Besluit van 30 januari 1996, houdende wijziging van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie en enige andere rechtspositionele regelingen in verband met de invoering van de WAO-conforme uitkering
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Defensie van 13 oktober 1995, nr. PAV 2003/95019165;
Gelet op artikel 125, eerste lid, van de Ambtenarenwet;
De Raad van State gehoord (advies van 22 december 1995, no. WO7.95 0554.);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Defensie van 23 januari 1996, nr. PAV 2003/96000900;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel I
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]
Artikel II
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]
Artikel III
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]
Artikel IV
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]
Artikel V
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]
Artikel VI
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]
A
De ambtenaar in tijdelijke dienst die op 1 januari 1996 aanspraak heeft op doorbetaling van zijn volledige bezoldiging, dan wel die aanspraak zou hebben indien vanaf het moment van intreden van de ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte toepassing zou zijn gegeven aan artikel 59 of artikel 62 van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie, heeft vanaf 1 januari 1996 aanspraak op zijn volledige bezoldiging over het op 1 januari 1996 nog niet verstreken gedeelte van de periode van 18 maanden, doch niet langer dan tot de eerste van de maand waarin hij de leeftijd van 65 jaar bereikt.
B
De aanspraken op grond van artikel 65 van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie naar de tekst op 31 december 1995, worden omgezet in aanspraken op grond van artikel 65 van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie. Indien anders dan als gevolg van een wijziging in de mate van invaliditeit, het bedrag van de nieuw berekende aanvullende uitkering geringer is dan het bedrag van de aanvullende uitkering op 31 december 1995, wordt het bedrag van de aanvullende uitkering tot laatstbedoeld bedrag verhoogd.
C
1.
De gewezen ambtenaar die op 31 december 1995 op grond van artikel 62, vierde lid, van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie een uitkering heeft overeenkomstig de normen van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering en op 1 januari 1996 een recht verkrijgt op een WAO-conforme uitkering, welke lager is dan de eerstbedoelde uitkering, heeft recht op een aanvullende uitkering ter grootte van dat verschil voor de periode gedurende welke hij na 1 januari 1996 aanspraak op eerstbedoelde uitkering zou hebben gehad.
2.
Bij de berekening van de aanvullende uitkering wordt rekening gehouden met een wijziging als bedoeld in artikel 62, achtste lid, van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie.
3.
Voor zolang de arbeidsongeschiktheid in de zin van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering een ander percentage wordt vastgesteld vindt, in voorkomende gevallen met toepassing van het tweede lid, herberekening van de aanvullende uitkering op basis van het gewijzigde percentage plaats.
Artikel VIII
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 1996. Indien het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 31 december 1995, treedt het in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst, en werkt het terug tot en met 1 januari 1996.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
's-Gravenhage, 30 januari 1996
De Staatssecretaris van Defensie,
Uitgegeven de vijftiende februari 1996
De Minister van Justitie,
Inhoudsopgave
Artikel I
Artikel II
Artikel III
Artikel IV
Artikel V
Artikel VI
Artikel VII
Artikel VIII
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht