Let op. Deze wet is vervallen op 1 januari 2012. U leest nu de tekst die gold op -.

Wet investeren in jongeren

Uitgebreide informatie
1.
Het college kan de kosten van de inkomensvoorziening terugvorderen, voor zover die inkomensvoorziening:
a. ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verleend;
b. op grond van artikel 37 bij wijze van voorschot is verleend en nadien is vastgesteld dat geen recht op inkomensvoorziening bestaat;
c. in de vorm van geldlening is verleend en de uit de geldlening voortvloeiende verplichtingen niet of niet behoorlijk worden nagekomen;
d. anderszins onverschuldigd is betaald, omdat de jongere naderhand met betrekking tot de periode waarover de inkomensvoorziening is verleend, over in aanmerking te nemen vermogen of inkomen beschikt of kan beschikken; of
e. anderszins onverschuldigd is betaald voor zover de belanghebbende dit redelijkerwijs had kunnen begrijpen.
2.
Indien het college op grond van artikel 16, derde lid, gehouden is kosten verbonden aan een werkleeraanbod, of een inkomensvoorziening over een bepaalde periode aan een andere gemeente te vergoeden, geschiedt de terugvordering over die periode, voor zover zij nog niet heeft plaatsgehad, door het college van eerstgenoemde gemeente.
3.
Het college is bevoegd tot verrekening van in de voorafgaande drie maanden ontvangen middelen met de inkomensvoorziening.
4.
Bij gebreke van tijdige betaling kan de vordering worden verhoogd met de op de terugvordering betrekking hebbende kosten. Loonbelasting en de premies volksverzekeringen waarvoor de gemeente die de inkomensvoorziening verstrekt krachtens de Wet op de loonbelasting 1964 inhoudingsplichtige is, alsmede de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet , kunnen worden teruggevorderd, voor zover deze belasting, premies en vergoeding niet verrekend kunnen worden met de door het college af te dragen loonbelasting, premies volksverzekeringen en vergoeding.
5.
Terugvordering als bedoeld in het eerste lid, onderdeel e, vindt niet plaats, indien de betreffende kosten zijn gemaakt meer dan twee jaar vóór de datum van verzending van het besluit tot terugvordering.
1.
Indien de inkomensvoorziening overeenkomstig een norm als bedoeld in artikel 28 had moeten worden verleend maar zulks achterwege is gebleven, omdat de jongere de verplichtingen, bedoeld in artikel 44 , of artikel 30c, tweede lid of derde lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen , niet of niet behoorlijk is nagekomen, kunnen de kosten van de inkomensvoorziening mede worden teruggevorderd van de persoon met wiens middelen bij de verlening van de inkomensvoorziening rekening had moeten worden gehouden.
2.
De in het eerste lid bedoelde persoon is mede hoofdelijk aansprakelijk voor de terugbetaling van kosten van de inkomensvoorziening die worden teruggevorderd.
1.
De persoon van wie kosten van de inkomensvoorziening worden teruggevorderd is verplicht desgevraagd aan het college de inlichtingen te verstrekken die voor terugvordering op grond van dit hoofdstuk van belang zijn.
2.
Het college kan de kosten van de inkomensvoorziening, bedoeld in de artikelen 54 en 55 invorderen bij dwangbevel.
3.
Indien de persoon van wie kosten van de inkomensvoorziening, bedoeld in de artikelen 54 en 55, worden teruggevorderd een inkomensvoorziening, algemene bijstand op grond van de Wet werk en bijstand of een uitkering op grond van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers , de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen , het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 of de Wet werk en inkomen kunstenaars ontvangt, is het college bevoegd tot verrekening van die kosten met die inkomensvoorziening, die algemene bijstand of die uitkering.
4.
De in artikel 479g van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering aan de raad voor de kinderbescherming toegekende bevoegdheid komt gelijkelijk toe aan het college. Indien het college gebruik maakt van deze bevoegdheid, geschiedt de bekendmaking van het dwangbevel, in afwijking van artikel 4:123, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht , door middel van toezending per post aan de persoon van wie kosten van de inkomensvoorziening worden teruggevorderd.
5.
Zolang de persoon van wie kosten van de inkomensvoorziening worden teruggevorderd zijn verplichting, bedoeld in het eerste lid, niet of niet behoorlijk nakomt:
a. is het college, in afwijking van artikel 4:93, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht , bevoegd tot verrekening voor zover beslag op de vordering van de schuldeiser nietig zou zijn;
b. geldt de beslagvrije voet, bedoeld in de artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering , in afwijking van artikel 4:116 van de Algemene wet bestuursrecht , niet bij invordering van kosten van de inkomensvoorziening bij dwangbevel.
6.
Terugvordering van kosten van de inkomensvoorziening, bedoeld in de artikelen 54 en 55, is bevoorrecht en volgt onmiddellijk na de vorderingen omschreven in artikel 288 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek.
1.
Indien degene van wie de kosten van inkomensvoorziening worden teruggevorderd algemene bijstand, inkomensvoorziening of een uitkering op grond van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werklozen werknemers , de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen of de Wet werk en inkomen kunstenaars ontvangt van het college van een andere gemeente dan het college dat de kosten van inkomensvoorziening terugvordert, betaalt het college van die andere gemeente, zonder dat daarvoor een machtiging nodig is van de belanghebbende, het bedrag van de terugvordering uit de algemene bijstand, de inkomensvoorziening of de uitkering op verzoek aan het college dat de kosten van de inkomensvoorziening terugvordert.
2.
Indien degene van wie de kosten van inkomensvoorziening worden teruggevorderd een uitkering ontvangt op grond van de Werkloosheidswet , de Wet inkomensvoorziening oudere werklozen , de Ziektewet , de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen , de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen , de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering , de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening militairen , de Wet arbeid en zorg of de Toeslagenwet of inkomensondersteuning ontvangt op grond van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten betaalt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, zonder dat daarvoor een machtiging nodig is van belanghebbende, het bedrag van de terugvordering uit de uitkering of de inkomensondersteuning op verzoek aan het college dat de kosten van de inkomensvoorziening terugvordert.
3.
Indien degene van wie de kosten van inkomensvoorziening worden teruggevorderd een uitkering ontvangt op grond van de Algemene Ouderdomswet of de Algemene nabestaandenwet betaalt de Sociale verzekeringsbank, zonder dat daarvoor een machtiging nodig is van belanghebbende, het bedrag van de terugvordering uit de uitkering op verzoek aan het college dat de kosten van de inkomensvoorziening terugvordert.
Artikel 57. Verhaal
Op verhaal van kosten van de inkomensvoorziening is paragraaf 6.5 van de Wet werk en bijstand van overeenkomstige toepassing.
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1. Definities en algemene bepalingen
+ Hoofdstuk 2. Opdracht gemeentebestuur
+ Hoofdstuk 3. Recht op werkleeraanbod
+ Hoofdstuk 4. Recht op inkomensvoorziening
+ Hoofdstuk 5. Plichten jongere
+ Hoofdstuk 6. Bevoegdheden en plichten college
- Hoofdstuk 7. Terugvordering en verhaal
+ Hoofdstuk 8. Wijziging andere wetten
+ Hoofdstuk 9. Overgangs- en slotbepalingen
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht