1.
Indien het belang van een partij een onverwijlde uitspraak vordert, kan deze het Gerecht gemotiveerd verzoeken het beroepschrift versneld te behandelen, zonder toepassing van de artikelen 23 tot en met 32.
2.
In afwijking van artikel 17, vijfde lid, wordt een beroep waarbij een verzoek als bedoeld in het eerste lid, is gedaan, ook in behandeling genomen voordat ter griffie het verschuldigde recht is ontvangen en wordt de indiener niet-ontvankelijk verklaard indien ter griffie het verschuldigde recht niet is ontvangen binnen de termijn, bedoeld in artikel 17, vijfde lid. Het Gerecht kan een kortere termijn stellen.
1.
Na ontvangst van een verzoek, bedoeld in artikel 81, eerste lid, bepaalt het Gerecht zo spoedig mogelijk plaats, dag en uur, waarop de openbare zitting zal plaatsvinden en doet daarvan onverwijld mededeling aan partijen. Aan het bestuursorgaan dat de beschikking waartegen beroep wordt ingesteld, heeft genomen, wordt een afschrift van de ingediende stukken gezonden.
2.
Het bestuursorgaan is bevoegd tot zeven dagen voor de zitting schrifturen en bewijsstukken in te dienen ter griffie, tenzij het Gerecht anders bepaalt. De griffier zendt een afschrift van deze stukken aan de andere partijen.
3.
Blijkt het Gerecht ter zitting dat het beroepschrift niet voldoende spoedeisend is om een versnelde behandeling te rechtvaardigen, of dat een versnelde behandeling van het beroepschrift een onevenredig nadeel met zich mee zal brengen in verhouding tot de daarmee te dienen belangen, dan bepaalt het Gerecht dat alsnog toepassing wordt gegeven aan de artikelen 23 tot en met 32.
Artikel 83
In afwijking van artikel 82, eerste lid, kan het Gerecht een verzoek als bedoeld in artikel 81, eerste lid, onmiddellijk afwijzen indien dit kennelijk niet-ontvankelijk dan wel kennelijk ongegrond is. De artikelen 49 tot en met 53 zijn van overeenkomstige toepassing op deze uitspraak.
1.
Een verzoek als bedoeld in artikel 81, eerste lid, kan ook worden gedaan in het kader van een beroep, als bedoeld in artikel 8. Alsdan worden de bevoegdheden van het Gerecht, bedoeld in de artikelen 81, tweede lid, 82 en 83, uitgeoefend door de voorzitter van de meervoudige kamer van het Gerecht.
2.
Een verzoek als bedoeld in artikel 81, eerste lid, kan ook worden gedaan in het kader van het hoger beroep, bedoeld in artikel 75. Alsdan worden de bevoegdheden van het Gerecht, bedoeld in de artikelen 81, tweede lid, 82 en 83, uitgeoefend door de voorzitter van het Hof.
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
+ Hoofdstuk 2. Het beroep
+ Hoofdstuk 3. De behandeling in eerste aanleg
+ Hoofdstuk 4. Bestuurlijke heroverweging
+ Hoofdstuk 5. Het hoger beroep
- Hoofdstuk 6. Bijzondere procedures
+ Hoofdstuk 7. Geheimhoudingsplicht
+ Hoofdstuk 8. Strafbepalingen
+ Hoofdstuk 9. Slotbepalingen
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht