Besluit van 24 mei 1996, houdende het Warenwetbesluit Toevoeging micro-voedingsstoffen aan levensmiddelen
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op voordracht van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, van 25 september 1995, nr DGVgz/VVP/L 952051, gedaan in overeenstemming met Onze Ministers van Economische Zaken en van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;
Gelet op artikel 4, eerste lid, onder a en b, artikel 5, eerste lid, onder c, en artikel 8, onder a en c, van de Warenwet;
Gezien het advies van de Voedingsraad van 11 november 1993, nummer 931111/01 en het advies van de Adviescommissie Warenwet van 27 juni 1995 met nummer 14877/(2/3)5;
De Raad van State gehoord (advies van 22 januari 1996, nummer W13.95.0530);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 14 mei 1996, nummer GZB/VVB 96543, uitgebracht in overeenstemming met Onze Ministers van Economische Zaken en van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;
Hebben goedgevonden en verstaan:
1.
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. micro-voedingsstoffen: voedingsstoffen die onmisbaar zijn voor het functioneren van het menselijk organisme, waarin dat organisme niet zelf kan voorzien en die in kleine hoeveelheden geconsumeerd moeten worden;
b. verrijkte eet- of drinkwaar: een eet- of drinkwaar waaraan een of meer micro-voedingsstoffen zijn toegevoegd, maar die niet tot hoofddoel heeft het leveren van micro-voedingsstoffen;
c. substitutie-produkt: een verrijkte eet- of drinkwaar:
die een bestaande waar beoogt te vervangen, en ten aanzien van uiterlijk, consistentie, smaak, kleur, geur en gebruiksdoel zoveel mogelijk overeenkomt met de te vervangen eet- of drinkwaar; en
waaraan één of meer micro-voedingsstoffen zijn toegevoegd tot ten hoogste de gehaltes waarin die stoffen van nature aanwezig zijn in de te vervangen eet- of drinkwaar;
d. gerestaureerde eet- of drinkwaar: een verrijkte eet- of drinkwaar:
die bereid is volgens de richtlijnen van goede produktiepraktijken; en
waaraan één of meer micro-voedingsstoffen zijn toegevoegd tot de gehaltes waarin zij vóór de bereiding van nature aanwezig waren in het eetbare deel van de waar of in de eetbare delen van de grondstoffen voor de waar, maar die na of tijdens de bereiding daaruit zijn verdwenen;
e. aanbevolen dagelijkse hoeveelheid: de hoeveelheid micro-voedingsstof die per dag geconsumeerd moet worden om een gezonde voorziening van het menselijk organisme met die stof te verzekeren;
f. redelijk geachte dagconsumptie: de totale hoeveelheid van een eet- of drinkwaar die doorgaans op een dag geconsumeerd wordt;
g. verordening (EG) 1925/2006: verordening (EG) nr. 1925/2006 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 20 december 2006 betreffende de toevoeging van vitaminen en mineralen en bepaalde andere stoffen aan levensmiddelen (PbEU L 404);
h. brood: brood, bedoeld in het Warenwetbesluit Meel en brood ;
i. bakkerszout: gejodeerd keukenzout dat gebruikt wordt bij de bereiding van brood en andere bakkerijproducten.
2.
Dit besluit is niet van toepassing op eet- of drinkwaren waaraan uitsluitend uit technologische overwegingen één of meer micro-voedingsstoffen zijn toegevoegd.
1.
Het is verboden verrijkte eet- of drinkwaren te bereiden of te verhandelen, die niet voldoen aan de eisen, bij dit besluit gesteld met betrekking tot hun samenstelling.
2.
Het is verboden te handelen in strijd met de bij of krachtens de artikelen 3, eerste lid, 4, 5, 6, eerste en zesde lid, 7, eerste, tweede, derde en zesde lid, en 8, tweede lid, onder a, en zesde lid, van verordening (EG) 1925/2006 gestelde voorschriften.
Artikel 3
In verrijkte eet- of drinkwaren zijn geen micro-voedingsstoffen aanwezig in hoeveelheden die schadelijk kunnen zijn voor de volksgezondheid.
Artikel 3a
Onze Minister kan nadere regels stellen inzake de toevoeging van vitaminen, mineralen en bepaalde andere stoffen aan levensmiddelen, voor zover die noodzakelijk zijn voor de goede uitvoering van de bij of krachtens verordening (EG) 1925/2006 gestelde voorschriften.
Artikel 5
De micro-voedingsstoffen vitamine A in de vorm van retinoïden, vitamine D, foliumzuur, seleen, koper en zink worden uitsluitend toevoegd aan een verrijkte eet- of drinkwaar om van die waar een substitutie-produkt of een gerestaureerde eet- of drinkwaar te maken.
Artikel 5a
Aan de in in aanhangsel II bij bijlage VII, onder B en C, van Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013, tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten en tot intrekking van de Verordeningen (EEG) nr. 922/72, (EEG) nr. 234/79, (EG) nr. 1037/2001 en (EG) nr. 1234/2007 van de Raad (PbEU 2013, L 347), bedoelde vetten, aan vloeibare producten die een zelfde gebruiksdoel hebben, en aan bak- en braadproducten, is het toegestaan vitamine A en D toe te voegen, waarbij het gehalte aan vitamine A ten hoogste 8 µg RE, en het gehalte aan vitamine D ten hoogste 0,075 µg per gram bedraagt.
1.
De in bijlage 2 genoemde vitamines en de in bijlage 3 genoemde mineralen worden slechts in zodanige hoeveelheden toegevoegd aan een verrijkte eet- of drinkwaar, dat het totaal aanwezige gehalte in een redelijk geachte dagconsumptie van die waar ten minste 15% en ten hoogste 100% van de in die bijlage vermelde aanbevolen dagelijkse hoeveelheid bedraagt.
2.
De in het eerste lid bedoelde hoeveelheden zijn niet van toepassing voor zover het een substitutie-produkt of een gerestaureerde eet- of drinkwaar betreft.
1.
In de navolgende eet- en drinkwaren mogen jodiumverbindingen aanwezig zijn, met inachtneming van de daarbij vermelde voorwaarden:
a. in brood, broodvervangers en andere bakkerijproducten, uitsluitend door de toevoeging aan die waren van bakkerszout met een gehalte van ten hoogste 65 mg jodium per kg zout;
b. in andere eet- en drinkwaren: tot een gehalte van ten hoogste 25 mg jodium per kg zout.
2.
Het eerste lid, onder b, is niet van toepassing op onbewerkte producten en dranken met een alcoholgehalte van meer dan 1,2 volumeprocent als bedoeld in artikel 4 van verordening (EG) 1925/2006.
Artikel 10
[Wijzigt het Warenwetbesluit Bereiding en behandeling van levensmiddelen.]
Artikel 11
[Wijzigt het Warenwetbesluit Produkten voor bijzondere voeding.]
1.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.
2.
In afwijking van het eerste lid treden, voor wat betreft de toevoeging van mineralen, de artikelen 6, 7, 8 en 9 in werking vierentwintig maanden na het in dat lid bedoelde tijdstip.
Artikel 13
Dit besluit wordt aangehaald als: Warenwetbesluit Toevoeging micro-voedingsstoffen aan levensmiddelen.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
's-Gravenhage, 24 mei 1996
De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
Uitgegeven de vijfentwintigste juni 1996
De Minister van Justitie,
Inhoudsopgave
+ § 1: algemene bepalingen
+ § 2: toevoegen van micro-voedingsstoffen aan levensmiddelen
+ § 2a. specifieke toevoegingen
+ § 3: slotbepalingen
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht
Jurisprudentie
Voorbeelden van het gebruik van deze artikel(en) in rechterlijke uitspraken