Let op. Deze wet is vervallen op 1 januari 2013. U leest nu de tekst die gold op -.

Wijzigingsbesluit Besluit algemene rechtspositie politie, enz. (tijdelijke ouderenregeling)

Uitgebreide informatie
Besluit van 11 december 2000 tot wijziging van het Besluit algemene rechtspositie politie, het Besluit bezoldiging politie en het Besluit geneeskundige verzorging politie 1994 in verband met de tijdelijke ouderenregeling
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 24 augustus 2000, nr. EA2000/U72039, directoraat-generaal Openbare Orde en Veiligheid, directie Politie, afdeling Arbeidsvoorwaardenbeleid;
Gelet op artikel 50, eerste lid, en 53d, eerste lid, van de Politiewet 1993, artikel 9, zesde lid, eerste en tweede volzin, van de LSOP-wet en artikel 125, eerste lid, onderdeel i, van de Ambtenarenwet;
De Raad van State gehoord (advies van 19 oktober 2000, nr. W.04.00.0398/I);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 4 december 2000, nr. EA2000/U97313, directoraat-generaal Openbare Orde en Veiligheid;
Hebben goedgevonden en verstaan:
A
De termijnen, genoemd in artikel 13c, eerste en tweede lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie, zijn niet van toepassing op de ambtenaar die op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 13b van genoemd besluit in aanmerking komt voor een periode van non-activiteit, maar gezien zijn leeftijd op het moment van inwerkingtreding niet kan voldoen aan de termijnen en voor 1 juli 1999 een schriftelijke aanvraag heeft ingediend bij het bevoegd gezag dat hij in aanmerking wil komen voor de periode van non-activiteit.
B
De periode van non-activiteit, bedoeld in artikel 13b, tweede lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie, zal voor de ambtenaar die op 15 maart 1999 de 55-jarige leeftijd heeft bereikt, niet langer zijn dan de periode die voor de ambtenaar maximaal resteert in het desbetreffende levensjaar.
Artikel V
Voorafgaande aan de instelling van de commissie, bedoeld in artikel 13c, vierde en vijfde lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie, wordt de adviesaanvraag voorgelegd aan Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, die het voor behandeling voorlegt aan een ad hoc commissie met paritaire samenstelling.
1.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 15 maart 1999.
2.
Met ingang van 1 april 2010 vervallen de artikelen I tot en met III van dit besluit.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
's-Gravenhage, 11 december 2000
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
Uitgegeven de eenentwintigste december 2000
De Minister van Justitie,
Inhoudsopgave
Artikel I
Artikel II
Artikel III
Artikel IV
Artikel V
Artikel VI
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht