Besluit van 14 februari 1992, houdende wijziging van het Rechtspositiebesluit onderwijspersoneel (Stb. 1985, 110) i.v.m. convenant (verhoging aanvangssalarissen leraren en compensatie-uitkering na-HOS-inschaling)
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Onderwijs en Wetenschappen van 13 juni 1991, nr. 91034232, directie Arbeidsvoorwaardenbeleid, gedaan mede namens Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;
Gelet op de artikelen 20, tweede lid, van de Wet op het basisonderwijs;
artikel 28, tweede lid van de Interimwet op het speciaal onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs;
de artikelen 38, 61 en 63 van de Wet op het voortgezet onderwijs ( Stb. 1986, 552);
artikel 23, tweede lid, van de Wet op het leerlingwezen ( Stb. 1966, 215);
artikel 55, tweede lid, van de Wet op het hoger beroepsonderwijs ( Stb. 1986, 289);
artikel 58 van de Wet op de onderwijsverzorging ( Stb. 1986, 635);
artikel 4 van de Experimentenwet onderwijs ( Stb. 1970, 370);
artikel 9 van de Kaderwet volwasseneneducatie ( Stb. 1985, 532);
De Raad van State gehoord (advies van 11 september 1991, nr. W05.91.0334);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Onderwijs en Wetenschappen van 5 februari 1992, nr. 91105544, directie Arbeidsvoorwaarden en Beroepskwaliteit, uitgebracht mede namens Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel I
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]
1.
In dit artikel wordt verstaan onder:
a. Rechtspositiebesluit: het Rechtspositiebesluit onderwijspersoneel ;
b. belanghebbende: een belanghebbende bedoeld in artikel I-R101, onder a, die op 31 juli 1991 en op 1 augustus 1991 is benoemd in een functie als genoemd in artikel I-R102, van het Rechtspositiebesluit.
2.
Behoudens het bepaalde in het eerste lid, onderdeel b, zijn de begripsbepalingen van het Rechtspositiebesluit van overeenkomstige toepassing.
3.
Het salaris van de belanghebbende die is benoemd in een functie met een maximumschaal zoals in onderstaand schema is aangegeven, voor wie op 1 augustus 1991 het salaris zou worden vastgesteld aan de hand van het in de van toepassing zijnde kolom onder de daar vermelde laagste aanloopschaal genoemde salarisnummer volgens het Rechtspositiebesluit zoals dat op 31 juli 1991 luidde, wordt op 1 augustus 1991 vastgesteld aan de hand van het daarnaast vermelde nummer in het begintraject bij zijn functie.
maximumschaal 9 maximumschaal 10 maximumschaal 11 maximumschaal 12
schaal 6 begintraject schaal 7 begintraject schaal 9 begintraject schaal 10 begintraject
6.0 1 7.0 1 8.0 1 10.0 1
6.1 2 7.1 2 8.1 2    
6.2 3 7.2 3 8.2 3    
6.3 4 7.3 4 8.3 4    
6.4 5 7.4 5 8.4 5    
6.5 6 7.5 6        
6.6 6 7.6 6        

Indien het salaris van de belanghebbende op 1 augustus 1991 zou worden vastgesteld op een hoger bedrag in de laagste aanloopschaal volgens het Rechtspositiebesluit zoals dat op 31 juli 1991 luidde, dan in bovenstaand schema is vermeld, geschiedt de salarisvaststelling op 1 augustus 1991 in de laagste aanloopschaal die behoort bij zijn functie op hetzelfde bedrag of indien dit niet voorkomt op het naasthogere bedrag.
4.
Het salaris van de belanghebbende die is benoemd in een functie met maximumschaal 9 en voor wie het salaris op 1 augustus 1991 ingevolge het bepaalde in artikel I-R106, derde lid, van het Rechtspositiebesluit zoals dat luidde op 31 juli 1991 zou worden vastgesteld volgens schaal 7, salarisnummer 2, wordt op 1 augustus 1991 vastgesteld op het bedrag behorend bij nummer 6 van het bij zijn functie behorende begintraject.
5.
Het salaris van een belanghebbende die is benoemd in een functie met maximumschaal 10 en voor wie het salaris op 1 augustus 1991 ingevolge het bepaalde in artikel I-R106, derde lid, van het Rechtspositiebesluit zoals dat luidde op 31 juli 1991 zou worden vastgesteld volgens schaal 8, salarisnummer 1, wordt op 1 augustus 1991 vastgesteld op het bedrag behorend bij nummer 6 van het bij zijn functie behorende begintraject.
Artikel III
Dit besluit treedt in werking met ingang van een nader bij koninklijk besluit te bepalen datum en werkt terug tot en met 1 augustus 1991 met dien verstande dat het bepaalde in artikel I, onderdeel D onder 1, terugwerkt tot en met 1 februari 1991.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State en aan de Algemene Rekenkamer.
Lech, 14 februari 1992
De Minister van Onderwijs en Wetenschappen,
De Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,
Uitgegeven de twaalfde maart 1992
De Minister van Justitie,
Inhoudsopgave
Artikel I
Artikel II
Artikel III
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht