Besluit van 13 juni 1994, houdende wijziging van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken van 23 maart 1994, nr. AD94/U390, directoraat-generaal Management en Personeelsbeleid, directie Personeelsmanagement Rijksdienst, afdeling Arbeidsvoorwaarden en Sociaal Beleid;
Gelet op artikel 125, eerste lid, van de Ambtenarenwet;
De Raad van State gehoord (advies van 3 mei 1994, nr. W04.94. 0180);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken van 1 juni 1994, nr. AD94/606, directoraat-generaal Management en Personeelsbeleid, directie Personeelsmanagement Rijksdienst, afdeling Arbeidsvoorwaarden en Sociaal Beleid;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel I
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]
1.
De functies die zijn ingedeeld in Hoofdgroep IV, niveaugroep IV a , schaal 6, respectievelijk niveaugroep IV b , schaal 7, van de bijlage B van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984 zoals die bijlage luidde op de dag vóór die van de inwerkingtreding van dit besluit, worden ingedeeld in Hoofdgroep III, niveaugroep III b , schaal 6, respectievelijk niveaugroep III c , schaal 7, van de ingevolge artikel I, onder D, bij dit besluit behorende bijlage B.
2.
De functies die zijn ingedeeld in Hoofdgroep IV, niveaugroep IV c , schaal 8 tot en met niveaugroep IV g , schaal 12, van de bijlage B van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984 zoals die bijlage luidde op de dag vóór die van de inwerkingtreding van dit besluit, worden ingedeeld in onderscheidenlijk Hoofdgroep IV, niveaugroep IV a , schaal 8, tot en met niveaugroep IV e , schaal 12, van de bij dit besluit behorende bijlage B.
3.
De functies die zijn ingedeeld in Hoofdgroep VI, niveaugroep VI b , schaal 16 tot en met niveaugroep VI d , schaal 18, van de bijlage B van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984 zoals die bijlage luidde op de dag vóór die van de inwerkingtreding van dit besluit, worden ingedeeld in onderscheidenlijk Hoofdgroep VI, niveaugroep VI d , schaal 16 tot en met niveaugroep VI f , schaal 18, van de bij dit besluit behorende bijlage B.
4.
De nadere indeling van de functies die zijn ingedeeld in hoofdgroep V, niveaugroep V d , schaal 13 en niveaugroep V e , schaal 14, en in hoofdgroep VI, niveaugroep VI a , schaal 15, van de bijlage B van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984 zoals deze luidde de dag vóór die van de inwerkingtreding van dit besluit, vindt zo spoedig mogelijk plaats doch uiterlijk twee jaar na de inwerkingtreding van dit besluit.
1.
Dit besluit verplicht er niet toe voor de ambtenaar voor wie reeds een salarisschaal is vastgesteld, opnieuw een salarisschaal vast te stellen. Een voor de inwerkingtreding van dit besluit aangevangen procedure om te komen tot vaststelling van de salarisschaal kan met inachtneming van de op de dag vóór die van de inwerkingtreding van dit besluit geldende tekst van artikel 5 van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984 worden voltooid.
2.
Voor zover toepassing van het op grond van artikel I gewijzigde artikel 5 van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984 niet kan plaatsvinden met ingang van de inwerkingtreding van dit besluit, zal dit plaatsvinden met ingang van een latere datum, doch uiterlijk twee jaar na die inwerkingtreding.
Gedurende die periode kan de vaststelling van de salarisschaal nog plaatsvinden met inachtneming van de op de dag vóór die van de inwerkingtreding van dit besluit geldende tekst van artikel 5 van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984. Een gedurende die periode aangevangen procedure om te komen tot vaststelling van de salarisschaal kan eveneens met inachtneming van de op de dag vóór die van de inwerkingtreding van dit besluit geldende tekst van artikel 5 van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984 worden voltooid.
3.
Indien in overeenstemming met Onze Minister van Binnenlandse Zaken een ander normeringsstelsel wordt vastgesteld dan het stelsel dat door Onze Minister van Binnenlandse Zaken is vastgesteld, gelden daarvoor de volgende overgangsbepalingen:
a. Invoering van een ander normeringsstelsel verplicht er niet toe voor de ambtenaar voor wie reeds een salarisschaal is vastgesteld, opnieuw een salarisschaal vast te stellen. Een voor de datum van invoering van het andere normeringsstelsel aangevangen procedure om te komen tot vaststelling van de salarisschaal kan met inachtneming van het voor die datum geldende normeringsstelsel worden voltooid.
b. Voor zover toepassing van het andere normeringsstelsel niet kan plaatsvinden met ingang van de datum waarop het is vastgesteld, zal dit plaatsvinden met ingang van een latere datum, doch uiterlijk twee jaar na de datum van vaststelling van het andere normeringsstelsel. Gedurende die periode kan het normeringsstelsel dat gold voor de datum van vaststelling van het andere normeringsstelsel, nog worden toegepast. Een gedurende die periode aangevangen procedure om te komen tot vaststelling van de salarisschaal kan eveneens met inachtneming van het normeringsstelsel dat gold voor de datum van vaststelling van het andere normeringsstelsel, worden voltooid.
Artikel IV
Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag van de kalendermaand na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
's-Gravenhage, 13 juni 1994
De Minister van Binnenlandse Zaken,
Uitgegeven de achtentwintigste juni 1994
De Minister van Justitie,
Inhoudsopgave
Artikel I
Artikel II
Artikel III
Artikel IV
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht