Let op. Deze wet is vervallen op 1 september 2008. U leest nu de tekst die gold op 31 augustus 2008.

Wijzigingswet Mediawet (verbetering openheid en continuïteit landelijke publieke omroep)

Uitgebreide informatie
Wet van 9 december 2004 tot wijziging van de Mediawet met het oog op verbetering van de openheid en continuïteit van de landelijke publieke omroep
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de Mediawet te wijzigen in verband met verbetering van de openheid en continuïteit van de landelijke publieke omroep;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel I
[Wijzigt de Mediawet.]
1.
Ten aanzien van omroepverenigingen die op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet een erkenning als bedoeld in artikel 31, eerste lid, van de Mediawet, hebben verkregen, blijven de artikelen 39, eerste lid, en 103, eerste lid, onderdeel a, van de Mediawet, zoals deze luidden op dag voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, van toepassing voor de duur van de erkenning.
2.
Ten aanzien van omroepverenigingen die op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet een erkenning als bedoeld in artikel 31, eerste lid, van de Mediawet, hebben verkregen op grond van artikel V, tweede lid, van de wet van 23 maart 2000 tot wijziging van de Mediawet in verband met de invoering van een vernieuwd concessiestelsel voor de landelijke publieke omroep (Stb. 138), blijft het zevende lid van laatstgenoemd artikel van toepassing voor de duur van de erkenning.
1.
Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, waarbij aan artikelen of onderdelen daarvan terugwerkende kracht kan worden verleend tot en met een bij dat besluit te bepalen tijdstip. In dat besluit wordt zonodig toepassing gegeven aan artikel 16 van de Tijdelijke referendumwet.
2.
Deze wet vervalt met ingang van 1 september 2008. Indien de met ingang van 1 september 2005 te verlenen erkenningen en voorlopige erkenningen, bedoeld in de artikelen 31 en 37 van de Mediawet, op een later tijdstip dan het in de eerste volzin genoemde tijdstip vervallen, vervalt deze wet op dat latere tijdstip.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te 's-Gravenhage, 9 december 2004
De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap ,
Uitgegeven de eenentwintigste december 2004
De Minister van Justitie
Inhoudsopgave
Artikel I
Artikel II
Artikel III
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht