Wet van 21 april 1993, tot wijziging van de Wet milieubeheer (instelling Raad voor het milieubeheer)
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het ter bevordering van een adequate advisering ten aanzien van de hoofdlijnen van het te voeren milieubeleid wenselijk is de taak, samenstelling en omvang van de Centrale raad milieubeheer te herzien;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel I
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]
1.
In afwijking van artikel 2.6, eerste lid, van de Wet milieubeheer wordt voor de eerste maal, nadat deze wet in werking is getreden, de in dat artikel bedoelde voordracht tot benoeming van de voorzitter gedaan zonder dat de raad is gehoord.
2.
In afwijking van artikel 2.6, derde lid, van de Wet milieubeheer worden voor de eerste maal, nadat deze wet in werking is getreden:
a. ten hoogste zeven leden voor een periode van drie jaren, en
b. ten hoogste zeven leden voor een periode van vier jaren benoemd.
Artikel III
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]
Artikel IV
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]
Artikel V
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]
Artikel VI
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]
Artikel VII
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]
Artikel VIII
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]
Artikel IX
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]
Artikel X
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]
Artikel XI
[Bevat wijzigingen in andere regelgeving.]
Artikel XII
Deze wet treedt in werking met ingang van 1 mei 1993. Indien het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 30 april 1993, treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst, en werkt zij terug tot en met 1 mei 1993.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te 's-Gravenhage, 21 april 1993
De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,
Uitgegeven de vierde mei 1993
De Minister van Justitie,
Inhoudsopgave
Artikel I
Artikel II
Artikel III
Artikel IV
Artikel V
Artikel VI
Artikel VII
Artikel VIII
Artikel IX
Artikel X
Artikel XI
Artikel XII
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht