1.
De geneeskundigen geven bij het vaststellen hunnerzijds van het overlijden van een persoon en van de geboorte van een dood kind ten behoeve van de ambtenaar van de burgerlijke stand een verklaring van overlijden respectievelijk van levenloze geboorte af.
2.
Zij geven de in het vorige lid bedoelde verklaringen niet dan na zich door persoonlijke schouwing overtuigd te hebben van het overlijden respectievelijk van de levenloze geboorte.
3.
Indien het overlijden het gevolg was van de toepassing van levensbeƫindiging op verzoek of hulp bij zelfdoding als bedoeld in artikel 306, tweede lid , onderscheidenlijk artikel 307, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht BES geeft de behandelend geneeskundige geen verklaring van overlijden af en doet hij van de oorzaak van het overlijden onverwijld door invulling van een formulier mededeling aan de op grond van artikel 4 door het bestuurscollege aangewezen geneeskundige. Bij de mededeling voegt de geneeskundige een beredeneerd verslag inzake de inachtneming van de zorgvuldigheidseisen, bedoeld in artikel 2 van de Wet toetsing levensbeƫindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding .
Inhoudsopgave
Artikel 1
Artikel 2
Artikel 3
Artikel 4
Artikel 5
Artikel 6
Artikel 7
Artikel 8
Artikel 9
Artikel 10
+ Artikel 11
+ Artikel 12
Artikel 13
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht