1.
Een beschikking waartegen een beroepschrift bij het Gerecht is ingediend, of waaromtrent een bestuurlijke heroverweging plaatsvindt als bedoeld in hoofdstuk 4, kan op verzoek van de indiener van het beroepschrift onderscheidenlijk de bezwaarde geheel of gedeeltelijk door het Gerecht worden geschorst op grond dat de uitvoering van de beschikking voor hem een onevenredig nadeel met zich mee zal brengen in verhouding tot het door een onmiddellijke uitvoering van de beschikking te dienen belang. Ook kan op zijn verzoek een voorlopige voorziening worden getroffen ter voorkoming van onevenredig nadeel als in de eerste volzin bedoeld.
2.
Het verzoek, bedoeld in het eerste lid, wordt gericht tot het Gerecht, bedoeld in artikel 15.
3.
De artikelen 15, eerste tot en met derde lid, 20 en 22 zijn van overeenkomstige toepassing op het verzoek. Artikel 17 is van overeenkomstige toepassing, indien het betreft een verzoek terzake van een beschikking waaromtrent een bestuurlijke heroverweging plaatsvindt als bedoeld in hoofdstuk 4.
Artikel 86
Het Gerecht beslist in raadkamer met spoed op het verzoek, na het horen, althans na behoorlijke schriftelijke oproeping daartoe, van alle partijen of hun gemachtigden. De artikelen 33, tweede lid, en 37 zijn van overeenkomstige toepassing.
1.
Het Gerecht is bevoegd, hetzij ambtshalve hetzij op verzoek van partijen of hun gemachtigden, getuigen, deskundigen en tolken te doen oproepen. Partijen kunnen getuigen en deskundigen, wier verhoor zij wenselijk achten, meebrengen ter zitting, mits zij voor aanvang van de zitting het Gerecht kennis geven van de namen en woonplaatsen van deze personen. De artikelen 40 en 44 zijn van overeenkomstige toepassing. De artikelen 38, derde en vierde lid, en 39 zijn van overeenkomstige toepassing indien de oproeping schriftelijk geschiedt.
2.
Het horen geschiedt in het openbaar. De artikelen 41, 42 en 46 zijn van overeenkomstige toepassing.
3.
Indien het Gerecht van oordeel is dat partijen er niet door in hun belangen worden geschaad, kan het op het verzoek beslissen met terzijdestelling van artikel 86 en het eerste en tweede lid.
Artikel 88
Schorsing stuit onmiddellijk de werking van de bestreden beschikking.
1.
Het Gerecht kan in zijn beslissing bepalen dat indien of zolang het bestuursorgaan aan de schorsing of voorlopige voorziening niet of niet volledig gevolg heeft gegeven, het door hem bij die beslissing aan te wijzen overheidslichaam aan de indiener van het beroepschrift een dwangsom verbeurt. Artikel 23, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
2.
Zonodig kan het Gerecht bij nadere beslissing bepalen dat een dwangsom als in het eerste lid bedoeld, verbeurd wordt. Het kan daaraan ook zijn eerdere beslissing, bedoeld in artikel 86, aanpassen. Het Gerecht beslist na verhoor, althans na behoorlijke schriftelijke oproeping daartoe, van partijen of hun gemachtigden. De artikelen 33, tweede lid, 37, 23, tweede lid, en 87 zijn van overeenkomstige toepassing.
Artikel 90
De schorsing, voorlopige voorziening en beslissing tot oplegging van een dwangsom kunnen worden opgeheven of gewijzigd door het Gerecht nadat het partijen of hun gemachtigden heeft gehoord, althans na behoorlijke schriftelijke oproeping daartoe. De artikelen 33, tweede lid, 37, 50, zesde lid, en 87 zijn van overeenkomstige toepassing.
Artikel 91
De schorsing en voorlopige voorziening vervallen zodra door het Gerecht op het beroepschrift uitspraak is gedaan, voor zover in de beslissing van het Gerecht geen eerder tijdstip is aangegeven.
1.
De schorsing van een beschikking ten aanzien waarvan bij wettelijk voorschrift openbare bekendmaking is voorgeschreven, zomede de wijziging en opheffing van een dergelijke schorsing worden door het tot die bekendmaking bevoegde gezag op gelijke wijze bekend gemaakt.
2.
Ten aanzien van een voorlopige voorziening handelt het bevoegde gezag zoveel mogelijk overeenkomstig het eerste lid.
Artikel 93
Een afschrift van de beslissing met betrekking tot een schorsing, voorlopige voorziening of oplegging van een dwangsom, alsmede van die met betrekking tot de opheffing of wijziging daarvan wordt onverwijld aan alle partijen gezonden.
1.
Een verzoek als bedoeld in artikel 85, eerste lid, kan ook worden ingediend in het kader van het in artikel 8 bedoelde beroep. Alsdan worden de bevoegdheden van het Gerecht, bedoeld in deze paragraaf, uitgeoefend door de voorzitter van de meervoudige kamer van het Gerecht.
2.
Een verzoek als bedoeld in artikel 85, eerste lid, kan ook worden gedaan in het kader van het in artikel 75 bedoelde het hoger beroep. Alsdan worden de bevoegdheden van het Gerecht, bedoeld in deze paragraaf, uitgeoefend door de voorzitter van het Hof.
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
+ Hoofdstuk 2. Het beroep
+ Hoofdstuk 3. De behandeling in eerste aanleg
+ Hoofdstuk 4. Bestuurlijke heroverweging
+ Hoofdstuk 5. Het hoger beroep
- Hoofdstuk 6. Bijzondere procedures
+ Hoofdstuk 7. Geheimhoudingsplicht
+ Hoofdstuk 8. Strafbepalingen
+ Hoofdstuk 9. Slotbepalingen
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht