie (PbEU L 16);
e. verordening (EU) 1169/2011: Verordening (EU) nr. 1169/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2011 betreffende de verstrekking van voedselinformatie aan consumenten, tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1924/2006 en (EG) nr. 1925/2006 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijn 87/250/EEG van de Commissie, Richtlijn 90/496/EEG van de Raad, Richtlijn 1999/10/EG van de Commissie, Richtlijn 2000/13/EG van het Europees Parlement en de Raad, Richtlijnen 2002/67/EG en 2008/5/EG van de Commissie, en Verordening (EG) nr. 608/2004 van de Commissie (PbEU 2011, L 304).
2.
Een product voor bijzondere voeding moet voldoen aan de bijzondere voedingsbehoeften:
a. van bepaalde categorieën personen wier assimilatieproces of stofwisseling is verstoord;
b. van bepaalde categorieën personen die zich in bijzondere fysiologische omstandigheden bevinden en die daarom bijzonder gebaat kunnen zijn bij een gecontroleerde inname van bepaalde stoffen in eet- en drinkwaren; of
c. van zuigelingen, peuters of kleuters, in goede gezondheid.
1.
Het is verboden producten voor bijzondere voeding welke niet voldoen aan de bij of krachtens dit besluit gestelde eisen te verhandelen.
2.
Het is verboden producten voor bijzondere voeding, die niet behoren tot een der in de bijlage genoemde categorieën, te verhandelen voordat de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit overeenkomstig de in artikel 4 aangegeven procedure op de hoogte gesteld is van de te gebruiken aanduidingen en vermeldingen.
3.
Het is verboden producten voor bijzondere voeding te verhandelen anders dan in een verpakking en met inachtneming van de voorschriften bij of krachtens dit besluit gesteld met betrekking tot hun aanduiding of tot het bezigen van vermeldingen of voorstellingen.
4.
Het is verboden met gebruikmaking van de in artikel 6, eerste lid, genoemde aanduidingen andere waren te verhandelen dan de in dat lid bedoelde producten voor bijzondere voeding.
5.
Het is verboden producten voor bijzondere voeding aan te prijzen, anders dan met inachtneming van de bij ministeriële regeling gestelde voorschriften ter uitvoering van een ter zake krachtens het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap tot stand gekomen bindende regeling.
6.
Het is verboden te handelen in strijd met de artikelen 2, eerste lid, 3, en 4, eerste en tweede lid, van verordening (EG) 953/2009.
7.
Het is verboden te handelen in strijd met artikel 3 van verordening (EG) 41/2009.
1.
Producten voor bijzondere voeding moeten met het oog op het aangegeven voedingsdoel op bijzondere wijze zijn samengesteld of bereid.
2.
Producten voor bijzondere voeding moeten wat betreft aard en samenstelling voor het aangegeven voedingsdoel geschikt zijn.
1.
Indien een product voor bijzondere voeding, niet behorende tot een der in de bijlage genoemde categorieën, voor de eerste maal in de handel wordt gebracht, stelt de fabrikant of, indien het betreft een waar die niet afkomstig is uit een der lidstaten van de Europese Unie dan wel een van de overige staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, de importeur, de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit daarvan in kennis door toezending van een specimen van de voor de betrokken waar te gebruiken aanduidingen en vermeldingen.
2.
Indien het in het eerste lid bedoelde product afkomstig is uit een der andere lidstaten van de Europese Unie dan wel een van de overige staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, deelt de betrokken fabrikant of importeur de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit tevens mede aan welke autoriteit in het land van herkomst de in het eerste lid bedoelde toezending is geschied.
3.
Op verlangen van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit legt de fabrikant of importeur wetenschappelijke werkzaamheden of gegevens over, waaruit blijkt dat de waar in overeenstemming is met artikel 1, tweede lid, en met de vermeldingen, bedoeld in artikel 8, eerste lid, onder a. Indien over bedoelde werkzaamheden een gemakkelijk toegankelijke publikatie is verschenen, kan worden volstaan met een verwijzing naar die publikatie.
Artikel 5
Producten voor bijzondere voeding mogen uitsluitend als voorverpakt levensmiddel als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder e, van verordening (EU) 1169/2011 worden verhandeld. De verpakking moet de waar volledig omsluiten.
1.
De aanduiding "dieet" of "regime", al dan niet in combinatie met andere woorden, alsmede elke andere aanduiding of wijze van aanbieding, die de indruk zou kunnen wekken dat het een product voor bijzondere voeding betreft, mag uitsluitend worden gebezigd voor producten voor bijzondere voeding, bedoeld in artikel 1, tweede lid, onder a of b.
2.
In afwijking van het eerste lid mag, in door Onze Minister ter uitvoering van krachtens richtlijn 89/398/EEG getroffen maatregelen bepaalde gevallen, voor gewone eet- of drinkwaren een vermelding worden gebezigd betreffende de geschiktheid voor een bijzonder voedingsdoel. Onze Minister geeft daarbij aan op welke wijze die geschiktheid moet worden vermeld.
1.
Onverminderd verordening (EU) 1169/2011 moet bij de verhandeling van producten voor bijzondere voeding, bedoeld in artikel 1, tweede lid, onder a en b, een vermelding worden gebezigd betreffende de bijzondere voedingskenmerken van de betrokken waar.
2.
Onverminderd verordening (EU) 1169/2011 moet bij de verhandeling van producten voor bijzondere voeding, bedoeld in artikel 1, tweede lid, onder c, een vermelding worden gebezigd betreffende de bestemming van de waar.
3.
De artikelen 19, eerste lid, onderdeel a, en 20, tweede lid, onder a, van de Warenwet (Stb. 1988, 360), zijn niet van toepassing, voor zover het betreft het verstrekken van nuttige inlichtingen en aanbevelingen met betrekking tot de in dit besluit bedoelde waren, die uitsluitend zijn bestemd voor personen die bevoegd zijn op het gebied van geneeskunde, voeding of farmacie.
1.
Tenzij krachtens artikel 10 nadere regels voor de betrokken categorie van producten voor bijzondere voeding zijn vastgesteld, moeten bij de verhandeling van producten voor bijzondere voeding tevens de volgende vermeldingen worden gebezigd:
a. de specifieke bijzonderheden van de kwalitatieve en kwantitatieve samenstelling of de bijzondere bereidingswijze die de waar haar bijzondere voedingskenmerken verleent;
b. de in kJ en kcal uitgedrukte beschikbare energiewaarden en het gehalte aan koolhydraten, eiwitten en vetten per 100 g, onderscheidenlijk per 100 ml van de waar, alsmede, voor zover van toepassing, van het volgens de gebruiksaanwijzing uit de waar bereide product.
2.
Indien de energiewaarde van de waar evenwel lager is dan 50 kJ per 100 g, onderscheidenlijk per 100 ml, mag de in het eerste lid, onder b, bedoelde vermelding worden vervangen door de vermelding "energiewaarde lager dan 50 kJ (12 kcal) per 100 g", onderscheidenlijk "energiewaarde lager dan 50 kJ (12 kcal per 100 ml)"
Artikel 9
Onze Minister stelt ter uitvoering van krachtens richtlijn 89/398/EEG getroffen maatregelen nadere regels vast met betrekking tot het mogen zinspelen op een dieet dan wel een categorie van personen waarvoor een product voor bijzondere voeding is bestemd, bij het te koop aanbieden, de presentatie en de aanprijzing van producten voor bijzondere voeding.
1.
Ten aanzien van een eet- of drinkwaar wordt geen vermelding gebezigd waaruit kan worden afgeleid dat de desbetreffende eet- of drinkwaar meer in het bijzonder bestemd of geschikt is voor lijders aan suikerziekte.
2.
Het eerste lid is niet van toepassing op een eet- of drinkwaar waarvoor op grond van artikel 9, eerste lid, van het Algemeen Besluit (Warenwet) toestemming is verleend, voor zover de desbetreffende vermelding wordt gebezigd onder de aan die toestemming gestelde voorwaarden.
1.
Onze Minister stelt ter uitvoering van krachtens artikel 4, juncto artikel 13 van richtlijn 89/398/EEG getroffen maatregelen, nadere regels vast met betrekking tot de in de bijlage genoemde categorieën van producten voor bijzondere voeding.
2.
Totdat de in het eerste lid bedoelde maatregelen zijn getroffen, kan Onze Minister nadere regels als bedoeld in het eerste lid, vaststellen.
1.
Onze Minister stelt ter uitvoering van krachtens richtlijn 89/398/EEG getroffen maatregelen, nadere regels vast met betrekking tot de toevoeging van vitamines, minerale zouten, aminozuren en andere stoffen aan producten voor bijzondere voeding.
2.
Onze Minister stelt ter uitvoering van krachtens richtlijn 89/398/EEG getroffen maatregelen nadere regels vast met betrekking tot de zuiverheid van de in het eerste lid bedoelde stoffen.
3.
Totdat de in het eerste en tweede lid bedoelde maatregelen zijn getroffen, kan Onze Minister nadere regels vaststellen met betrekking tot de in die leden bedoelde onderwerpen.
1.
Als methoden van onderzoek welke bij uitsluiting beslissend zijn voor de vaststelling of met betrekking tot de in dit besluit bedoelde producten voor bijzondere voeding al dan niet is voldaan aan de bij of krachtens dit besluit gestelde regels, worden aangewezen chromatografische, fysische, chemische en andere scheidingsmethoden.
2.
Onze Minister kan omtrent de in het eerste lid bedoelde methoden nadere regels stellen.
Artikel 13
Het Aanduidingenbesluit waren voor bijzondere voeding (Warenwet) (Stb. 1980, 658) wordt ingetrokken.
Artikel 14
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]
Artikel 15
Waar in een algemene maatregel van bestuur op grond van de Warenwet de verwijzing "Aanduidingenbesluit waren voor bijzondere voeding (Warenwet)" voorkomt wordt deze telkens vervangen door: Warenwetbesluit producten voor bijzondere voeding.
1.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.
2.
In afwijking van het eerste lid treedt artikel 4 in werking met ingang van de derde maand na de in het eerste lid bedoelde datum.
Artikel 17
Dit besluit kan worden aangehaald als: Warenwetbesluit producten voor bijzondere voeding.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
’s-Gravenhage, 16 april 1992
De Staatssecretaris van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur,
Uitgegeven de negentiende mei 1992
De Minister van Justitie a.i.,
Inhoudsopgave
+ § 1. Algemene bepalingen
+ § 2. Verhandeling van producten voor bijzondere voeding
+ § 3. Aanduiding en vermeldingen
+ § 4. Nadere regels met betrekking tot bepaalde producten voor bijzondere voeding
+ § 5. Slotbepalingen
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht
Jurisprudentie
Voorbeelden van het gebruik van deze artikel(en) in rechterlijke uitspraken