Besluit van 24 juni 2005 tot wijziging van het Besluit risico’s zware ongevallen 1999, het Besluit informatie inzake rampen en zware ongevallen en het Besluit rampbestrijdingsplannen inrichtingen in verband met de uitvoering van richtlijn nr. 2003/105/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 16 december 2003 tot wijziging van richtlijn nr. 96/82/EG van de Raad van de Europese Unie betreffende de beheersing van de gevaren van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken (PbEU L 345)
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 1 december 2004, nr. MJZ2004120248, Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving, gedaan mede namens Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
Gelet op richtlijn nr. 2003/105/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 16 december 2003 tot wijziging van richtlijn nr. 96/82/EG van de Raad van de Europese Unie betreffende de beheersing van de gevaren van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken (PbEU L 345) en op de artikelen 8.44 van de Wet milieubeheer, 4a, tweede lid, 10a, derde lid, 10b, vierde lid, en 11a, vierde lid, van de Wet rampen en zware ongevallen en 6, eerste lid, van de Arbeidsomstandighedenwet 1998;
De Raad van State gehoord (advies van 18 februari 2005, nr. W08.04.0582/V);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 20 juni 2005, nr. MJZ2005124395, Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving, uitgebracht mede namens Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel I
[Wijzigt het Besluit risico's zware ongevallen 1999.]
Artikel II
[Wijzigt het Besluit informatie inzake rampen en zware ongevallen.]
Artikel III
[Wijzigt Besluit rampenbestrijdingsplannen inrichtingen.]
1.
Indien als gevolg van de inwerkingtreding van dit besluit een inrichting onder artikel 4 van het Besluit risico’s zware ongevallen 1999 komt te vallen, zendt degene die die inrichting drijft, binnen drie maanden na de inwerkingtreding van dit besluit een kennisgeving aan het bevoegd gezag. Deze kennisgeving bevat de gegevens, bedoeld in artikel 26, eerste lid, onderdelen a tot en met h, van dat besluit.
1.
Indien als gevolg van de inwerkingtreding van dit besluit een inrichting onder artikel 4 van het Besluit risico’s zware ongevallen 1999 komt te vallen, stelt degene die die inrichting drijft, binnen drie maanden na de inwerkingtreding van dit besluit voor de eerste keer het document, bedoeld in artikel 5, tweede lid, van dat besluit op.
Artikel VI
Indien als gevolg van de inwerkingtreding van dit besluit een inrichting onder artikel 8 van het Besluit risico’s zware ongevallen 1999 komt te vallen:
a. zendt degene die die inrichting drijft, binnen een jaar na de inwerkingtreding van dit besluit een veiligheidsrapport aan het bevoegd gezag;
b. stelt degene die die inrichting drijft, binnen drie maanden na de inwerkingtreding van dit besluit de stoffenlijst, bedoeld in artikel 21 van dat besluit, op, en
c. stelt degene die die inrichting drijft, binnen een jaar na de inwerkingtreding van dit besluit een intern noodplan als bedoeld in artikel 22 van dat besluit, op.
Artikel VII
Indien als gevolg van de inwerkingtreding van dit besluit een inrichting onder artikel 8 van het Besluit risico’s zware ongevallen 1999 komt te vallen, stelt de burgemeester het rampbestrijdingsplan of een wijziging daarvan vast uiterlijk een jaar nadat hij met toepassing van artikel 18, vierde lid, van dat besluit een exemplaar van het veiligheidsrapport heeft ontvangen.
1.
In afwijking van artikel 3, tweede lid, van het Besluit bedrijfsbrandweren, kunnen burgemeester en wethouders het hoofd of de bestuurder van een inrichting die als gevolg van de inwerkingtreding van dit besluit onder artikel 8 van het Besluit risico’s zware ongevallen 1999 is komen te vallen, verzoeken voorafgaand aan de indiening van het veiligheidsrapport, bedoeld in artikel VI, onderdeel a, een rapport inzake de bedrijfsbrandweer te overleggen.
2.
Na wijziging of uitbreiding van een aangewezen inrichting als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van het Besluit bedrijfsbrandweren die als gevolg van de inwerkingtreding van dit besluit onder artikel 8 van het Besluit risico’s zware ongevallen 1999 is komen te vallen, legt het hoofd of de bestuurder van een inrichting in afwijking van artikel 5, tweede lid, van het Besluit bedrijfsbrandweren, voorafgaand aan de indiening van het veiligheidsrapport, bedoeld in artikel VI, onderdeel a, een gewijzigd rapport aan burgemeester en wethouders over.
Artikel IX
Dit besluit treedt in werking vier weken na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
’s-Gravenhage, 24 juni 2005
De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer ,
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ,
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid ,
Uitgegeven de zesde september 2005
De Minister van Justitie ,
Inhoudsopgave
Artikel I
Artikel II
Artikel III
Artikel IV
Artikel V
Artikel VI
Artikel VII
Artikel VIII
Artikel IX
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht