Besluit van 11 juni 2004 tot wijziging van het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen (uitvoering Euratom-richtlijn basisnormen)
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, van 8 januari 2004, nr. MJZ2003132977, Centrale Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving, gedaan mede namens Onze Minister van Economische Zaken, de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en Onze Minister van Verkeer en Waterstaat;
Gelet op richtlijn nr. 96/29/Euratom van de Raad van de Europese Unie van 13 mei 1996 tot vaststelling van de basisnormen voor de bescherming van de gezondheid der bevolking en der werkers tegen de aan ioniserende straling verbonden gevaren (PbEG L 159) en de artikelen 15c, derde lid, 16, eerste lid, 21, eerste en tweede lid, 29, eerste lid, 29a, derde lid, 31, eerste lid, 32, eerste, vierde en vijfde lid, 67, eerste lid, 76, derde lid, van de Kernenergiewet en artikel 8.41, tweede lid, van de Wet milieubeheer;
De Raad van State gehoord (advies van 2 april 2004, nr. W08.04.0032/V);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, van 4 juni 2004, nr. MJZ 2004054618, Centrale Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving, uitgebracht mede namens Onze Minister van Economische Zaken, de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en Onze Minister van Verkeer en Waterstaat;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel I
[Wijzigt het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen.]
1.
Op de aanvraag om een vergunning voor het vervoeren, het voorhanden hebben bij opslag in verband met vervoer en het binnen of buiten Nederlands grondgebied brengen van splijtstoffen, ertsen of radioactieve stoffen als bedoeld in de artikelen 15 of  29 van de Kernenergiewet, die is ingediend voor het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit, blijft – behoudens in gevallen als bedoeld in het vijfde lid, tweede volzin – het voor dat tijdstip geldende recht van toepassing totdat de beschikking op de aanvraag onherroepelijk is geworden.
2.
Het in artikel 15, onder a, van de Kernenergiewet vervatte verbod geldt niet voor het vervoeren, het voorhanden hebben bij opslag in verband met vervoer of het binnen of buiten Nederlands grondgebied brengen of doen brengen van splijtstoffen of ertsen, indien:
a. wordt voldaan aan artikel 2 of artikel 23 van het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen, zoals deze luidden voor de inwerkingtreding van dit besluit en
b. binnen zes maanden na de datum van inwerkingtreding van dit besluit een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 15, onder a, van de Kernenergiewet wordt ingediend,
tot twee maanden nadat de beschikking op de aanvraag onherroepelijk is geworden.
a. wordt voldaan aan artikel 27 van het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen, zoals dit luidde voor de inwerkingtreding van dit besluit en
b. binnen zes maanden na de datum van inwerkingtreding van dit besluit een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 28, eerste lid, van het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen wordt ingediend,
tot twee maanden nadat de beschikking op de aanvraag onherroepelijk is geworden.
4.
Met betrekking tot een handeling of werkzaamheid waarvoor tot het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit geen melding of vergunning was vereist, maar waarvoor na dat tijdstip krachtens het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen een melding is vereist, blijven de artikelen 4c en 4d of  32 en 32a van dat besluit buiten toepassing tot zes maanden na het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit.
5.
Een vergunning, voor het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit verleend krachtens het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen voor een handeling of werkzaamheid waarvoor na dat tijdstip krachtens het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen een melding is vereist, wordt gelijkgesteld met een melding overeenkomstig het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen . Een aanvraag om een zodanige vergunning, ingediend voor het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit, wordt eveneens met een zodanige melding gelijkgesteld.
6.
Ten aanzien van de behandeling van een bezwaar of beroep met betrekking tot een beschikking krachtens het Besluit vervoer splijtstoffen, ertsen en radioactieve stoffen , dat voor de datum van inwerkingtreding van dit besluit is gemaakt onderscheidenlijk ingesteld, blijft het recht zoals het gold voor dat tijdstip, van toepassing totdat de beschikking onherroepelijk is geworden.
Artikel III
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag waarop vier weken zijn verstreken sedert de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
's-Gravenhage, 11 juni 2004
De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer ,
De Minister van Economische Zaken ,
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid ,
De Minister van Verkeer en Waterstaat ,
Uitgegeven de dertigste juni 2004
De Minister van Justitie ,
Inhoudsopgave
Artikel I
Artikel II
Artikel III
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht