Let op. Deze wet is vervallen op 1 januari 2012. U leest nu de tekst die gold op -.

Wet voorzieningen arbeid en zorg alleenstaande ouders

Uitgebreide informatie
Wet van 21 juli 2007, houdende vaststelling van een wet inzake ondersteuning van alleenstaande ouders bij arbeid en zorg (Wet voorzieningen arbeid en zorg alleenstaande ouders)
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is zoveel mogelijk alleenstaande ouders de kans te bieden arbeid en zorg te combineren;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
a. alleenstaande ouder: degene die geen partner heeft, een huishouding voert met een kind dat bij de aanvang van het berekeningsjaar de leeftijd van 16 jaar niet heeft bereikt, en deze huishouding voert met geen ander dan kinderen die bij de aanvang van het berekeningsjaar de leeftijd van 27 jaar niet hebben bereikt;
b. Vazalo-toeslag: een van de draagkracht afhankelijke toeslag voor voorzieningen arbeid en zorg alleenstaande ouders.
1.
De alleenstaande ouder die tegenwoordige arbeid verricht en daaruit in het berekeningsjaar meer dan € 4 366 inkomen uit werk en woning in de zin van de Wet inkomstenbelasting 2001 geniet of die in het berekeningsjaar in aanmerking komt voor de zelfstandigenaftrek, bedoeld in artikel 3.76 van de Wet inkomstenbelasting 2001, heeft aanspraak op de Vazalo-toeslag tot het bedrag volgens de volgende tabel:
2.
Het eerste lid is niet van toepassing op de alleenstaande ouder die in het berekeningsjaar algemene bijstand op grond van de Wet werk en bijstand ontvangt.
Artikel 3 [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
In afwijking van artikel 16, eerste lid, van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen wordt het voorschot op de Vazalo-toeslag verleend tot het bedrag volgens de volgende tabel:
bij een toetsingsinkomen gelijk aan of meer dan maar minder dan bedraagt de Vazalo-toeslag per kalendermaand ingeval het jongste kind bij het begin van het kalenderjaar nog niet de leeftijd heeft bereikt van
    12 jaar 16 jaar
€ 0 € 8 772 € 0 € 0
€ 8 772 € 9 569 € 430 € 0
€ 9 569 € 10 367 € 369 € 369
€ 10 367 € 11 165 € 307 € 307
€ 11 165 € 11 962 € 246 € 246
€ 11 962 € 12 759 € 185 € 185
€ 12 759 € 13 559 € 123 € 123
€ 13 559 € 14 362 € 62 € 62
€ 14 362   € 0 € 0
Artikel 4 [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
De in de artikelen 2 en 3 genoemde bedragen worden met ingang van 1 januari van elk kalenderjaar door Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in overeenstemming met Onze Minister van Financiën bij ministeriële regeling vastgesteld.
Artikel 5 [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
De Belastingdienst/Toeslagen is belast met de uitvoering van deze wet.
1.
In afwijking van de artikelen 24, derde lid, 26 en 30 van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen vindt terugvordering en verrekening van de Vazalo-toeslag of van een voorschot daarop slechts plaats voorzover het toetsingsinkomen verhoogd met het voorschot op de Vazalo-toeslag meer bedraagt dan de voor de alleenstaande ouder in het berekeningsjaar geldende bijstandsnorm bedoeld in artikel 21, onderdeel b, van de Wet werk en bijstand, verhoogd met de toeslag bedoeld in artikel 25, tweede lid, van die wet en de voor hem in het berekeningsjaar geldende kinderkorting bedoeld in artikel 8.12 van de Wet inkomstenbelasting 2001.
2.
Het eerste lid is niet van toepassing op de belanghebbende die opzettelijk onjuiste gegevens heeft verstrekt op grond waarvan de Vazalo-toeslag is toegekend of het voorschot is verleend dan wel op de belanghebbende die opzettelijk heeft nagelaten gegevens te verstrekken die zouden hebben geleid tot herziening van de Vazalo-toeslag of het voorschot. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot het bepaalde in de vorige volzin.
Artikel 8 [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
[Wijzigt de Wet inkomstenbelasting 2001.]
Artikel 9 [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zendt in overeenstemming met Onze Minister van Financiën binnen vijf jaar na de inwerkingtreding van deze wet, en vervolgens telkens na tien jaar, aan de Staten-Generaal een verslag over de mate waarin deze wet alleenstaande ouders in staat stelt zorg te combineren met arbeid en daarmee, zonder beroep op de Wet werk en bijstand , te voorzien in de middelen voor de noodzakelijke kosten van het bestaan.
1.
Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.
2.
Bij de inwerkingtreding van deze wet worden, in afwijking van de artikelen 4 en 7, onderdeel B, de in artikel 2, 3 en 7 genoemde bedragen door Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in overeenstemming met Onze Minister van Financiën bij ministeriële regeling vastgesteld.
Artikel 11 [Treedt in werking op een nader te bepalen tijdstip]
Deze wet wordt aangehaald als: Wet voorzieningen arbeid en zorg alleenstaande ouders.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te Tavarnelle, 21 juli 2007
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
De Staatssecretaris van Financiën
Uitgegeven de achtentwintigste augustus 2007
De Minister van Justitie
Inhoudsopgave
Artikel 1
Artikel 2
Artikel 3
Artikel 4
Artikel 5
Artikel 6
Artikel 7
Artikel 8
Artikel 9
Artikel 10
Artikel 11
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht