Wet van 14 december 2001 tot wijziging van belastingwetten c.a. (Belastingplan 2002–III Natuur, milieu en vervoer)
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het in het kader van het fiscale beleid voor het jaar 2002 wenselijk is maatregelen te treffen inzake natuur, milieu en vervoer;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel I
[Wijzigt de Wet inkomstenbelasting 2001.]
Artikel II
[Wijzigt de Wet op de loonbelasting 1964.]
Artikel III
[Wijzigt de Wet belastingen op milieugrondslag.]
Artikel IV
[Wijzigt de Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992.]
Artikel V
[Wijzigt de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994.]
Artikel VI
[Wijzigt de Wet op de accijns.]
Artikel VII
[Wijzigt de Wet tijdelijke fiscale stimulering van de aankoop van schone personenauto's en bestelauto's.]
Artikel VIIA
[Wijzigt de Coördinatiewet Sociale Verzekering.]
Wet op de motorrijtuigenbelasting van Wijzigingswet Wet Belastingplan 2002-III Natuur, milieu en vervoer">
Artikel VIII. Overgangsrecht Wet op de motorrijtuigenbelasting
In afwijking van artikel 83 van de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994 wordt teruggaaf van motorrijtuigenbelasting verleend over tijdvakken die nog niet zijn aangevangen op 1 januari 2002 met betrekking tot personenauto's als bedoeld in artikel 23 van deze wet. De teruggaaf bedraagt het verschil tussen de betaalde belasting en de belasting die is verschuldigd op grond van artikel 23 van voornoemde wet.
1.
Artikel VI, onderdelen A en B, vindt toepassing voordat artikel 27a van de Wet op de accijns bij het begin van het kalenderjaar 2002 wordt toegepast.
2.
Artikel 84b van de Wet op de accijns vindt geen toepassing op de in artikel VI, onderdeel A, tweede lid, bedoelde verlaging van de accijns.
1.
Deze wet treedt in werking met ingang van 1 januari 2002.
2.
In afwijking van het eerste lid treden artikel I, onderdelen D en E in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip dat zo nodig terugwerkende kracht heeft tot 1 januari 2002.
3.
In afwijking van het eerste lid treedt artikel I, onderdeel F, in werking met ingang van 1 januari 2002 en werkt terug tot en met 1 januari 2001.
4.
Artikel III, onderdeel B, vindt toepassing nadat artikel 37a van de Wet belastingen op milieugrondslag bij het begin van het kalenderjaar 2002 is toegepast.
5.
In afwijking van het eerste lid treedt artikel III, onderdelen F, G en K, eerste lid, eerste volzin, en tweede lid, in werking met ingang van 1 januari 2002 en werkt terug tot en met 1 januari 2001.
6.
In afwijking van het eerste lid treedt artikel III, onderdelen H, eerste lid, J, derde en vierde lid, en M, in werking op een bij koninklijk besluit vast te stellen tijdstip, dat voor de verschillende onderdelen verschillend kan worden vastgesteld, en werkt terug tot en met 1 januari 2001. Indien artikel III, onderdelen H, eerste lid, J, derde en vierde lid, of M eerder in werking treden dan artikel XI, onderdelen F, eerste lid, I, of de in onderdeel O opgenomen afdeling 13 van hoofdstuk Va van de Wet belastingen op milieugrondslag van de Wet van 14 december 2000 tot wijziging van belastingwetten c.a. (Belastingplan 2001) , wordt in het in de eerste volzin genoemde besluit bepaald dat onderdelen F, eerste lid, I, of het in onderdeel O opgenomen tweede en vierde lid van artikel 36t van afdeling 13 van hoofdstuk Va van de Wet belastingen op milieugrondslag van de Wet van 14 december 2000 tot wijziging van belastingwetten c.a. (Belastingplan 2001) vervallen.
7.
In afwijking van het eerste lid treedt artikel III, onderdeel J, tweede lid, in werking op een bij koninklijk besluit vast te stellen tijdstip.
9.
In afwijking van het eerste lid treedt artikel VI, onderdelen C tot en met F, in werking met ingang van 1 oktober 2002.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te 's-Gravenhage, 14 december 2001
De Staatssecretaris van Financiën,
Uitgegeven de eenentwintigste december 2001
De Minister van Justitie,
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk 1. Fiscale wetgeving
+ Hoofdstuk 1A. Sociale zekerheidswetgeving
+ Hoofdstuk 2. Overgangs- en slotbepalingen
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht