Let op. Deze wet is vervallen op 1 januari 2013. U leest nu de tekst die gold op -.

Uitvoeringsbesluit verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken

Uitgebreide informatie
Artikel 13
Vrijstelling van belasting ter zake van de uitslag en de invoer van vruchte- en groentesappen die kennelijk zijn bestemd om te worden gebruikt als aanvulling op kindervoeding, voor medicinale doeleinden of anders dan om te worden gedronken, wordt verleend indien die bestemming blijkt uit de kleinhandelsverpakking en de presentatie van het produkt.
1.
Vrijstelling van belasting ter zake van de uitslag en de invoer van:
a. vruchte- en groentesappen die worden gebruikt voor het vervaardigen van vruchte- of groentesappen als bedoeld in artikel 28 van de wet; en
b. alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak die worden gebruikt als grondstof voor het vervaardigen van andere goederen dan alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak,
wordt verleend indien degene die deze goederen betrekt in het bezit is van een vergunning van de inspecteur waaruit blijkt dat hij de desbetreffende goederen met vrijstelling mag betrekken met inachtneming van de in het tweede tot en met vijfde lid opgenomen voorwaarden.
2.
Om de in het eerste lid bedoelde vergunning te kunnen verkrijgen dient de administratie van degene die om de vergunning verzoekt zodanig te zijn ingericht dat daarin op overzichtelijke wijze de gegevens omtrent alle voor de vrijstelling van belasting van belang zijnde bedrijfshandelingen zijn opgenomen. Daarin moeten in ieder geval de gegevens zijn opgenomen omtrent de betrokken alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak en omtrent de daarvan vervaardigde alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak dan wel andere goederen.
3.
Voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel a , is artikel 13 van overeenkomstige toepassing op de door degene die de goederen met vrijstelling betrekt vervaardigde vruchte- en groentesappen.
4.
Degene die de alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak met vrijstelling betrekt dient zekerheid te stellen voor de belasting die hij verschuldigd kan worden. De artikelen 56, vijfde tot en met achtste lid, en 57 tot en met 60 van de Wet op de accijns zijn van overeenkomstige toepassing.
5.
Met betrekking tot het brengen van alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak vanuit een inrichting, een derde land, een andere lid-staat, een entrepot of een plaats voor tijdelijke opslag naar degene die de goederen met vrijstelling betrekt, zijn de artikelen 2, 5, 8 en 10 van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat het nummer van de vergunning van degene die de alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak met vrijstelling mag betrekken dient te worden vermeld op de vervoersopdracht of het bescheid, dan wel dient te worden opgenomen in de administratie van de inrichting van waaruit de alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak worden overgebracht met overeenkomstige toepassing van artikel 2, vijfde lid.
Artikel 15
Vrijstelling van belasting ter zake van de uitslag of de invoer van alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak die worden gebruikt aan boord van schepen in het verkeer van Nederland naar een andere lidstaat, anders dan over de binnenwateren, wordt verleend indien:
a. de eigenaar of exploitant van het schip of zijn vertegenwoordiger aan boord van het schip verklaart dat de aan hem te leveren alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak worden gebruikt voor het in de aanhef bedoelde gebruik;
b. de verklaring in tweevoud geschiedt met gebruikmaking van een door de vergunninghouder van de inrichting opgesteld bescheid ingeval van uitslag of met gebruikmaking van een door degene die de levering verricht opgesteld bescheid ingeval van invoer;
c. de eigenaar of exploitant van het schip of zijn vertegenwoordiger aan boord van het schip beide exemplaren van de verklaring ondertekent; en
d. een exemplaar op overzichtelijke wijze wordt bewaard bij de administratie van de vergunninghouder van de inrichting ingeval van uitslag en bij de administratie van degene die de aangifte tot plaatsing onder de douaneregeling brengen in het vrije verkeer doet, ingeval van invoer. Het andere exemplaar wordt op overzichtelijke wijze bewaard bij de administratie aan boord van het schip.
Artikel 16
Vrijstelling van belasting ter zake van de uitslag of de invoer van alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak die worden gebruikt aan boord van luchtvaartuigen in het verkeer van Nederland naar een andere lidstaat wordt verleend indien:
a. de eigenaar of exploitant van het luchtvaartuig of zijn vertegenwoordiger aan boord van het luchtvaartuig verklaart dat de aan hem te leveren alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak worden gebruikt voor het in de aanhef bedoelde gebruik;
b. de verklaring in tweevoud geschiedt met gebruikmaking van een door de vergunninghouder van de inrichting opgesteld bescheid ingeval van uitslag of met gebruikmaking van een door degene die de levering verricht opgesteld bescheid ingeval van invoer;
c. de eigenaar of exploitant van het luchtvaartuig of zijn vertegenwoordiger aan boord van het luchtvaartuig beide exemplaren van de verklaring ondertekent; en
d. een exemplaar op overzichtelijke wijze wordt bewaard bij de administratie van de vergunninghouder van de inrichting ingeval van uitslag en bij de administratie van degene die de aangifte tot plaatsing onder de douaneregeling brengen in het vrije verkeer doet, ingeval van invoer. Het andere exemplaar wordt op overzichtelijke wijze bewaard bij de administratie van de eigenaar of exploitant van het luchtvaartuig.
1.
Vrijstelling van belasting ter zake van de uitslag en de invoer van alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak die worden gebruikt voor onderzoek, kwaliteitscontroles en smaaktesten buiten een inrichting wordt verleend indien de vergunninghouder van de inrichting van waaruit de alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak worden uitgeslagen dan wel degene die de goederen invoert, in het bezit is van een vergunning van de inspecteur waaruit blijkt dat hij de desbetreffende goederen met vrijstelling mag uitslaan dan wel invoeren.
2.
De vergunning wordt op verzoek verleend. In het verzoek om de vergunning worden vermeld:
a. de soort, de hoeveelheid en de voor de heffing van belang zijnde samenstelling van de alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak;
b. de naam en het adres van de plaats waar de alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak zullen worden onderzocht, gecontroleerd of getest;
c. de aard en het doel van het onderzoek, de controle of de test; en
d. de bestemming van de eventueel resterende alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak na afloop van het onderzoek, de controle of de test.
3.
Bij het verzoek om de vergunning moet de schriftelijke opdracht voor de in het eerste lid bedoelde onderzoeken, controles of testen worden overgelegd.
4.
De vergunning kan worden verleend voor een bepaalde periode of voor periodiek wederkerende onderzoeken, controles of testen. De in het tweede lid bedoelde opdrachten dienen alsdan afzonderlijk per onderzoek, controle of test uit de administratie te blijken.
5.
De alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak die na afloop van de in het eerste lid bedoelde onderzoeken, controles of testen resteren moeten na de onderzoeken, controles of testen worden overgebracht naar een inrichting, worden uitgevoerd of onder ambtelijk toezicht worden vernietigd.
Inhoudsopgave
+ Hoofdstuk I. Algemene bepalingen
+ Hoofdstuk II. Inrichting
- Hoofdstuk III. Vrijstellingen en teruggaven
+ Hoofdstuk IV. Bijzondere bepalingen
+ Hoofdstuk V. Ontheffing verbodsbepalingen
+ Hoofdstuk VI. Strafbepalingen
+ Hoofdstuk VII. Slotbepalingen
Juridisch advies nodig?
Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag
Geschiedenis

Geschiedenis-overzicht