91 artikelen

Zoek naar volledige regelingen artikelen artikel-leden
  1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10   »
Artikel 1, Besluit rechtspositie College voor de rechten van de mens     Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: • a. burgerlijke rijksambtenaren: degenen die door het Rijk zijn aangesteld om in burgerlijke openbare dienst werkzaam te zijn; • b. College: College voor de rechten van de mens, genoemd in artikel 1 van de wet ; • c. Onze Minister: Onze Minister van Veiligheid en Justitie; • d. wet: Wet College voor de rechten va... BWBR0031966
Artikel 2, Besluit rechtspositie College voor de rechten van de mens     Artikel 2 • 1. Een lid of een plaatsvervangend lid van het College legt voorafgaand aan de datum van indiensttreding de eed of belofte af volgens het formulier zoals dat is vastgesteld in de bijlage bij dit besluit. • 2. De voorzitter van het College legt de eed of belofte af ten overstaan van Onze Minister. De andere leden en de plaatsvervangende leden van het College leggen de ... BWBR0031966
Artikel 3, Besluit rechtspositie College voor de rechten van de mens     Artikel 3 Onze Minister verstrekt aan een lid of plaatsvervangend lid van het College afschrift van het koninklijk besluit waarbij hij is benoemd tot voorzitter, ondervoorzitter of lid onderscheidenlijk plaatsvervangend lid. Voorts doet Onze Minister aan een lid van het College schriftelijk mededeling van de standplaats, het salaris en de arbeidsduur waarvoor hij wordt aangesteld. BWBR0031966
Artikel 4, Besluit rechtspositie College voor de rechten van de mens     Artikel 4 • 1. Een lid van het College wordt door Onze Minister aangesteld voor een arbeidsduur van ten hoogste gemiddeld 36 uren per week. • 2. Op eigen verzoek kan de arbeidsduur waarvoor een lid van het College is aangesteld, door Onze Minister worden gewijzigd. • 3. Onze Minister neemt een besluit als bedoeld in het eerste of tweede lid niet dan nadat hij hierover het ... BWBR0031966
Artikel 5, Besluit rechtspositie College voor de rechten van de mens     Artikel 5 De voorzitter van het College verdeelt de werkzaamheden van de leden en de plaatsvervangende leden van het College. BWBR0031966
Artikel 6, Besluit rechtspositie College voor de rechten van de mens     Artikel 6 De leden van het College hebben aanspraak op vakantie en verlof overeenkomstig de bepalingen die terzake gelden voor burgerlijke rijksambtenaren. De bevoegdheden die op grond van de eerste volzin van toepassing zijn, met uitzondering van de bevoegdheid om regels of nadere regels te stellen, worden uitgeoefend door de voorzitter van het College. BWBR0031966
Artikel 7, Besluit rechtspositie College voor de rechten van de mens     Artikel 7 • 1. Een lid van het College kan worden verplicht te gaan wonen of te blijven wonen in of nabij de gemeente die hem als standplaats is aangewezen, indien dit naar het oordeel van Onze Minister noodzakelijk is in verband met de goede vervulling van zijn ambt. • 2. Het lid aan wie een verplichting als bedoeld in het eerste lid is opgelegd, voldoet daaraan zo spoedig mogel... BWBR0031966
Artikel 8, Besluit rechtspositie College voor de rechten van de mens     Artikel 8 • 1. Indien de voorzitter van het College wegens ziekte of om andere redenen verhinderd is zijn werkzaamheden te verrichten, geeft hij daarvan zo spoedig mogelijk kennis aan Onze Minister. Indien een ander lid verhinderd is zijn werkzaamheden te verrichten, geeft hij daarvan zo spoedig mogelijk kennis aan de voorzitter. • 2. Ten aanzien van de leden van het College is h... BWBR0031966
Artikel 9, Besluit rechtspositie College voor de rechten van de mens     Artikel 9 Aan een lid of een plaatsvervangend lid van het College wordt, behoudens in geval van herbenoeming, geacht ontslag te zijn verleend zodra zijn benoemingstermijn is verstreken. BWBR0031966
Artikel 10, Besluit rechtspositie College voor de rechten van de mens     Artikel 10 Ten aanzien van de leden van het College is het Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid van rechterlijke ambtenaren van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat onder ¬ębetrokkene¬Ľ wordt verstaan: het lid van het College dat ten gevolge van ontslag, niet zijnde ontslag op eigen verzoek, of ongeschiktheid tot het verrichten van arbeid wegens ziekte, werkl... BWBR0031966
  1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10   »