Besluit van 8 juli 2000, houdende wijziging van het Algemeen Rijksambtenarenreglement en enkele andere besluiten in verband met wijziging van de Wet Incompatibiliteiten Staten-Generaal en Europees Parlement en invoering van de Wet financiering loopbaanonderbreking
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 10 januari 2000, nummer AD1999/U100337, directoraat-generaal Management en Personeelsbeleid, directie Personeelsmanagement Rijksdienst, afdeling Arbeidsvoorwaarden, gedaan mede namens Onze minister van Buitenlandse Zaken;
Gelet op artikel 125, eerste lid, van de Ambtenarenwet;
De Raad van State gehoord (advies van 23 maart 2000, nummer W04.00.0020/1) ;
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 26 juni 2000, nummer AD2000/U63559, directoraat-generaal Management en Personeelsbeleid, directie Personeelsmanagement Rijksdienst, Afdeling Arbeidsvoorwaarden, uitgebracht mede namens Onze Minister van Buitenlandse Zaken;
Hebben goedgevonden en verstaan;
Artikel I
[Wijzigt het Algemeen Rijksambtenarenreglement.]
Artikel II
[Wijzigt het Ambtenarenreglement Staten-Generaal.]
Artikel III
[Wijzigt het Reglement Dienst Buitenlandse Zaken.]
Artikel IV
Op degene op wie Artikel II van de wet van 15 juli 1998 tot wijziging van de Wet Incompatibiliteiten Staten-Generaal en Europees Parlement ter wijziging van de nonactiviteitsbepalingen (Stb. 1998, 507) van toepassing is, blijft artikel 16 van het Algemeen Rijksambtenarenreglement, zoals dat luidde op de dag voorafgaande aan de datum van inwerkingtreding van dit besluit, van kracht.
Artikel V
De ambtenaar die tussen 21 augustus 1998 en het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit is benoemd of verkozen tot lid van de Tweede Kamer der Staten-Generaal of het Europees Parlement wordt geacht een verzoek tot ontheffing te hebben gedaan als bedoeld in artikel 3, zesde lid, van de Wet Incompatibiliteiten Staten-Generaal en Europees Parlement en op grond daarvan uit zijn ambtelijke functie te zijn ontheven.
1.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.
2.
Artikel I, onderdeel A, werkt terug tot en met 21 augustus 1998.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
's-Gravenhage, 8 juli 2000
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
De Minister van Buitenlandse Zaken,
Uitgegeven de derde augustus 2000
De Minister van Justitie,
Inhoudsopgave
Artikel I
Artikel II
Artikel III
Artikel IV
Artikel V
Artikel VI
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht