Let op. Deze wet is vervallen op 1 januari 2006. U leest nu de tekst die gold op -.

Wet premieregime bij marginale arbeid

Uitgebreide informatie
Wet van 23 januari 1997, houdende een regeling voor vrijstelling van premies werknemersverzekeringen bij arbeid van zeer korte duur van uitkeringsgerechtigden en aangewezen categorieën werknemers (Wet premieregime bij marginale arbeid)
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het uit het oogpunt van arbeidsmarktbeleid wenselijk is een vrijstelling van de betaalde premies voor de werknemersverzekeringen te introduceren bij dienstbetrekkingen van uitkeringsgerechtigden en bepaalde categorieën aangewezen werknemers van zeer korte duur;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel 1
In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. werknemer: de werknemer bedoeld in § 2 van respectievelijk Hoofdstuk I van de Werkloosheidswet en de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering en van de Eerste Afdeling van de Ziektewet ;
b. werkgever: de natuurlijke persoon tot wie, of het lichaam tot welk een of meer natuurlijke personen in dienstbetrekking staan, in de zin van de Ziektewet , van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering en van de Werkloosheidswet ;
c. premies werknemersverzekeringen: de premies, die werkgevers en werknemers verschuldigd zijn ingevolge de Ziekenfondswet , de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering en de Werkloosheidswet ;
d. Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen: het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, genoemd in hoofdstuk 5 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen.
e. Algemeen Werkloosheidsfonds: het fonds, genoemd in artikel 103 van de Werkloosheidswet;
f. uitkeringsgerechtigde: degene, wiens inkomen uit en in verband met arbeid in het bedrijfs- en beroepsleven onmiddellijk voorafgaande aan de aanvang van de dienstbetrekking, waarop deze wet betrekking heeft uitsluitend bestaat uit een uitkering ingevolge de Wet werk en bijstand , de Wet Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers , de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen , de Werkloosheidswet , de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering , de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen , de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten , de Toeslagenwet of uit een uitkering ingevolge vergelijkbare regelingen dan wel uit een combinatie van deze uitkeringen en die bij de Centrale organisatie werk en inkomen als werkzoekende is geregistreerd.
1.
Op aanvraag van een werkgever verleent het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen ter zake van een dienstbetrekking tussen deze werkgever en een uitkeringsgerechtigde vrijstelling van de verplichting tot het betalen van de door de werkgever en die uitkeringsgerechtigde verschuldigde premies werknemersverzekeringen.
2.
De vrijstelling wordt verleend, indien:
a. de dienstbetrekking ten hoogste zes aaneengesloten weken duurt; en
b. de werkgever in het kalenderjaar niet eerder een dienstbetrekking met die uitkeringsgerechtigde is aangegaan; en
c. voor een dienstbetrekking van die uitkeringsgerechtigde in het kalenderjaar niet eerder vrijstelling is verleend.
3.
Voor de toepassing van het tweede lid worden dienstbetrekkingen tussen de werkgever en de uitkeringsgerechtigde geacht eenzelfde, niet onderbroken dienstbetrekking te zijn, indien die dienstbetrekkingen elkander met tussenpozen van niet meer dan 31 dagen zijn opgevolgd.
4.
De vrijstelling gaat in op het tijdstip waarop de dienstbetrekking aanvangt.
1.
De werkgever vraagt de vrijstelling aan voor de afloop van de dienstbetrekking. De aanvraag wordt mede door de uitkeringsgerechtigde ondertekend.
2.
De aanvraag bevat in ieder geval het sociaal-fiscaal nummer, bedoeld in artikel 1, onderdeel k, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen van de uitkeringsgerechtigde.
3.
[Vervallen.]
4.
Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan nadere regels stellen voor de aanvraag door de werkgever.
1.
Bij ministeriële regeling kunnen voor de Tabakverwerkende en Agrarische sector categorieën van werknemers aangewezen worden, waarvoor het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de werkgever ter zake van een dienstbetrekking met een onder die categorie vallende werknemer vrijstelling van de verplichting tot het betalen van de door die werkgever en die werknemer verschuldigde premies werknemersverzekeringen kan verlenen.
2.
Voor aanwijzing komen in aanmerking categorieën van werknemers, die behalve uit de in het eerste lid bedoelde dienstbetrekking bij aanvang van die dienstbetrekking niet aangewezen zijn op inkomen uit arbeid en geen uitkeringsgerechtigde zijn.
1.
Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verleent voor de Tabakverwerkende en Agrarische sector op aanvraag van een werkgever vrijstelling van de verplichting tot het betalen van premies ter zake van een dienstbetrekking met een werknemer vallend onder een categorie als bedoeld in artikel 4, eerste lid.
2.
De artikelen 2, tweede tot en met vierde lid, en 3 zijn van overeenkomstige toepassing.
Artikel 6
Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen herziet de beslissing over de premievrijstelling, indien deze vrijstelling ten onrechte is verleend, omdat onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt.
Artikel 7
[Wijzigt de Werkloosheidswet.]
1.
Voor de jaren 1997, 1998 en 1999 komt respectievelijk 25, 50 en 75% van de totale premies voor de betaling waarvan op grond van § 2 van hoofdstuk 2 aan werkgevers vrijstelling is verleend ten laste van een wachtgeldfonds.
2.
Met toepassing van het eerste lid komen in de jaren 1997, 1998 en 1999 premies voor de betaling waarvan op grond van § 2 van hoofdstuk 2 aan werkgevers vrijstelling is verleend, voor maximaal 200 000 werknemers ten laste van het Algemeen Werkloosheidsfonds. Bij het bereiken van dit maximum komen die premies in afwijking van het eerste lid geheel ten laste van een wachtgeldfonds.
Artikel 9
In afwijking van artikel 7:2 van de Algemene wet bestuursrecht wordt de belanghebbende in een bezwaarschriftprocedure ten aanzien van een besluit op grond van deze wet gehoord op zijn verzoek.
Artikel 9a
In afwijking van artikel 7:10, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht beslist het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen binnen dertien weken na ontvangst van het bezwaarschrift.
Artikel 10
[Wijzigt de Beroepswet.]
Artikel 11
Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.
Artikel 12
Deze wet wordt aangehaald als: Wet premieregime bij marginale arbeid.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te 's-Gravenhage, 23 januari 1997
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
Uitgegeven vijfentwintigste februari 1997
De Minister van Justitie,
Inhoudsopgave
+ HOOFDSTUK 1. BEGRIPSBEPALINGEN
+ HOOFDSTUK 2. VRIJSTELLING VAN PREMIES WERKNEMERSVERZEKERINGEN
+ HOOFDSTUK 3. FINANCIERING PREMIEVRIJSTELLING VOOR AANGEWEZEN CATEGORIEËN WERKNEMERS
+ HOOFDSTUK 4. BEZWAAR EN BEROEP
+ HOOFDSTUK 5. SLOTBEPALINGEN
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht